Saturday, September 04, 2010

U denkt dat wij iets nieuws naar voren brengen? In 1889 schreef Lodewijk van Deyssel de Rolduc roman ‘De kleine republiek’. Deze titel maakt al veel duidelijk en wijst op de scheiding tussen kerk en staat maar die een artificieel, op zichzelf staand leven is gaan leiden. Leven wij in een rechtstaat of in de kerkstraat, laat in deze roman geen twijfel over bestaan...de kerk doet gewoon waar ze zin in heeft.

Portret van Lodewijk van Deyssel op 29-jarige leeftijd, door Jan Veth (1893)

Vandaag kwam ik erachter dat ik 756 bladzijden vol gepend heb met stukken voor mijn blog. Nu heb ik de laatste maanden hulp en bijdrages gehad van o.a Annemie, Marjan, Joke, Willem, Marjolein, Peter, San en er volgen nog meer artikelen en Belgische stuxkes en een nieuwe serie over grote gezinnen. Tijd speelt een cruciale rol bij het schrijven, soms zou ik willen dat de voorstelling over het hiernamaals zoals die mij is bijgebracht: OLv Heer op een wolkenzetel met veel zachte engelen om hem heen, praktisch oproepbaar was om op een wolk boodschappen te gaan doen, zoevend door de stad, schrijvend met engelenhaar niet gehinderd door een hongerig ego, mijn schrijfsels in chocolade letters over iedereen uit te strooien. Al wil ik meestal teveel, veel te veel; schrijven, muziek maken, met iedereen praten en zwijgend door het bos lopen vooral als de avond valt en paden onder je voeten wegzakken, denk ik na en na...over and over again! De verhalen en verzoeken blijven binnenstromen bij meaCulpa en het vervelende is dat we soms argumenten moeten herhalen, nog eens, over and over again. Ik probeer dan een variatie te bedenken of een argument sterker te maken, maar sommige dingen gaan traag, maar dan zie ik weer het voordeel van de traagheid als energie! Een schitterend voorbeeld is het adagio of tweede gedeelte van de Eroica van Beethoven. Dit trage, zeer meeslepende spel van stemmen die elkaar wanhopig vasthouden, storten in elkaar als het diepst van de nacht in je ziel is binnen gedrongen. De morgen komt, roept de wanhopige, ene stem naar de andere, hoopvolle stem...maar die moet zich wel nog manifesteren. Zo ervaar ik de strijd tegen het bolwerk van ‘zedelijk voortreffelijke soort’, die de slachtoffers / overlevers minachten door ze met commissies fijn te malen en Hulp en recht te bieden met een fopspeen toen men slachtoffers van priesters lieten behandelen door....priesters. Hoe stom kun je zijn of beter hoe verdomd arrogant. Hun verontwaardig gedraai van ‘we weten niets’, of de improvisaties van Danneels laten zien dat ze de morele autoriteit kwijt zijn. De jongleurs van het Vaticaan willen hun kunstje blijven doen; ‘komt dat zien vanavond’, lijkt het heilige circus door de stadspoorten te roepen, de dorpsklokken galmen door luidruchtige straten en pleinen worden gevuld met deze noodkreet om hun positie te bewaren. Het dak lekt en nu zeiken ze de vloeren nat, nu we de strijd aanbinden, maar als we het over betalen hebben...betalen we niet allemaal een prijs en vraagt iemand dan van de ‘voortreffelijk zedelijken’ hoe we ons voelen? Ik las dat de pastoor zei: ‘niemand is naar me toe gekomen’? ‘Oh martelaar der voortreffelijken, ik heb menig maal aan uw deur geklopt, hij ging open maar dat was alleen om de boel te kunnen managen. Je kunt er beter contact mee houden dan het gelijk afwijzen, moet hij gedacht hebben. ‘Is er dan iemand bij mij geweest? Een voorstel om dossiers naast elkaar te leggen? Ach ik ben naief maar wat nu? ‘Wanneer komt er rust in de tent’, zo kijken we twee dagen naar een Christelijke Deur die maar niet wil opengaan. Zo wachten we al decennia op een antwoord, en er komt geen kick. Answer, no answer.

Misbruik, ze vinden het verschrikkelijk maar ik daag ze uit...geef ons het adres van de verantwoordelijken voor deze crisis in de kerk of moeten we schrijven naar ‘de kleine republiek’ want die staat in de staat heeft de kerk blijkbaar geërfd. We sturen u een uitnodiging namens alle slachtoffers / overlevers om u te melden...niet bij Deetman maar bij ons, alle misbruikten en mishandelden over de hele wereld. Van Amerika tot Ierland, Duitsland die heimat der Papst. Van Polen dat nog niet gesproken heeft en Belgie mensen rechten in de kerk, het meaCulpa luidt het vesper...de stille gebeden dat het zou ophouden...toen en daarna ging het een hele leven door.

Een ding.....soms een beetje rust in het hoofd van al deze mensen brengen...anders blijft de Christelijke deur gesloten.

9/4/2010 12:55:46 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback
 Friday, September 03, 2010

Er is geld nodig om onze zaak op een efficiente manier te kunnen vervullen...wij hebben u steun nodig. Met een aantal mensen zijn wij MeaCulpa United dag in dag uit bezig dossiers rond te krijgen en iedereen te beantwoorden. Graag roepen wij u op ons te helpen.

'help is no shame for the surviver'

abn / amro rek nr. 59 25 95 161

9/3/2010 12:34:26 PM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback

De Huisvriend. (3)

SCHULDPATRONEN ONTWIKKELEN, ONTKENNEN en ONDERKENNEN, OVERWINNEN

ONTKENNEN en ONDERKENNEN (2)

28 jaar was ik, angstig als een bang vogeltje, getrouwd, 2 kinderen van bijna vijf en 2 jaar, wat mij alles was, werd ik begin april 1980 opgenomen op de Paasafdeling (Psychiatrie) in het ziekenhuis te Doetinchem. Ons zoontje was net thuis van een ziekenhuisopname omdat hij al heel lang aan de diaree was en uiteindelijk paratyfus had en aan het infuus moest. Ook hier vond ik dat het mijn schuld was. Ik draaide helemaal door, voelde me van top tot teen schuldig, vertrouwde mezelf voor geen cent maar zag wel de droevige en angstige blik in de ogen van mijn eigen dochtertje die inmiddels onbewust al het een en ander meegekregen had. Verlatingsangst ten opzichte van mij had bezit van haar genomen. Zij voelde het haarscherp aan en zij begon ook angst voor de dood te krijgen. En ik maakte mezelf wijs dat het allemaal mijn schuld was. Ik vertrouwde geen mens meer en was bang voor de psychologen, psychiaters en hulpverleners. Ik had het idee dat iedereen iets van mij moest wat ik niet waar kon maken. Het ergste vond ik nog dat ik geen controle meer had bij het opvoeden van mijn eigen kinderen. Ik kon ze niet meer in de gaten houden en het idee dat iemand, wie dan ook, iets met mijn kinderen zou uitvreten was onverteerbaar. Ik kreeg zelfs wantrouwen ten opzichte van mij eigen man. Ik had niets meer in eigen hand. Ik kwam een paar keer in een psychose waar ik echt vlammen zag branden die de hel voorstelden. Ik was broodmager geworden en ik heb een poging gedaan om mijn man een brief te schrijven dat ik het niet waard was zijn vrouw te zijn en dat hij maar een ander leven moest opbouwen met iemand anders nadat ik een handvol pillen had geslikt toen ik even voor een paar uurtjes thuis was geweest. Mijn man wist ook niet meer hoe hij met mij om moest gaan en hij bracht mij in paniek terug naar het ziekenhuis. De brief heb ik kapot gescheurd eigenlijk niet wetende waarom.

Ik had mezelf wijsgemaakt dat ik nooit, maar dan ook nooit meer uit dit gekkenhuis zou komen en voelde me meer gevangen dan ooit. Ik was eraan gewend geraakt mijzelf het zo moeilijk mogelijk te maken. Ik zat op de open afdeling van het ziekenhuis, mocht naar buiten en besloot dat het voor iedereen het beste zou zijn dat ik zou verdwijnen van deze planeet. Had niemand meer last van mij.

Geloof me, het is niet makkelijk wat ik nu ga vertellen maar het is volgens mij de enige manier om kenbaar te maken wat de impact was bij mezelf, bij mijn man en onze kinderen. Hoe de ingewortelde patronen herbeleefd dienden te worden zodat daarna de genezing kon plaatsvinden van een mens die als kind van vier in zijn hele jonge jaren 4 jaar lang misbruikt is. Dus ik ga ervoor om het in de openbaarheid te gooien. Ik heb voor hetere vuren gestaan, en ik heb mezelf eigen gemaakt om naar mijn intuïtie, mijn eigen stem, te luisteren want dit is het enige echte ware geloof, de ware God, ook wel liefde genoemd, die in ieder mens huist of je nu katholiek, rooms of slapjes , protestant, joods, islamiet, hetero of homo, gehandicapt, blank, zwart, geel of pimpelpaars bent. Maakt absoluut helemaal niets uit. We mogen er allemaal zijn. Een ieder is gelijk. We dienen naast (denk aan naast-en-liefde) elkaar te leven en vooral niet boven of onder iemand anders. We zijn hier ons lang niet altijd van bewust. Dit is wel niet in het straatje van het Vaticaan en zijn discipelen . Maar Rome, wij “kome” want indien dit wel in jullie straatje zou zijn dan was al het leed allang grotendeels opgelost. Daders van misbruik zijn over het algemeen in hun jonge jaren ook slachtoffer geweest van misbruik op welke manier dan ook. Het is dus een must dat de paus, kardinalen en hun bisschoppen oproepen en aangiften moeten doen over heel de wereld, en moeten blijven doen van diegenen die zich schuldig hebben gemaakt aan misbruik. Eerst moet de puist openbarsten. Wij voelen wel aan of dit oprecht is of niet, daar hebben we onze intuïtie voor. De deksel moet compleet van de doofpot af en van de doofpot afblijven. Dan pas kunnen we leren vergeven en doen we tevens recht aan de priesters die hier part nog deel aan hebben. Dit alles is op zichzelf al een heel proces en dat doe je niet zomaar. Dit heeft mij ongeveer vijfentwintig jaar gekost om dit in te zien en kan nu oprecht zeggen dat ik zelfrespect heb.

Ik had dus besloten uit het leven te stappen omdat de depressies en angsten niet te harden waren en ik ervan overtuigd was dat mijn man en kinderen beter hadden verdiend.. Ik nam de keus om mijzelf het niet te makkelijk te maken want dat had ik niet verdiend. Ik moest hard voor mezelf zijn. Straf had ik verdiend. Ik ging naar de winkel en kocht een mes. Liep dolend rond en ging achter een gebouw zitten. Daar zag ik wat kinderen en heb ze weggestuurd. Hier wilde ik deze mensjes niet mee belasten. Ik heb mijn polsen zo bewerkt dat de honden er geen brood van lustten. Ik weet nog precies wat ik tijdens het bewerken dacht. Ik voelde me zo ziek en beroerd, ik vond dit leven erger dan de hel, en in de hel zou ik toch komen was mij beloofd, tenslotte had ik het geheim thuis verteld en dat was erger dan de doodzonde en dit zat als een blok beton in mij. Beroerder dan dit kon ik me niet voelen, dan maar naar de hel was mijn besluit. Ik heb van het snijden in mijn polsen geen spatje pijn gevoeld. Alleen ontzettende kwaadheid door heel mijn lijf omdat het mij maar niet lukte. Ik wilde zo ontzettend graag dood. Ik schold mezelf verrot. Ben in een waas weer teruggelopen en heb een auto aangehouden en de chauffeur verzocht mij naar het ziekenhuis terug te brengen, vertellende dat mijn zelfmoordpoging was mislukt.. Mijn man was inmiddels door het ziekenhuis ingelicht omdat ik vermist werd . Hij vermoedde wat er gaande was. Overal heeft hij mij gezocht. Heel Doetinchem doorgelopen, langs de IJssel door de bossen , in de stad. Nadat alle hechtingen in mijn polsen zaten was mijn man inmiddels ook in het ziekenhuis. Hij was, achteraf begrijpelijk, ontzettend kwaad. Hij wilde mij zowaar niet kwijt en gaf mij de trouwring terug die ik hem teruggegeven had. Ik beloofde braaf dat ik dit nooit meer zou doen. Wat moet dit voor hem een belasting geweest zijn. Daarna heb ik nooit meer een poging gedaan, maar de drang was nog lange, lange tijd aanwezig. De psychiater deelde mij mede dat het nu beter was om naar Warnsveld ,een psychiatrisch -centrum te gaan omdat ik nu toch wel rare dingen had gedaan. Ik wilde dit helemaal niet, maar stemde wel toe. Wat moest ik anders. Weer schreeuwend, maar dan in de ziekenauto ging ik richting Warnsveld op de intensive care. Dit was mijn straf!! Het ging door mijn hoofd: Gek, hel, dood, eigen schuld. Ik dwong mijn man een pistool te kopen en mij dood te schieten. Hoe ver kun je zinken. De intensive care bestond uit een lang gebouw, zware deuren, bedden langs elkaar, een huiskamer, isoleercellen en verpleging die je in de gaten hielden. Ik beleefde dit als een gevangenis. Deed soms af en toe letterlijk in mijn broek en heb een heftige epileptische aanval gehad. Wist soms niet meer of ik een man of vrouw was. Voor controle van mijn polsen ging er verpleging als oppas mee naar het Spitaal in Zutphen. Af en toe mocht ik even naar huis. Had weinig tot geen vertrouwen in mezelf, was bang gekke dingen te gaan doen, en kreeg een aantal seresta’s om me iets rustiger te voelen Mijn eigen kinderen trokken inmiddels meer naar de hulp die in huis was als naar mij. Ik kreeg het gevoel dat ik ook hen kwijtraakte. Ik kreeg later het lef om aan de psychiaters mijn verleden te vertellen. Niets, maar dan ook niets werd er mee gedaan. Psychiatrie en kerk konden in geen geval met elkaar communiceren. Twee verschillende werelden! Ik wist dat ook pater Otten nog steeds actief was in de omgeving Doetinchem. Ik had zo de enorme behoefte om gehoord te worden! Niemand maar dan ook niemand heeft ooit ook maar één maal contact opgenomen met de abdij of met de pater zelf. Ik ben letterlijk en figuurlijk een dominee nagerend die op dat moment aanwezig was. Allemaal schouderophalend. Zo ontzettend vaak ben ik erover begonnen, maar niemand kende er het bestaan van. Inmiddels was het ook al verjaard. Ik praat hier over de jaren tachtig. Zelfs jaren later nog een gesprek met pastor Jongerius uit Doetinchem gehad. Hij had wel een goede therapeute voor mij vond hij. Daar zat ik even niet op te wachten. Ik wilde dat er een halt toegeroepen werd en dat ik zeker wist dat de pater in kwestie bij kinderen uit de buurt bleef. We werden door niemand serieus gehoord ! Anno 2010 is dit nog steeds een probleem. Verwijt me dus nooit met de vraag van waarom kom je er nu pas mee??!!!. Is al zo lang geleden, moet dat nu nog?? Heb ik inmiddels vaak genoeg gehoord!. Wist ik maar hoe het aan te pakken dan was dat allang gebeurd. Neemt niet weg dat mijn man en een aantal familieleden het niet meer wisten wat te doen. Hadden de verhalen al zo vaak gehoord. Ik heb geprobeerd er altijd open in te zijn. Ik voelde me ook onzeker worden omdat ik niet helemaal zeker wist of mijn man een keer op hem af zou stappen en wat gebeurt er dan?? Ik wist inmiddels ook dat erover praten, ook al is het duizend keer mijn probleem niet opgelost was. Er moest meer gebeuren, maar hoe wat en wanneer. There must be another way!!!! But how? Wist ik toen maar wat ik nu wist, dan had ik geweten wat te doen. Eigenlijk heb ik alles bijna alleen op moeten knappen zoals u verder in mijn verhaal kunt lezen.

Het beste zou zijn geweest dat ik zelf naar Pater Otten zou zijn gegaan. Maar ik was bang voor hem. Bang dat hij, zelfs toen ik al veertig was, dat hij aan de deur zou staan. Ik dacht dat ik mezelf voor hem moest verantwoorden. Te gek voor woorden vond ikzelf, maar het was gevoelsmatig. Na een half jaar opname kon ik naar huis. Ging met mij allemaal wat beter, voelde wat verlichting, ging op yoga, liep bij magnetiseurs, volgde diverse therapieën, Riag, nog een opname van een paar weken en wist uiteindelijk dat ik het helemaal zelf op moest knappen. Ik kwam af en toe weer in een depressie, rookte ontzettend veel. Hield niet echt op. Ik besloot wederom mijn angstgevoelens zoveel mogelijk te verbergen.

Ik besloot de pater in kwestie zelf te bellen. Eerst gewacht tot de kinderen naar school waren en mijn man naar het werk. Ik wilde hen er niet mee belasten. Ik belde de pater en ik herkende zijn zalvende stem. Ik heb zwetend, met een kwade stem, hem gevraagd waarom hij die dingen met mij uithaalde!!. Hij wist zich van de prins geen kwaad en kon zich niets herinneren!! Ik ben zo ontzettend kwaad geworden en heb hem geconfronteerd met de situaties die toen speelden. Zowaar, hij kon zich iets herinneren. Maar, ik was echt de enige geweest dat was zeker zei hij. Niet met Berlijnse kinderen, niet mijn broer die overleden was. Hij loog, dat wist ik. Verder vroeg hij mij meteen of ik hem wilde vergeven. Ik heb hem toegeschreeuwd dat hij met de poten van andere kinderen af moest blijven en heb de haak erop gegooid. Ik ben toen naar de keuken gerend en heb mijn polsen die onder de littekens zitten onder stromend koud water gehouden. Ergens voelde ik dat dit het begin was van mijn genezing. Was inmiddels gestopt met roken. Maar in mijn lijf zaten nog veel te veel onopgeloste schuldgevoelens en patronen waar ik me niet bewust van was. En wist ik nu echt dat hij niet met kinderen in aanraking was? Ik wist immers dat hij loog!

Inmiddels deed ik, hoe gek het ook klinkt, wat vrijwilligerswerk voor de kerk. Voor het dekenaat in ’s-Heerenberg Ik had inmiddels een paar kantoorbaantjes en deed de boekhouding/administratie hiervoor wat mij wat zelfvertrouwen gaf. Ik kon iets en ik leverde goed werk. Ik had iets om trots op te zijn! Ik kwam in gesprek met onze parochie-pastoor Tersteeg en vertelde hem dat ik nog last van depressies had. Hij was de eerste die mij wees op hulp en recht en heeft mij diezelfde middag nog een boekje in de brievenbus gestopt. Dit was halverwege de jaren negentig en ik was toen 45 jaar oud. Inmiddels had ik spirituele boeken gekocht en ging ermee aan de slag. Dit hielp mij. Oefenen, oefenen, oefenen! Ik wist inmiddels dat ik definitief uit de slachtofferrol moest stappen, actie moest ondernemen en wat er ook kwam: “Creëer zelfrespect, kom op voor jezelf”, ook al zal dit lang niet in één keer lukken.

Namens meaCulpa dank, hulde aan Joke Philipsen

9/3/2010 12:05:42 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Thursday, September 02, 2010

Omgekeerde wereld.

Een zeer vermogende organisatie blijkt verantwoordelijk voor jaren van gedogen en verbergen van ernstige zedenmisdrijven jegens vele kinderen die totaal afhankelijk van haar waren. De rechtsstaat verschuilde zich al die tijd achter het indrukwekkende imago van de organisatie. Ze beschermde de kinderen niet, zelfs niet die kinderen die er door de kinderrechter geplaatst waren, en schoof hun klachten jarenlang terzijde. De slachtoffers weten nu pas van elkaar dat ze niet de enigen waren, krijgen nu pas greep op hun immense verwarring en pijn en vertellen hun verhaal. De rechtsstaat blijft zich verschuilen omdat de zaken nu pas boven komen, en nu zijn ze verjaard. “Hadden jullie je niet eerder kunnen melden?” zegt ze nu. “De wet maakt daarom nu toch zeker elke juridische actie onmogelijk?” Zij komt daarom nog steeds niet in beweging. De organisatie blijft iedereen een slag voor: ze stelt zelf een commissie van deskundigen in en noemt die commissie onafhankelijk. Die moet de verhalen van de klagers maar eens onderzoeken. Het is de omgekeerde wereld. Maar de rechtsstaat heeft weer een alibi. Deskundigen, dat moet toch goed zijn?

Binnen die organisatie staan er enkele leidinggevenden op die het imago van de organisatie toegedaan zijn maar ook de zaak van de slachtoffers met een medelijdend hart bezien. Dat maakt een nobele indruk, de organisatie schuift hen gauw naar voren en de commissie bouwt een vertrouwensrelatie met hen op. Ze vergeet voor de lieve vrede dat dit lager geplaatste leiders zijn die geen toegang hebben tot de gevoeligste informatie en geen doorzettingsmacht binnen de organisatie. De commissie is ongetwijfeld heel deskundig, en heeft veel medelijden met de slachtoffers. De organisatie heet Rooms Katholieke Kerk, een organisatie die ook goede werken op haar naam heeft staan. Als het om misdrijven gaat moet men er echter over denken als over elke andere organisatie. De commissie heet Commissie Deetman.

Door deze commissie in te stellen heeft de kerk de staat bewust buitenspel gezet.

Wat als die verjaring door de Kerk zelf en de aard van de misdrijven veroorzaakt is? Dan leent de commissie zich voor het doel van de Kerk om nog meer tijd te rekken. Ze raakt dan in een rol waarin ze zelf de hoop van de slachtoffers opnieuw helpt misbruiken en hen verder ontmoedigt.

Rechtsgang

Wij hebben lang genoeg gewacht en nemen nu zelf de zaak in de hand . We hebben ernstig misbruik ervaren. We zijn geschokt over de omvang van het misbruik van kinderen die van de wereld afgesneden werden en ernstig en langdurig misbruikt zijn. Misbruik dat een onvermijdelijk gevolg is van de wijze waarop deze organisatie haar nobele doelen nastreeft.

Respect er Recht

Ik heb geen twijfels over de goede wil van de commissie maar ik wil respect en geen medelijden. Ik wil opkomen voor mijzelf en mijn lotgenoten. Dat denk ik het beste te kunnen doen door steun te geven aan een eerste rechtsgang, waarin moet blijken wat verjaring betekent als ze veroorzaakt is door de daders. De aanklachten in deze zaak zijn door overlevers zelf verzameld en geordend. Daarmee hebben zij zelf hun recht op informatie vorm gegeven. Wanneer ze dat aan de aarzelende commissie hadden overgelaten, dan zouden ze nu nog lange tijd allemaal denken dat ze de enigen waren en dat er tegen dezelfde groep daders niet veel meer aanklachten waren. Waarheidsvinding en rechtsherstel zouden daarmee belemmerd zijn!

Vragen aan de commissie Deetman:

• Bezin u op uw uitgangspunten en de kans dat uw werk, ook als het deskundig is, verkeerde doelen van de Kerk dient ten koste van de overlevers. Respecteer de onderzoeken die in Ierland zijn gedaan: daar kent men het antwoord op deze vraag al. De kerk is een internationale organisatie. • Bedenk dat de uitspraken van de rechter in de eerste zaak die Mea Culpa United aanspant ook gevolgen zullen hebben voor hen die op uw steun rekenen en hun dossiers. • Ondersteun zonder uitstel de overlevers-zelforganisatie zoals die ook internationaal goed heeft vorm gekregen. Ze hervinden zelf hun moed! • Organiseer daar financiële ondersteuning voor. • Organiseer met spoed toegang tot deskundige hulpverlening aan de overlevers en hun naasten. • Geef overlevers maximaal informatie: nodig deskundigen uit als sprekers uit landen waar waarheidsvinding en rechtsherstel al tot een doorbraak gekomen zijn. Geef inzicht aan eenieder die een aanklacht heeft ingediend over de aantallen aanklachten tegen de zelfde dader of dadergroep. Mij heeft het opgelucht eindelijk meer meldingen te vinden van hetzelfde soort wreedheid en te horen wat dat met anderen heeft gedaan.

De stichting Mea Culpa United wil over deze zaken graag met u in gesprek. Haar speerpunt is nu, de belangen van de overlevers direct te dienen door een eerste gang naar de rechter.

Niet geweten hebben? Dat bestaat niet. Géén geweten hebben, dat bestaat! Daar helpt alleen de rechtsspraak tegen.

Annemie Knibbe

9/2/2010 12:11:34 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [3]  |  Trackback
 Wednesday, September 01, 2010

9/1/2010 10:20:14 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [5]  |  Trackback
Er zijn 25 congregaties van Franciscanen in dit land, waaronder 21 Franciscanessen, dus vier die we allemaal een kaartje kunnen sturen. Wij willen echter de gehele organisatie aanspreken omdat er sprake is van een immense doofpot. Als een feestdag van een heilige wordt gevierd jubelen ze toch ook samen. Nu er wat mindere zaken te verantwoorden zijn, geven ze niet thuis en duiken diep weg. De organisatie die wij aangesproken hebben, is een van de drie broeders lid. Dus wat het adres ook moge zijn, de takken hangen nog steeds aan een boom. Deze boom mag wat ons betreft groeien maar de rotte appels vallen vanzelf uit de boom, een beetje schudden kan helpen. Gezien Sinterklaas ook een kaartje van ons kan verwachten, hij is immers transperanter dan de Paus, wordt het tijd om de gehele katholieke structuur eens goed door te lichten. Ondertussen wordt Piet steeds zwarter...wie hem ook toegespeeld krijgt.

9/1/2010 12:38:26 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Tuesday, August 31, 2010
Broeders Tellen

Iedere morgen zat broeder Alphonsus tijdens de mis, de eucharastie viering, broeders te tellen. Waren ze er nog allemaal? Was weer een broeder overgeplaatst? Niemand sprak erover maar het moge duidelijk zijn, vaak was een broeder plotseling verdwenen. Rond 1960 woonden en werkten ruim twintig Franciscaner broeders op internaat St. Maria ter Engelen klooster te Bleijerheide. Meer dan zeventig jongens bevolkten de bedden en schoolbankjes van de vijfde, zesde en voorbereidende klas, de lagere school met broeder Servatius als prefect. Onder zijn leiding hebben we veel gedoucht, blote jongens waren we! De M.U.L.O telde nog meer leerlingen, flinke knapen die bij elkaar hingen op het schoolplein en waar de jongens van de lagere school niet bij mochten staan. Taalerupties over geslachtsdelen met pikante verwijzingen waren taboe voor de kleintjes. Communicatie liep geheel volgens andere wegen, daardoor leerde je te observeren. Het hoofd van de MULO was een streng heerschap, broeder Leonardus. Zijn loopstijl was uniek, als hij over het plein draafde kreeg je het gevoel dat een chique razia zou plaatsvinden. Zijn autoriteit kende geen tegenspraak. Er waren veel kleurrijke broeders op internaat zoals Bulletje de ziekenbroeder, alias de portier. Bijna ieder jongetje wist dat hij ieder schaafwondje van boven tot beneden observeerde en onderzocht. Je moest altijd terugkomen ter controle, het genezingsproces moest in de gaten worden gehouden...ach kom laten we ter zake komen....jaren later.

1)

Bij zieke broeder, het losmaken van de voorhuid van mijn piemel, moest vaak terugkomen ter controle Koorts metingen bij de rode hond die erg lang duurde. Een lap met ether voor mijn mond ( weet ech niet hoe ik hier bij kom. Kan er mijn vinger niet op leggen wat er is gebeurd maar ik moet huilen. Op de zesde klas was er een broeder die voor ons zorgde en heel lief was. Vaker op schoot gezeten, hij was lief en gaf de aai die ik nodig had bij mijn verdriet van heimee. Toch was het dubbel en ik weet niet meer waarom maar ik huil. Mijn leven is nooit goed op de rails geweest, ik ben depressief, destructief en verloochen me zelf. Het is allemaal mijn schuld en ik moet niet zo zielig doen. Wat betreft broeder Eimaar, ik bewonderde hem vanwege zijn pianospel en ik hate hem om zijn woedeuitbarstingen als we op weg waren naar de slaapzaal. Heb hem later ontmoet toe hij werkzaam was op het internaat in Venry. Weet van een incident van een groepsleider Jan Woppereis in venray die vervolgd is geweest voor misbruik. Eimaar moet dit ook weten. Verder mag ik hem wel.

2)

Hallo Bert, Alhoewel ik geen bewijs heb stonden bij ons op de zwarte lijst de volgende broeders en pater. Broeder Servatius - Hoofd lagere school Broeder Otto - Wasserij en fotograaf. Broeder Bulletje (echte naam weet ik mij niet te herinneren) zieken broeder. En de laatste was een Broeder uit Amsterdam die in de bakkerij, keuken stond. Verder niet te vergeten, Pater Landrik.

3)

Geachte.hr.Smeets Op de foto van 7 mrt. van ---schoolbank--met de vijf broeders uit Bleijerheide herken ik de tweede van links br.mansuetis, hij was in mijn tijd de prefect ( hoofd ) van de school mulo opleiding. Hij deed ongewenste handelingen met je waarvoor hij je onder narcose bracht zogenaamd. Dit gebeurde in de jaren 1942-1946 toen ik in het internaat vebleef. Als beloning mocht je naderhand de gesensureerde post uitdelen. Vriendelijke groeten

4)

Beste Bert, Ik sluit me aan bij je actie tot die megaclaim. Ik heb in de jaren 60/70 zes jaar op kostschool gezeten in het pensionaat 'Maria ter Engelen' van de broeders Franciscanen in Bleijerheide. Wellicht kennen we elkaar uit dat grijze verleden? Ik heb daar de 5de en 6de klas van de lagere school en de gehele mavo-tijd intern doorgebracht. In die periode ben ik 2x aangerand door een van de broeders (Br. Monulphis, de portier/ziekenbroeder) en ben ik tot 2x toe zeer ongewenst intiem lastig gevallen door Pater Landric O.F.M. die toen de priester in het internaat was. De overrompeling en ook angst voor (lijf)straffen van Br. Servatius hebben er voor gezorgd dat ik daar indertijd niet over sprak. Ik durfde het niet te melden. Ook niet aan mijn ouders. Wie zou me trouwens geloven? Vrome broeders doen dat toch niet. By the way, ik zag op tv je confrontatie met Br. Alphons en zijn ten toon gestelde emotionele onwetendheid. Ik heb er zo mijn twijfels over. Hij was indertijd mijn slaapzaalbroeder en met enige regelmaat heb ik, nadat de lichten uit waren, gezien hoe een van de jongens (elke keer dezelfde en ik pieker mij suf over zijn naam) stilletjes in pyjama bij hem zijn kamertje inging en daar geruime tijd bleef. Heb ooit eens met mijn oor tegen de ruit van zijn kamertje geluisterd wat daar binnen toch gebeurde. Stilte. Ik vraag mij weer opnieuw sterk af wat een broeder, op zo een tijdstip in zijn privé-vertrek, doet met puber in pyjama? Bidden, of toch...? Enfin, ik hoop van je te vernemen hoe verder.

5)

Servatius was een viespeuk en een sadist.Ikheb hem jongens af zien ranselen om niets,mijzelf inbegrepen.Hij had ook de gewoonte om als het licht uit ging op de slaapzaal langs de bedden te lopen om te kijken of er iemand niet in slaap was en ging dan op de rand van zijn bed zitten,en dan ging zijn hand soms onder de dekens. Bij mij heeft hij dat nooit gedaan,Ik deed altijd net of ik sliep zodra het licht uit ging.Wel had hij de gewoonte om tegen je aan te rijden bij elke gelegenheid die zich voordeed. Je hoefde maar iets verkeerd te doen of hij werd kwaad,gooide met kopjes,of iets wat er voor handen lag.Ook kwam hij vaak de douche in om te kijken ,rug schoon,voeten schoon, en oortjes moeten glimmen,en dit (en dan tikte hij op je plasser)ook schoon maken.Als je pech had kwam hij later terug om te kijken of ALLES inderdaad schoon was. Deze gefrustreede kindermisbruiker hoort thuis in het rijtje waar Benno.L ook onder valt. Hij was een pure sadist. Ik ben blij dat hij niet meer de kans krijgt om zich te vergrijpen aan kinderen die zich uit angst voor tegenmaatregelen zich maar stil moesten houden en dit voor de rest van hun leven met zich mee moeten dragen.Servatius heeft mij een paar maal betast,een maal tijdens het omkleden voor de gymles,en nog twee maal onder de douche.Maar vaker nog stond hij tegen je aan te wrijven en te rijden.

6)

Tijdens de schooljaren 1970-1971 en 1971-1972 verbleef ik op het Jongensinternaat te Blijerheide en volgde daar MAVO-4. Een school waar veel aan sport werd gedaan, vooral atletiek en voetbal. Actief sexueel misbruik Tijdens, of na de les als ik me ziek voelde werd ik, na de conciërge(de naam valt me niet direct meer binnen maar ik meende dat het broeder Vincent was) verwittigd te hebben , naar boven gedirigeerd en werd ik verwacht op het bureau van broeder Leonardus, het Hoofd der School. Hij vroeg mij wat de problemen waren en deelde mij mede dat ik mijn broek en onderbroek moest uitdoen zodat hij kon voelen of mijn testikels opgezet waren want was dat altijd het geval bij griep. Hij betastte mijn testikels en steeds weer stuurde hij me naar de ziekenzaal. Wanneer ik naar de ziekenzaal moest(er werd dan tevoren gebeld) dan werd mij een bed toegewezen en vertelde de broeder(broeder Servatius) daar dat hij in de loop van de dag/avond nog een medisch onderzoek kwam doen. Voor het onderzoek werd een aparte ruimte gebruikt. Daar kleedde de broeder mij uit en moest ik gaan liggen op een bed. Hij begon mij op mijn liesstreken te duwen en zei dat het niet goed aanvoelde. Ook mijn penis werd nog verder bekeken al zou daar ook tekenen kunnen zijn Na het voetballen moest er gedoucht worden in de gezamenlijke ruimte boven in het sportgebouw. Het viel ons op dat tijdens het douchen er regelmatig broeders rondliepen, overbodige belangstelling hadden en ons vroegen of we schoon waren. Met grote regelmaat werden ik en mijn klasgenoten fysiek onderzocht of dit inderdaad het geval was. Dit gebeurde door tijdens het douchen rond te draaien zodat men goed kon beoordelen of dat zo was. Bij menige leerling werd zelfs de bilspleet nagekeken. Broeder Leonardus: Hoofd van de School, maakte zich schuldig aan het betasten van mijn genitaliën bij het beoordelen van ziekteverschijnselen. Broeder Servatius: Had de leiding in de ziekenzaal en was tevens belast met de dagelijkse controles waarbij hij zich regelmatig schuldig maakte aan sexueel misbruik waarbij hij steeds de indruk gaf dat hij daartoe gerechtigd was.

7)

Ik zat 4 jaar op het pensionaat in Blijerheide, van mijn 12de tot mijn 16de (1972-1976). Ik reageer naar aanleiding van de uitzending Pauw en Witteman, en met name omdat ik broeder Eimar op tv zag. Hij waste zijn handen in onschuld maar hij gaat ook niet helemaal vrijuit. Ik moest een keer bij Eimar (bijnaam ‘Dino’) op zijn kamer komen omdat ik iets gedaan had wat niet mocht (ik weet niet meer wat). Ik was 12 jaar. Ik moest op zijn schoot komen liggen en hij wilde mij met een handveger op mijn kont slaan als straf omdat ik dat verdiend had. Ik wilde voorkomen dat ik met mijn kruis op zijn schoot terecht kwam door met mij ellebogen op zijn knie te steunen. Maar hij dwong mij om met mijn kruis op zijn schoot (misschien ook wel op zijn kruis) te liggen. Daarna kreeg ik enkele klappen (niet hard overigens) met de handveger op mijn kont. Het is 38 jaar geleden maar ik weet nog goed dat het voor hem een seksuele betekenis had, ik vond het eng, vies, vernederend en voelde me erg onveilig. Ik was blij dat hij het daarbij heeft gelaten en dat ik weg mocht gaan. Een enge man die broeder Eimar. En mijn ouders hadden zoveel vertrouwen in hem dat ik thuis bijles geschiedenis van hem kreeg. Broeder Valentinus (‘Lange Tinus’) vond het nodig om midden in de nacht tijdens zijn rondes over de slaapzaal op mijn bed te gaan zitten (ik was 12 of 13). Van te voren had hij al wat lopen drentelen voor mijn bed. Toen hij op mijn bed zat begon hij zwaar te ademen. Ik dacht dat hij moe was maar achteraf denk ik dat hij gewoon geil was. Hij begon aan mijn been te friemelen en ik trok mijn been terug. Ik voelde me ook in deze situatie onveilig. Gelukkig is hij niet verder gegaan. Ik weet niet meer hoe de ziekenbroeder heet, maar wij noemden hem ‘Bulletje’. Hij maakte er altijd een heel ritueel van om de thermometer in je kont te steken. Dat mocht je vooral niet zelf doen. Het lijken misschien kleine dingen, maar omdat ik het nog zo goed weet en het toen erg naar vond, klopt dat gedrag van Bulletje gewoon niet. Trouwens, broeder Valentinus maakte zich ook schuldig aan zeer ernstige fysieke mishandeling, dat mag nu ook wel eens gezegd worden. Ik ben zelf door hem wel eens in elkaar geschopt op de wc nadat hij me daar betrapte op stiekem roken, ik was 12 of 13. Maar ik heb hem eens de jongen die naast mij op de slaapzaal lag (ik weet zijn voor- en achternaam nog precies) zo ernstig in elkaar zien slaan dat die jongen de hele nacht heeft liggen jammeren van de pijn. De hele slaapzaal heeft het gehoord en ik heb het ook gezien. Valentinus beukte met zijn rechterhand zo hard hij kon, zeker 15 keer op de jongen in. De hele nacht lag iedereen doodstil in zijn bed en hoorde je het gejammer van de jongen. De volgende dag liep Valentinus met zijn rechterarm in een mitella, en ’s avonds op de slaapzaal waarschuwde hij ons: “Ik heb ook nog een linkerhand”.

8)

was daar van 1959 tot 1960, en zat hoe dat hete de VK. Bij broeder stevanie,aan de over kant van de straat. Niemand thuis wist waarom ik met alle geweld weg wilde daar!!! Ja juist DAAROM natuurlijk. Na een kapelaan in meerssen te hebben gehad die het zelfde deed was het daar weer raak. Het grote probleem van mij is niemand weet dit van mij .ook niet mijn vrouw waar ik 42 jaar mee gehuwd ben. Ik begrijp als ik dit wil door zetten dit moet openbaar komen. Door mijn Naams bekendheid in deze omgeving lijkt me niet zo prettig ook voor dochters niet die hier in de buurt wonen en ook zeer bekend zijn. Wat ik wel kwijt wil is dat we problemen in de fam hebben,broer en zus, en dit is zeker te wijten aan de problemen van toen. Eerst de kapelaan in meerssen en toen daar in blijerheide. Ik dacht dat dit dus normaal was schijnbaar, dat dit gebeurde overal.

9)

ik heb je jaartallen die ik doorgebracht heb ik Bleijerheide kunnen herleiden aan de RAF aanslag op douaniers die de dood vonden aan de Nieuwstraat in Kerkrade. Dit was 1978 heb ik opgezocht op google,ik zat toen bij broeder Stephanus in de klas, een helikopter wilde landen op het voetbalterrein van het internaat dat ook werd gebruikt door KVC oranje, echter broeder Philippus die stond te zwaaien onder de helikopter dat zijn gras kapot ging. Stuk voor stuk waren die broeders geen van allen normaal. Ik herinner mee steeds meer details ook dat broeder Servatius een aantal bescherm leerlingen om zich heen had (klikspanen waren dit) vriendjes van hem. Deze zorgde ook voor ontgroening nieuwe leerlingen.

10)

nav de diverse berichtgevingen en de vermelding tijdens de L1 uitzending van heden donderdag 11 maart 2010 wil ik het volgende vermelden. Ook ik was op het jongenspensionaat te Bleijerhiede Kerkrade nu ongeveer 50 jaar geleden. Ik was er vanaf de 4e klas LO tot en met de 3e klas ULO. Ook ik heb de seksuele vergrijpen van de diverse broeders en paters meebeleefd. Ook tijdens een zg retraite weekend in Spaubeek werd ik seksueel betast door de paters die ons de goede weg op wilden sturen! Met name de broeders Crispinus en Leonardus heb ik zich vergrijpen aan anderes jongens en mijzelf. Dag vertrouwen in de mensen. De basis van mijn relatieproblemen en familiaire onrust is gelegd door het ongepast sexueel gedrag van onze zg hoeders en opvoeders in die jaren.

11)

Jongenspensionaat Sint Maria ter Engelen te Bleijerheide. Ik was in dat internaat geplaatst tussen 1952 en 1959 (kan mogelijk een jaartje verschillen) aldus als jongetje van 8 / 9 jaar tot ca. 15 jaar oud. De destijds geheten Mulo opleiding heb ik uiteindelijk daar in het internaat niet kunnen afmaken, vanwege het voortdurende regelmatige sexuele misbruik, waardoor ik mij op allerlei mogelijke manieren, als stil protest, meer en meer "obstinaat" ging gedragen, hetgeen er uiteindelijk toe geleid heeft, dat ik van het internaat werd verwijderd. Dit, toendertijd, overigens tot mijn grote vreugde. Ik wil hierbij reeds melding maken van de namen van de twee broeders Fransiscanen welke in al die jaren de ontucht / het misbruik regelmatig met mij pleegden. Dit waren broeder Leonardus en broeder Jacobus. Er waren een aantal anderen die een aantal keren iets probeerden, maar mij uiteindelijk met rust lieten, vanwege mijn nogal fanatieke tegenstribbelingen. Leonardus en Jacobus waren echter, in mijn omstandigheden, voor mijn gevoel een paar "halfgoden", die je konden maken en breken. Omtrent de aard en de details van het sexuele misbruik kan ik u in een later stadium op de hoogte stellen. Een en ander heeft bij mij wel geleid tot een aantal nogal grote en zware kompleksen, waarmee ik in mijn verdere leven tientallen jaren heb "geworsteld". Destijds, rond 1961 / 1962 heb ik mijn moeder en stiefvader van een en ander op de hoogte gebracht. Ik werd NIET geloofd (mijn moeder was nogal zeer fanatiek katholiek), maar er volgde vrijwel onmiddellijk een auto-rit van Maastricht naar Bleijerheide voor een langdurig gesprek met de (nieuwe) "overste" van het internaat (ik meen met te herinneren dat dat broeder Dagobert was, een "goeie", waarvan ik nooit problemen heb ondervonden. Ik moest langdurig op de parkeerplaats in de auto blijven wachten en als het nodig zou zijn dan zouden ze mij wel roepen. Na afloop van het gesprek werd mij door mijn moeder o.a. het volgende verteld: a. de overste had toegegeven dat hij op de hoogte was van het feit dat er een enkele keer sprake was van "licht" sexueel misbruik b. als er een officeel onderzoek zou gaan plaatsvinden (en dat wilde IK) dan zouden naar alle waarschijnlijkheid de betreffende broeders worden overgeplaatst naar een plaats waar geen jongens waren, ze zouden dan bijvoorbeeld op het land moeten werken en voor de rest van hun leven "met een kruis boven hun hoofd rondlopen". c. met name DEZE uitspraak heeft mijn moeder en stiefvader er uiteindelijk toe gebracht van iedere verdere aktie af te zien. Men kan in Bleijerheide, of wie of waar dan ook, niet de stelling blijven innemen, dat niemand ergens van op de hoogte was of iets heeft gemerkt. De overste van Bleijerheide was reeds in 1961 / 1962 wel degelijk op de hoogte van wat er zich binnen het internaat allemaal afspeelde.

12)

De broeder die mij pianoles gaf en mij dan met zijn herte ogen zat aan te staren terwijl hij mijn hand streelde vond ik een aardige man. Regelmatig pakte hij ook mijn hand en stopte die dan in zijn kruis, ik vond dat wel raar. Ik hoefde nooit te laten horen wat ik die week had geleerd op de piano, hij was op een andere manier met mij bezig. Van die man heb ik nooit nachtmerries gehad. Van 2 anderen had ik dat wel. Er was de broeder die altijd wilde controleren of wij ons wel goed gedoucht hadden, die controleerde dan mijn penis en rook er zelfs aan. Soms was ik bang dat hij er dan in wilde bijten. Toen ik volwassen was had ik het vermoeden dat hij net deed alsof hij felatio wilde doen. Bij de douches was een wachtruimte waar je moest wachten op een doucheplek. Je wachte daar met alleen een onderbroekje aan. Daar was veelal een broeder die mij dan met mijn hoofd in zijn kruis stopte, mijn lijf dan omhoog tilde en dan met zijn stoppelbaard in mijn kruis schuurde. Zijn ademhaling voelde ik dan tegen mijn piemeltje aankomen. Ik vond dat verschrikkelijk. Later was die broeder plotseling overleden. Hij lag geloof ik in de aula opgebaard. Wij moesten in de rij staan en dan afscheid nemen. Dan was er nog de broeder die les gaf op school en voor zeer kleine vergrijpen zulke pijnlijke straffen uitdeelde. Ik weet echt niet meer of anderen dat ook kregen. Ik kreeg het in ieder geval wel. Ik had een keer een spotprentje gemaakt en doorgegeven aan de klas. Iedereen lachen, omdat ik de maker was. mocht ik voor de klas komen staan en moest mijn enkels vast houden. Die man gaf mij een aantal stokslagen met een grote stok. Hij sloeg zoals een een honkballer een bal probeert te raken. Daarna had ik veel problemen met zitten. Doordat ik het niet kon laten om af en toe tekeningetjes rond te sturen is dit meerdere keren gebeurd. Wat postief was dat ik er wel prachtig heb leren figuurzagen. Ik hoop dat er veel mensen reageren zodat er een compleet beeld kan worden gevormd van wat daar allemaal is misgegaan. Succes met de actie Mea Culpa.

13)

Ook ik was destijds een 'speeltje' van een broeder. Evenals Luc heb ik van 1961 tot 1964 hier mogen vertoeven. Wij waren wel jaargenoten maar geen klasgenoten en hadden derhalve een andere 'beschermengel'. Dii van mij was broeder Crispinus en ook ineens overgeplaatst naar Gemmenich of zoals broeder Alphons zo leuk opmerkte dat er plotseling weer een stoel leeg was in de eetzaal. Via zoektochten op internet en vele telefoongesprekken, heb ik de naam en adres van broeder Crispinus kunnen achterhalen. Met behulp van een pater van de Stichting 'Hulp en (On)Recht' en een psychotherapeut van het Altrecht in Utrecht, ben ik een confrontatie met die man aangegaan. Al de mij bekende feiten heb ik toen opgenoemd. Na afloop wist hij alleen te zeggen dat hij mij niet kende en niets af wist wat ik opsomde. Dat was dus einde verhaal en we gingen uitelkaar. Wat was die pater (Jezuiet) van Hulp&Recht opgelucht.... Stel je voor hij moest zijn eigen nest bevuilen. In 2002, toen ik die confrontatie had met broeder Crispinus, had ik een lang verhaal op papier gezet en dat toen aan hem voorgelezen. Hierin stonden allerlei feiten over hem in wat hij natuurlijk allemaal ontkende. Behalve dat zijn moeder uit Klazienaveen kwam en dat hij plotseling was overgeplaatst. Jammer dat ik toen niet wist wat de reden van overplaatsing was. Helaas is dat verhaal door een 'crash' van de harddisk verloren gegaan. Donderdag heb ik daarom een schriftelijk verzoek ingediend bij het Altrecht Utrecht om alles wat in mijn dossier staat, te mogen copiëren. Zodra ik dat binnen heb, kan ik het wel toesturen. Ook de burgerlijke naam en huidig adres van Crispinus liggen in dit dossier plus de naam van die 'behulpzame' pater van Stichting 'Hulp & Recht". Inderdaad kan de financiële genoegdoening aan een goed doel gegeven worden want persoonlijk heb er geen moeite mee om de Katholieke Kerk tot op het bot uit te kleden. Want naast dat ik, na bekendmaking van die schandalen in Amerika, totaal in een depressie ben geschoten en langdurig in therapie ben geweest, heeft mijn 'beschermengel' me destijds zo'n harde klap met zijn vlakke hand tegen mijn gezicht/oor gegeven dat ik daar jarenlang last van heb gehad en ten slotte in 1977 geopereerd ben aan dat oor omdat er een gaatje in mijn trommelvlies zat. Hetgeen 1 week ziekenhuisopname betekende en daarna 3 weken niet kunnen werken. Maar al de sexuele vernederingen en zijn sadistische uitspattingen, stellen in verhouding weinig voor in vergelijking met die jarenlange geestelijke angsten. En bovenal ook nog eens om door je medeklasgenoten uitgemaakt te worden als "Het kindje van de broeder". Alsof dat zo'n pretje was.

14)

De heer ……, deed op 19 mei 1955 communie en zou daarna (onder nummer 234) 2 jaar op Bleijerheide verblijven (oa als misdienaar). Hij is toen bijna 2 jaar lang misbruikt door pater Crispinus (of Crispines), wat inhield dat hij 3 of 4 keer per week door die pater werd afgetrokken. (Hij is niet verkracht) En hij heeft datzelfde misbruik ook bij vele anderen gezien, met name in de wasruimte (waar de douches waren). Dan moest er zgn. gecontroleerd worden of men zich wel goed had gewassen Vlak voor een kerstvakantie werd het dhr. ……te veel en luchtte hij zijn hart over het misbruik bij prefect Manswetus (of Manswetes, moest een kleine, dikke man zijn). De vakantie werd onmiddellijk ingetrokken (terwijl men maar 3 x 2 weken per jaar naar huis mocht), de prefect misbruikte hem vervolgens ook (op dezelfde manier als Crispinus) en heeft hem tijdens die vakantie meerdere malen mishandeld en vernederd. Er was überhaupt sprake van veel fysiek geweld en vernedering. Vaak vonden straffen in de refter plaats, tijdens het middageten. Dat is de heer ….. ook overkomen. De broek moest af en er volgden 10 stokslagen (met een kastiebalplank). Als er geslagen werd, moest het slachtoffer ook wel eens zingen. (Bleijerheide had een eigen lied van 3 coupletten). Dhr. ….. wist bijv. nog dat hij moest zingen

"mooie tijd daar doorgebracht hoe vaak heb ik al gedacht aan die mooie tijd der jeugd die mij schonk zovele vreugd"

De heer ……heeft veel last gehad van wat er gebeurde in deze periode. Het heeft zijn leven getekend. Hij kreeg last van depressies of juist agressieve buien, totdat eea zo´n vorm aannam dat hij afgekeurd is en op 40-jarige leeftijd moest stoppen met werken. Daarbij is het een van de belangrijkste redenen dat ik hem (wekelijks) begeleid vanuit mijn functie als psychosociaal therapeut. De berichten rond Bleijerheide maken hem thans extra overstuur, hij slaapt en eet slecht. Desondanks wil hij graag aangifte doen.

15)

Waar wil je dat ik begin, wat wil je dat ik je vertel wat je niet al weet.. Namen noemen?? Broeder Funs, Broeder Leo, Ziekenbroeder, die wij Bulletje noemde.? Ik kwam in 1966 op internaat/kostschool in Blijerheide, en heb daar 2 jaar gezeten. alles dat ik je kan vertellen was, dat ik vanaf dag 1 enorme heimwee heb gehad, en dat ik ontzettend bang was voor Funs. Deze man moet zo enorm gefrustreerd zijn geweest, dat hij maar een weg zag om zijn lusten bot te vieren, en dat was op ons. Jee man, wat had deze broeder de handen, en voeten los zitten. Een keer staat me dermate helder voor ogen, dat ik er nu nog schrik van krijg. Een van de leerlingen had zijn bord niet leeg gegeten, en dat beviel Funs die corvee dienst had, helemaal niet. Hij maande de knaap door te eten, maar deze weigerde, waarna Funs hem letterlijk door de hele eetzaal heen sloeg en schopte. Ik heb daarna nooit meer overwogen mijn bord niet leeg te eten......... Of de enge Broeder Leo, hoofd van Mulo, waarbij je als je straf had op zijn kamertje moest komen, en hij je dan over zijn schoot legde.....Je kunt je voorstellen, wat zich in zijn broek afspeelde op het moment dat je een pak billenkoek met de liniaal kreeg..........zeer pijnlijke ervaring. Hoofdpijn? Haal maar een aspirientje bij de ziekenbroeder. Je kwam voor hoofd pijn, maar je lies werd gecontroleerd op een breuk. Broek uit, en op de achterkant van je hand blazen, waarbij Bulletje eens lekker aan je ballen ging voelen. Kan je vertellen dat ik daarna nog maar zelden hoofdpijn of wat dan ook heb gehad . En het gebeurde bij alle jongens, zonder uitzondering. Maar, de vraag of ik er last van heb gehad, moet ik met nee beantwoorden. Ik heb er altijd zeer vrij over gesproken, zelfs nu met mijn kinderen heb ik dit verhaal altijd zonder enige schaamte verteld. Als jij dus de vraag zou stellen of ik me misbruikt voel, zal ik daar wel even over moeten nadenken, maar ik ben geneigd nee te zeggen.

16)

Broeder Jacobus heeft ooit een grote sleutelbos tegen mijn hoofd gegooid,omdat ik in de eetzaal praate, zodat ik wel 10 bulten op mijn hoofd had. Op de slaapzaal bij broeder Servatsius kreeg ik ontiegelijk veel slaag, herinner mij nog goed dat hij een bamboe wandelstok op mijn kont kapot sloeg, alleen omdat ik savonds in bed onder de dekens een boek aan het lezen was bij licht van zaklampje. Ik moest dan krom gaan staan met mijn armen gestrekt naar voren want als je met je handen de stok tegen wilden houden zou je je pols wel eens kunnen breken als hij die dan raakte. Ik heb het hier over bamboe wandelstok van ongv. 3 cm doorsnede en sloeg net zo lang tot stok kapot was. Weken later kon je de striemen nog zien. Herinner mij wel dat er jongens bang waren van verschillende broeders, jaren later begreep ik wel waarom. Van 1962 tot 1964 heb op internaat gezeten in Ossendrecht, dit was een verademing voor mij, dit werd niet gerund door broeders maar was meer prive school, hier zaten ook veel externe leerlingen op shool en er was ook geen omheining en kon je regelmatig dorp in om boodschappen of dergelijke te doen. Want in Bleijerheide kwam je echt niet over de muur heen, in de Bijlmerbajes ontsnappen meer gevangenen dan jongens in Bleijerheide. Zelf heb ik almeer dan 40 jaar helemaal niks meer met Katholiek geloof, mijn moeder van 90 jaar is nu ook nog zeer gelovig maar heeft al jaren veel spijt dat ze toegestaan heeft dat ik naar kostschool "moest" Ik zeg wel eens dat als je alle slaag die ik in 2 jaar van de broeders gekregen heb in twee weken krijg overleef je het niet. Hoop wel dat er eens een soort reunie komt om eens met oud klasgenoten bij te praten. Als jullie veel reacties krijgen zou ik wel op de hoogte gehouden willen worden, wat ik hier geschreven heb mag wat mij betreft verspreid worden met mijn naam erbij want ik heb niks verkeerd gedaan, probeer alleen eerlijk te zijn. En als broeder Antonius zegt dat hij niks van mishandelingen gemerkt heeft liegt hij dat het barst, het kan niet zo zijn dat hij nooit gezien heeft dat ik openlijk pak slaag kreeg. MvGr Toon van der Heijden

17)

Hallo, Bij deze wil ik mezelf aanmelden bij jullie actie groep. Mij is iets soortgelijks overkomen in de jaren 1947-1951. Mijn verhaal gaat als volgt (in het kort): Wat jou overkomen is in de jaren 50 is mij overkomen in 1947/49 (br. Otto, de fotograaf had het op mij voorzien)! Ik zat hier op kostschool van 1947 t/m 1951! Ik ben van 1940 en was dus 7 (!!) jaar toen ik daar op kostschool kwam en ik moest de tweede klas nog doen en deed dat buiten de deur op een gewone lagere school in Bleijerheide die tegenover de ingang van het Internaat stond (Hoofd ene men. Offermans oid). Men heeft mij toen de 3de klas over laten slaan om mij binnen de poorten te houden.

18)

“Gerrie Schobben weet van enkele collega's over seksueel misbruik van jongeren op het jongenspensionaat Blijerheide.
Gerrie Schobben (alias broeder Alphons) heeft mij vier jaren lang een zeer onveilig gevoel gegeven doordat hij extreem geweldadig iemand kon afrossen: dit alles onder de noemer corrigerende tik. Zijn reacties waren zo onverwachts en buitenproportioneel dat hij op dat moment leek gedreven door opgekropte seksuele frustraties. Ik weet dat ik destijds daar zo al over dacht. Een voorbeeld: in de studiezaal werd een behoorlijk grote stoffer klaar gelegd om, wanneer iemand betrapt werd op praten, hem hier mee af te rossen. Dit gebeurde onder een traag opvoerend toneelstukje voor het oog van een ieder, dat dan als voorbeeld moest dienen. Het kwam meer dan eens voor dat de stoffer stuk geslagen werd. Het meest dramatische moment dat ik mij nog kan herinneren. In de eetzaal roept broeder Alphons de naam van een leerling die zich godzijdank met zijn gezicht de verkeerde kant opdraait. Want op het moment dat hij zich omdraait is een sleutelbos met ongeveer 15 sleutels, over een afstand van 20 meter,onderweg richting zijn hoofd en mist hem op een haar na. De man had dood kunnen zijn en broeder Alphons in het gevang. Deze geweldadigheden waarin ik mij vier jaren heb moeten handhaven hebben mij een onveilig basisgevoel gegeven waar ik tot op de dag van vandaag nog last van heb. Deze geestelijke mishandeling is naar mijn mening qua ernst vergelijkbaar met het nu genoemde seksueel misbruik. Dus broeder Alphons, als U een splinter ziet in andermans ogen vergeet dan vooral niet te kijken naar de balk in Uw eigen ogen.....!”

19)

Ikzelf ben tijdens mijn bijna 8-jarig verblijf in Bleijerheide nimmer door welke broeder dan ook sexueel misbruikt of benadert. Wel heb ik de geestelijke terreur en lichamelijke mishandeling als minder prettig ervaren, maar heb hier gelukkig verder geen latere (ernstige) nadelige gevolgen van overgehouden. Ik heb wel gezien dat de diverse broeders perfect wisten hoe ze hun “zwakke broeders” selecteerden en uitzochten. Schijnbaar, maar gelukkig voor mij, leende ik mij hiervoor slecht.

20)

Via mijn zus in nederland ben ik op de hoogte gebracht van jullie actie tegen het jongenspensionaat Sint Maria ter Engelen in bleyerheide. Ik heb daar opgesloten gezeten tussen 1969 en 1972 en von het er verschrikkelijk. Met name de ziekenbroeder die aan je lijf zat, maar je kon er niets tegen doen. Uiteindelijk zart je daar opgesloten en zonder je ouders. Vaak heb ik gehuild, en heb dan broeders arm ver mijn schouders gehad, maar ook op veel andere plaatsen, misbruik makende van hun positie, want uiteindelijk was je daar aan de broeders overgeleverd. Betreffende een claim, dat is voor mij niet het belangrijkste, maar wraak te nemen tegen een stelletje wijwaterzijkers en verziekte klootzakken, daarmee komt mijn geest tot rust.

21)

Ik ben op Bleijerheide niet seksueel misbruikt, tenminste, het is nooit zover gekomen. Misschien heb ik wel erg veel geluk gehad, denk ik nu. Na jouw en andermans verhalen. Wel heeft Bulletje een keer een poging gewaagd. Waarom dat toen niet gelukt is, weet ik nu niet meer. Wat ik in ieder geval wel wist, was, dat het op de ziekenzaal niet pluis was. Dat je met alle moeite die het kostte, probeerde, om je broekspijpen over je knieën te trekken omdat je anders na een valpartij met kapotte knieën, steevast je broek moest uittrekken. En dat je er, als je ziek was, niet moest komen te liggen. Het was daar niet ok, bij Bulletje. Wat ik me zeer zeker nog levendig kan herinneren is de constante dreiging die er hing. Dat je klappen kon krijgen van een van die lekkere broeders. En dat kon ook zomaar, als je niets gedaan had. Want het “klassikaal straffen” was daar tot een kunst verheven, kun je wel zeggen. “Ga je maar melden, anders ga je over het muurtje” is een term die me altijd is bijgebleven. Meerdere keren heb ik erbij moeten staan als een van mijn klasgenoten een ongelooflijk pak rammel kreeg en 2 keer heb ik het zelf aan den lijve mogen ondervinden. Broeder Leonardus was toen de boosdoener. Ik zag in een van de uitzendingen op tv een foto van hem en mij liepen weer de kriebels over m’n rug. Ik ben goddomme inmiddels 58, zou hem zo bij z’n lurven kunnen pakken als hij nog een vinger naar mij of iemand anders uit zou steken, en toch. Die mensen hebben inderdaad een onvergetelijke indruk op ons allemaal gemaakt.

22)

Broeder Servatius vertelde ik over het vergrijp van pater Landrik waar ik godsdienst onderwijs van kreeg. Boven de kapel zat hij in zijn stoel op me te wachten. Hij zwaaide, riep me naar zich toe. ‘Je hebt liefde nodig’, hij kon dat immers zien! ‘Kom dichterbij’ en verzocht of ik op zijn schootje wilde zitten. De pater trok me op zijn schoot en begon met strelen en ging steeds verder, ging met zijn hand in mijn korte broek en klemde me vast waarna ik uit alle macht probeerde los te komen. Na me los te hebben gerukt, rende ik naar Broeder Servatius en melde dit voorval. Ik kreeg onmiddellijk straf en een harde oorvijg. Twee weken ex-communicatie. ‘Niemand mag met je praten. Jij mag tegen niemand praten. Nergens aan deelnemen, met je bord in de gang, buiten de refter, niet sporten’. Deze straf heb ik meerdere malen ondervonden in drie jaren Bleijerheide. 1961-1964. Isolatie! ‘Bertje je bent te onrustig met soep opscheppen’, riep de broeder kwaad. Broeder Servatius nam de hete soep en schudde die over mijn hoofd, het keurige servet naast mijn bord viel op de grond, ik bukte me om het op te rapen en een enorme klap op mijn hoofd volgde. Op de gang. Isolatie! Twee weken. Ook stookte hij jongens tegen je op en heb me vaak moeten verstoppen voor lynchpartijen waar hij uiteraard de andere kant uitkeek. Broeder Servatius gaf ook stokslagen op je blote billetjes. 10 stokslagen per keer of meer! Aan alle geweld kleefde een randje, een seksueel randje. Je rook de broeders zweet en maakte dat je wegkwam wanneer ze op zoek waren. Ik heb enkele dagen bewusteloos in de ziekenboeg gelegen, met hoge koorts begon ik te ijlen terwijl broeder Monulphus, bulletje, op de vreemdste tijden naar binnen en buiten sloop. Het verhaal gaat dat deze broeder jongetjes verdoofde. Ik heb een zeer unheimliches gevoel over deze zware ziekteperiode. Uit angst voor broeder Servatius ben ik ooit bijna vanaf de tweede verdieping gesprongen. Ik werd betrapt in de leeszaal terwijl ik daar niet mocht zijn. Het was zomer en het raam stond open. Toen Servatius binnenkwam spurte ik naar het raam om eruit te springen. Broeder Servatius wist me te kalmeren en drukte me voor een moment tegen zijn zweterig lijf, schuurend tegen zijn bruine pij. De hele sfeer en overplaatsingen die aan de orde waren zorgden voor een onveilig gevoel. Bij de ene broeder mocht je het ene wel en andere zaken niet. Zoals bijvoorbeeld het controleren bij het wassen. Broeder Jacobus was een uitermate manipulatieve man. Voor het slapen gaan friemelde hij aan alle jongetjes door ze op een kistje te tillen. Hij contoleerde dan zgn je oren, je nek, je handen. Soms moest je terug om je oren nog eens te wassen. Dan tilde hij je weer op, keek uitermate lang en zorgvuldig in je oor en dwarrelden zijn handen langs je lichaam, steeds zocht hij grenzen op.

Broeder Lebuinus heeft mij in de tachtigerjaren bevestigd van zijn overmatige dwang tot masturberen. Ik heb deze broeder bezocht naar aanleiding van de LP Pop Against Pope die we in een ondergronds kelderte produceerden tijdens het bezoek van de toenmalige Paus Johannes/ Paulus de tweede. Ik wilde toen een confrontatie aangaan met enkele broeders. Broeder Lebuinus was de enige die met me wilde spreken. Broeder Lebuinus wist mijn slaaphouding nog exact te beschrijven, ‘in foetushouding lag je met je pyama broekje naar benden, je billetjes bloot en toen heb ik me afgetrokken’. Broeder Lebuinus (de heilige; de spion) masturbeerde minstens drie maal per dag, deze broeder bakker die het brood nog kneedde met zijn handen. Ik mocht nooit te lang bij broeder Lebuinus blijven daar ik hem wel eens ging opzoeken in de bakkerij of hij voor me wilde zingen. Broeder Lebuinus stem had een prachtig warm greorgiaanse geluid waarmee hij gepassioneerd omging. Ik heb hem tijdens mijn ontmoeting in de tachtigerjaren gevraagd of hij hulp had gevraagd voor zijn dwangmatig gedrag. De Franciscaner broederschap beloven elkaar immers in noden en behoeftes te steunen. Hij beaamde dat hij er met anderen over had gesproken, en natuurlijk in de biecht…in de biecht kwam het iedere keer ter sprake. Hij erkende toen, vijfentwintig jaar later, dat hij op hoge leeftijd nog steeds worstelde met dit probleem, dwamgmatig te masturberen. Broeder Alphons (de Funs) kon meppen als geen ander, een ware Wimbledon kampioen in het neerslaan van jongetjes.

Wat als een schaduw blijft hangen zijn de machtspelletjes en onderdrukking die alle vergrijp en aanverwante misbruik door de broeders werden gerechtvaardigd en gecontroleerd. Ze maakten zich weinig zorgen over het probleem seksualiteit in relatie tot het celibaat en de machtspositie die zij hadden verworven. Bert Smeets

23)

Bij deze mijn verhaal, wat helaas echt gebeurd is, over de kostschool Bleijerheide waar ik in de jaren 1952-1953 verbleef ( heb nog foto's) , in het kort, want moest ik alles vertellen had ik dagen nodig. Mijn moeder had zich door enkele goede kennissen om laten praten om mij daar naar toe te brengen : het was een goede katholieke school waar ze van mij een keurige jongen zouden maken, en al wou ik niet , ik moest en werd er door mijn moeder en oom en tante naartoe gebracht ! Wij werden ontvangen en naar de slaapzaal gebracht om er de kleren in de kastjes te doen, daarna werd er besproken hoe alles zou verlopen, allemaal keurig leek het. Er gingen maanden voorbij van heimwee , slecht eten ( het eten was niet te eten ) en veel straf en daarna kreeg ik er een groot probleem bij, want was ik , voordat ik er kwam zindelijk, vanaf die tijd plaste ik elke nacht in bed. Ik moest vroeg op, voordat de andere jongens wakker werden om alles te verschonen en me te wassen, waarmee het ergste begon want de broeder hielp mij met wassen en kwam altijd tussen mijn benen terecht, begon mij dan te strelen en moest ik toezien hoe hij zichzelf daarna aftrok. Na enige tijd moest ik hem dan onder zijn rok voelen hoe zijn lid stijf werd en vertelde hij mij dat ik zo een man zou worden en een erectie zou krijgen, wil er verder niet op ingaan , maar het heeft mijn verdere leven, al duurde dit "maar" 2 jaar wel helemaal verpest ! Ik kreeg ook vaak en veel sraf , dan moest ik 'savonds op het kamertje van de broeder komen die mij dan de keus gaf : of strafregels schrijven of slaag en ik koos altijd het laatste omdat ik daar het eerste vanaf was, al deed het verschrikkelijk pijn want hij gebruikte een ( honkbal ) knuppel en sloeg hard ! In het tweede jaar ben ik er even tussenuit geweest : schopte de bal over de muur en vroeg of ik hem mocht halen, en toen dat mocht schopte ik hem terug over de muur en zette het op een rennen, had het geld van mijn moeder nog in mijn zak ( nog niet ingeleverd ) en liep naar Kerkrade, nam daarna de bus naar Heerlen, toen met de trein naar Sittard waarna ik overstapte naar Roermond , hoe ik thuis ben gekomen weet ik niet precies meer, maar het is mij gelukt op twaalfjarige leeftijd.....alleen, ik werd de volgende dag weer teruggebracht, kon mijn verhaal niet bij mijn ouders kwijt, ze geloofden je niet, zo was dat vroeger in een christelijk gezin...en alles waarvoor ik weggelopen was begon weer opnieuw !

24)

Ik ging bij de jongens lange tijd door als "het lievelingetje", want ik was "uitgekozen" om dagelijks de krant te mogen brengen van het kantoor van het "hoofd van de Lagere School" naar het "hoofd van de Mulo". Broeder Leonardus was eerst het Hoofd van de Lagere School en werd op een bepaald moment Hoofd van de Mulo. Maar ik mocht de krant blijven halen en brengen naar zijn kantoor. Onder het mom dat ik mij nooit goed "aankleedde", zogenaamd mijn overhemd niet goed in mijn broek zat, ging "Leonardus" over om mij "goed aan te kleden". Ik moest dan naar hem toekomen, hij bleef in zijn bureau-stoel zitten en dan begon het gefriemel etc. etc. met mijn "pikkie en ballen en geaai over mijn billen". Ook al zorgde ik er iedere keer voor dat mijn overhemd perfekt in mijn broek zat dan nog was het naar zijn smaak verkeerd. Herhaalde pogingen van Leonardus om hem te betasten mislukten steeds, omdat ik mij behoorlijk verzette, alhoewel ik alles op die leeftijd niet begreep, maar "van nature" voelde ik een ontzettende afkeer van dit alles. Met Leonardus is dit soort dingen jaren doorgegaan, soms met aangename lange rustperiodes, begrijpelijk, want dan was Leonardus wellicht gefocused op nieuwe slachtoffertjes. Dan was er broeder Jacobus, welke regelmatig het toezicht had over de slaapzaal. Deze kwam mij zeer regelmatig in zijn pyama, midden in de nacht, wakker maken en begon steeds met flauwekul verhaaltjes, zoals: "Bennie, je was vanmiddag op de speelplaats weer aardig bezig de andere jongens te pesten met voetballen" etc. etc. Uiteindelijk moest ik dan mee naar het waslokaal achterin de slaapzaal, daar moest mijn pyama-broek uit. Jacobus zette zijn rechterbeen dan op een stoel, ik moest dan over zijn been gaan liggen, billen naar boven, en ik kreeg dan "een pak slaag op mijn blote billen". In feite, het slaan stelde totaal niets voor, het was meer geaai over mijn billen, zijn vingers streelden mijn anus en ballen, zijn vingers drukten dikwijls vaak zacht op mijn anus en af en toe kreeg ik een klap. Dan plotseling drukte hij mij stevig tegen zich aan en begon te "trillen". Jaren later begreep ik, dat hij dan iedere keer gewoon klaarkwam. Wie zal het zeggen .... misschien had ik wel een aantrekkelijk lekker jongens- kontje. De man, Jacobus, moet toch wel een aardige afwijking hebben gehad.

25)

Geachte Bert Smeets, Deze brief heb ik vanmiddag gestuurd naar Hulp en recht. Vorige week heb ik voor het eerst contact gehad met Hulp en Recht mede naar aanleiding van verschillende publicaties inzake seksueel misbruik door de katholieke kerk. Zelf ben ik van ca 1975 tot 1980 intern geweest op het Jongenspensionaat te Bleijerheide Kerkrade, dit kwam mede doordat mij ouders een bedrijf hadden en door de week weinig tijd voor mij hadden. Hier heb ik de vierde, vijfde en zesde klas van de basisschool gedaan, waarvan de vierde klas op de basis school was in het centrum van Bleijerheide. Na de basisschool heb ik nog een jaar Mavo gedaan en toen was ik er klaar mee. Zoals ik mij kan herinneren de vijfde klas broeder Stephanus, en de zesde klas broeder Lucas, deze laatste gooide regelmatig met een eikenhouten blok naar leerlingen. Broeder Stephanus was in het echt een broer van broeder Eligius en hij was een soort begeleider, hij gaf dus geen les. Deze laatst heeft hooguit een keer met een mattenklopper of met zijn slipper geslagen. Met deze broeder bracht je de tijd door naar school tot het eten en slapen gaan op de slaapzaal met chambrettes. Deze broeder Eligius had wel zijn nukken maar in het algemeen was hij lief en begripvol, zij broer Stephanus was een hele aparte man met heel veel stemmingswisselingen. Broeder Lucas 6e klas had in mijn ogen een seksuele afwijking waar ik zelf overigens geen last van heb gehad. Hij sprak vaak over zijn moeder en dat die seksuele voorlichting gaf door zich helemaal uit de kleden, en de punten aanwees en wreef waar een vrouw van opgewonden raakt. Waar ik wel veel last van heb gehad dat was de ziekenbroeder waarschijnlijk was dit broeder Monulphus die Bull die als bijnaam van de interne leerlingen kreeg en de Pater Landrio die niet van de leerlingen kon afblijven. In die tijd had ik veel last van blaren aan mijn lippen virus herpes genaamd en deze ziekenbroeder behandelde dit met speciale zalf den dan moest je op zijn schoot gaan zitten, zodoende heb ik hier vaak anderen leerlingen gezien die een wondje of ziek waren. Nu realiseer ik mij dat dit te maken had met allerlei betastingen en wrijvingen van zo’n vies dik mannetje die Bull als bijnaam droeg. Bij deze ziekenbroeder was het zo dat als je een schaafwond had aan je knie, dat je geheel van kleding moest ontdoen inclusief de onderbroek, dit had volgens hem te maken met de volledige genezing. Flauwekul natuurlijk, maar wisten dit toen niet en als je een hoop problemen maakte kreeg je geen eten. Ook broeder kok was niet helemaal lekker, kon de ene keer heel agressief zijn en daarna weer heel lief. Bij deze laatste pater Landrio (duidelijk in beeld) ben ik misdienaar geweest en bij omkleden konden we nooit onze kleren aanhouden, maar we dienden ons tot op d onderbroek uit te kleden en dan deed hij ons de kerkkledij aan met het nodige voelen aan onze lijven. Verder moest ik ook wel eens op gesprek komen op zijn kamer deze lag boven de eetzaal, ook dan wilde hij je betasten. Toen ik in de zesde klas zat is er en nieuwe broeder bijgekomen, deze betaald zelfs geld als je de broek liet zakken en naakt stond in deze periode f 25,-. Hier is toen ook aangifte van gedaan en er is politie bij geweest en de ouders zijn hierover ook ingelicht.

26)

Ik mis lucas in je rijtje (dat was een ongelooflijke beul, met eigen ogen gezien hoe hij een kind met een wandelstok afrosde omdat zijn nagelrandjes niet schoon genoeg waren of omdat zijn kleren niet op de milimeter strak in zijn kastje lagen).

27)

Beste Bert, Ik heb zelf op het pensionaat op de 5e klas gezeten in 1963/1964. Jij zat toen een klas hoger. Ik kan me herinneren, dat Broeder Servatius is een keer bij me in de douche is gekomen, zogenaamd om te controleren of ik mijn rug wel goed had gewassen. Dat was niet het geval, dus heeft hij het maar eens over gedaan. Mijn broer heeft van 1961 tot 1963 de vijfde klas en de VK gevolgd op het pensionaat. Hij is door broeder Servatius misbruikt, toen hij de kamer van Servatius voor straf moest opruimen. Mijn broer heeft het me ooit toevertrouwd. Hij kan het helaas zelf niet meer navertellen, omdat hij op 29 jarige leeftijd zelfmoord heeft gepleegd.

28)

Ik ken je persoonlijk niet, maar ook ik heb in Bleijerheide op internaat gezeten. Mijn naam is …….. ik ben eind jaren 50, vermoedelijk 57, in de 5e klas begonnen en ben tot en met de 3e klas Ulo daar geweest, vermoedelijk 1963. Ik ben in het bezit van diverse "Bleijerheide Klanken" en een video van een reunie 1962/1963 van 9 april 1994. Wat betreft die Blijerheide Klanken wordt het even zoeken.... de video heb ik onder handbereik. Ook ik, ja jammer, heb zo mijn ervaringen gehad met Leonardus. Ben 'n keer in elkaar geslagen door Crispinus, terwijl ik in de rij stond om naar studie te gaan. Ben een keer weggelopen, maar mijn vader geloofde me niet. Toen ik vertelde dat Chrispinus me geslagen had heeft mijn vader zich bij Adelbertus gemeld. Volgens mij was die toen overste. Daarna ben ik nooit meer lastig gevallen, ook door Leonardus niet. Volgens mij is die Adelbertus ergens in de jaren 70 veroordeeld door de rechtbank te Maastricht voor dubieuse praktijken..... Mijn vader zei toen tegen mij dat ik wel eens gelijk zou kunnen hebben gehad. Voor mij was de zaak toen rond. Ik heb er geen nare of vervelende herinneringen aan over gehouden, voor mij ben ik er klaar mee. Toen ik echter te horen kreeg, Wir haben es nicht gewust, was ook voor mij de maat vol. Ik wil wel meedoen aan een mogelijk onderzoek e.d. Vertrouwende dat mijn melding als confidentieel wordt behandeld, mijn kinderen weten van niets, wens ik je veel succes. Als het nodig is treed ik wel in de openbaarheid hiermee, maar liever niet.

29)

ik laat niet aan me komen !!!

maar mijn moeder dacht ,dat dit een pak rammel betekende. en dat hoorde er in die tijd toch een beetje bij. vandaar dat ze daar niet op gereageerd heeft. dus denk ik dat ze (de broeders)wel iets geprobeerd hebben maar dat ik me daar erg tegen verzet heb. mijn school punten gingen toen,ik denk lopende het tweede jaar,achteruit. wat heel vreemd was,want in het eerste jaar ging het buitengewoon goed, en daar bij kwam dat ik na een weekend zeer erg in elkaar geslagen ben door alphons. ik ben toen snachts naar huis gelopen (in Stein).dit had nooit mogen gebeuren natuurlijk,weglopen uit hun pensionaat. smorgens ben ik weer teruggebracht door mijn ouders er is toen een geprek geweest smorgens met leonardus en de dir (naam ben ik even kwijt) van het pensionaat, en alfons natuurlijk. alfons heeft toen in de eetzaal zijn excuses aan mij aan moeten bieden. want hij had me echt goed doorgelaten,in een hoek geslagen. daar na had ik dus helemaal geen leven meer. er is toen verzocht aan mijn ouders om maar een andere school te zoeken. want als hun( die broeders) mij van school zouden sturen ik waarschijnlijk nergens meer op een school terecht zou kunnen komen. ik heb in 1969 1970 daar gezeten dus ze ( die broeders) hebben geen grip op mij gekregen en alles gedaan om mij kwijt te raken en dan natuurlijk op eigen initiatief dan hoefden hun ( die broeders) geen verantwoording af te leggen. ik ben ook bij die pater op zijn kamer geweest. daar werden we gehypnotiseerd' waarom dat we dat lieten doen weet ik eigenlijk niet,ik denk een afwisseling in de kostschool sleur ik heb ook een keer een pak rammel gehad,van eimaar,niet de enige keer. bij de trapjes van de gymzaal bij de aula (hoe het er precies uitzag weet ik niet meer). waarom weet ik ook niet meer.het was sávond en donker.mss wel omdat ik niet aan me heb willen laten komen. Het allerergste vind ik dat mijn moeder een schuldgevoel heeft zij heeft toen in die tijd gedacht op die school is mijn zoon veilig kan hij studeren en het geloof ,ook heel belangrijk in die tijd en nu krijgt ze op haar 88 jaar te horen via media wat zich daar allemaal heeft afgespeeld. ik heb zelfs de bijnaam broeder gehad.

30

Ik moet ongeveer 12 jaar zijn geweest en was nogal fanatiek in het beoefenen van allerlei sporten in het internaat. Ik brak een keer bij het "verspringen" in de verspringbak mijn linkerarm. Veel pijn, grote paniek, naar de ziekenboeg, van daaruit met de ziekenbroeder met de bus naar het ziekenhuis. Daar, onder narcose, werd mijn arm weer "gezet" en ging in het gips. Voordien, tijdens het wachten, was ik nogal in paniek en bang. De ziekenbroeder probeerde me gerust te stellen, alles zou weer goed komen, ik moest flink en dapper zijn. De volgende dag moest ik me melden in de ziekenboeg "voor kontrole". Deur ging op slot en ik moest me helemaal naakt uitkleden, uiteraard daarbij geholpen (had maar EEN arm) en moest op de "onderzoeks-tafel" gaan liggen. Daar werd eerst geweldig lang gedaan over het opmeten van mijn temperatuur met een thermometer, vele keren in en uit mijn achterste. Kontgaatje weer opengetrokken en de meter er weer in. Ik kon namelijk koorts hebben na het "zetten" van mijn arm, werd mij gezegd. Daarna zou ik, net zoals in het ziekenhuis, even in slaap worden gebracht, want dat was beter voor het gehele verdere onderzoek. Aldus geschiedde met ether-lappen. Wat er toen precies met mij allemaal uitgespookt is, weet ik niet, kan mij alleen herinneren, dat ik na afloop nogal jeuk had en last had van mijn anus, maar ik dacht toen, dat dat van dat thermometer-gedoe was. Kan daarom ook totaal niets bewijzen. Een dergelijke (kont)role heeft daarna nog een keer plaatsgevonden. Ik ging na de tweede keer protesteren tegen "de narcose" en zei dat ik daar dagenlang misselijk en ziek van werd, en zowaar ..... de onderzoeken bleven verder uit !! Mogelijk dacht de ziekenbroeder, dat hij tijdens het toedienen van de narcose wel eens behoorlijk in de fout kon gaan en staakte (met mij) zijn spelletjes. Het was bekend bij de leerlingen, dat je uiteindelijk beter (nergens voor) naar de ziekenboeg moest gaan, want al ging je alleen maar voor een asperientje, je stond onmiddellijk helemaal naakt en werd "medisch betast" etc. etc. Ik ben de naam van deze broeder kwijt, weet die niet meer, maar de "ziekenbroeders" wisselden elkaar trouwens soms af. Ik herken overigens al de verhalen uit "Dossier 14", ik heb er tenslotte zeven jaren door "mogen" brengen. De broeders Fransiscanen probeerden hun slachtoffertjes toch wel zorgvuldig uit te zoeken en concentreerden zich vrijwel altijd op jongens "met zeer slechte huiselijke omstandigheden, jongens afkomstig uit arme en gebroken gezinnen".

31)

Hallo beste Bert

Mijn naam is …. ik heb van 1968 tot 1972 op het jongenspensionaat van Bleijerheide gezeten. Nu bij het schrijven naar jou krijg ik kippenvel van kop tot teen. Ik ben jarenlang dagelijks geslagen door broeder Servatius, ik ben maanden niet naar huis mogen gaan en moest dan het hele weekend in de hoek staan. Op het grote plein waar je naar de kerk ging links in de hoek voor de ingang.Regen of zonneschijn dat maakte niks uit. Omdat ik nooit het vlees at, zat ik vaker nog uren in de eetzaal en tenslotte werd ik op de gang gezet tot ik het op at, om de zoveel tijd kreeg ik dan weer een pak slaag om me tot eten te dwingen. Gemiddeld 3x per week moest ik het s`ochtends 5 a 10 rondjes op de sintelbaan rennen(6.00 moest ik dan uit mijn bed), servatius reed dan met zijn fiets en zijn poedeltje naast me. Ik moest altijd een kort broekje en een halterhemdje dragen of het nu regende of de zon scheen dat maakte niets uit. Deze man heeft me jarenlang mishandeld van kop tot teen, weet zeker dat het zeer persoonlijk was. Ik kan nog 2 velletjes volschrijven van wat hij met me gedaan heeft, maar wil me hier nu niet verder over uit laten. Ik weet zeker dat het kwam door mijn rebelse gedrag tegenover de broeders, ik heb altijd van mij afgebeten. Hierdoor verloor hij zijn sexuele interresse voor mij, wat oversloeg in heftige afranselingen. De ziekenbroeder bolletje heeft ook zijn handen vies gemaakt aan mij. Toen ik ziek was en koorts had stak hij in plaats van de termometer een vinger in mijn anus, ben toen helemaal ontploft. Onmiddelijk verscheen broeder Servatius, die me helemaal verrot sloeg. Ook tijdens de sportkeuring stonden we met 5 jongens op een rijtje en moesten we allemaal de broek naar beneden doen en dan voelden ze aan onze teelballen. Ik heb thuis hierover gesproken, maar ze geloofde me niet. Ze zeiden dan je zit niet voor niets op de kostschool. Beste Bert ik kan nog uren schrijven maar ik moet er nu mee ophouden want er komt me teveel boven waar ik nog nooit over gesproken heb en wat ik al die jaren uit mijn herinneringen heb verdringt.

Groeten…..

Heb zonet flink gehuild en nog de moed bij elkaar geraapt om nog het volgende te schrijven Met 12 jaar ben ik weer naar huis gegaan. Ik heb van mijn 12 tot mijn 34 levensjaar als een monster door het leven gegaan. Heb me altijd met iedereen geslagen om niks, in het dossier van mij huisarts staat dat ik licht explosief ben. Daarbij ga ik al mijn hele leven gebukt onder zware hoofdpijnen ik mag tot 4 paracetamol 1000 mg per dag nemen. Deze periode op het pensionaat hebben mijn leven zwaar beinvloed. Ik weet zeker dat ik een beter mens was geweest en een heel ander leven had gehad als ik niet op het jongenspensionaat had gezeten. Gelukkig ben ik 30 jaar samen met dezelde vrouw en geloof me die is met mij door de hel gegaan.

32)

Betreft: Mogelijk seksueel misbruik dan wel betrokkenheid aangedaan aan mijn broer Frans P. geboren 22 maart 1940 te Schaesberg.

V, 12 april 2010

Geachte Bert,

Naar aanleiding van alle nare berichtgevingen omtrent seksueel misbruik binnen de katholieke kerk en dan met name het Pensionaat te Bleijerheide heb ik het volgende mede te delen.

Wij komen uit een gezin van vier kinderen, twee meisjes twee jongens, waarvan ondergetekende zes jaar als nakomeling in 1948 is geboren. Hiervan zijn alleen de oudste en jongste nog onder de levenden. Wij woonden in de Pstraat te S. Onze vader was mijnpolitie op de .....steenkolenmijnen te E. Er heersten zéér strenge regels binnen het gezin. Datgene wat ik neerschrijf heb ik voor wat betreft de jeugd periode van mijn broer Frans, na overleg met m ’n oudste zus. Frans moet volgens haar, mogelijk in het jaar 1954-1955, na een periode van hooguit twee jaar op de mulo op S, geplaatst zijn op het Pensionaat te Bleyerheide. Mijn zus (2 jaar ouder dan mijn broer) weet zich nog te herinneren dat zij regelmatig op de fiets met een koffertje met schone kleren voor Frans naar Bleijerheide moest. Daar moest ze dan in de hal wachten en ondanks herhaaldelijke vragen van haar mocht ze haar broer nooit ontmoeten. Hoe lang hij daar gezeten heeft is ons niet bekend. Wat ik mij persoonlijk nog kan herinneren is, dat ik samen met mijn vader Frans ben gaan ophalen uit het jongenspensionaat St Jozef in Maastricht. Ik kan mij dat nog zeer goed herinneren. Ik zat toen achter in de kattenbak van een geleende Volkswagen Kever (met gespleten achterruit). Wij werden binnen gelaten onder de trappen van de hoofdingang en daar moest ik wachten in een donkere ruimte waar, naar ik mij meen te herinneren, veel gereedschap hing. Hoogstwaarschijnlijk was dit een werkplaats. Ik zie Frans nog met een koffertje in zijn hand aan komen lopen. Als ik hier dieper over nadenk bekruipt me nu een gevoel van onbehagen. Je komt je zoon toch niet afhalen via een achterdeurtje van het pensionaat. Het was in ieder geval laat in de avond. Ik moet toen ’n jaar op 7 zijn geweest. Dat was dan mogelijk 1956/1957. Waarom hij daar dan werd opgehaald weet ik niet. Daarna is hij op de technische vakschool voor bankwerker op de Julia gaan werken.

Niets schokkends aan…..! zult u zeggen. Neen, zo op het eerste gezicht niet. Gelet op het strenge regiem thuis, de plaatsing uit huis van zo’n gevoelige sociale jongen en het daarna aan de drank geraken, zetten aan tot nadenken over wat ook hem mogelijk kan zijn gebeurd in één dan wel beide pensionaten. En zeker gelet op latere door Frans gemaakte opmerkingen in die richting. Meermaals heeft hij naar mijn vrouw, waarin hij vertrouwen koesterde, gebeld met de mededeling dat hij een einde aan zijn leven wilde maken. Gelukkig heeft hij dit nooit gedaan. Hij zat in ieder geval geestelijk behoorlijk in de knoei.

Voordat het seksuele misbruik, binnen met name Bleyerheide, naar buiten kwam hadden mijn echtgenote en ik al een vaag vermoeden van ongeregeldheden van dien aard die mijn broer vermoedelijk waren overkomen. Kort voor het overlijden van mijn vader in 1994 heeft Frans een gesprek met hem gehad, hetgeen Frans kort daarna aangegeven heeft bij mijn oudste zus. Op de dag na de begrafenis van zijn vader vroeg hij haar toen ook of zij nog de naam wist van “die” broeder uit Bleijerheide, die toen werd overgeplaatst naar Utrecht. Daar waren rare dingen mee gebeurd. Althans woorden van die strekking. Dit was dan de eerste keer dat hij daarover met zijn vader een goed gesprek heeft gehad. Hij zou haar daar later wel eens over vertellen.

Dat later is er nooit van gekomen want een week na de dood van mijn vader overleed Frans aan een acute hartstilstand. Met zijn eigen kinderen heeft hij nooit over de internaatperiode willen vertellen!

Ik heb vele gebeurtenissen aangaande de seksschandalen gelezen en kan mij heel goed voorstellen, dat Frans ’n ideaal slachtoffer zou kunnen zijn geweest. Ik schrijf dit neer om het voor het onderzoekers mogelijk te maken om andere - nog in leven zijnde – beschadigden / slachtoffers te kunnen helpen om genoegdoening en vrede te kunnen krijgen.

Ik dacht dat ik dit verplicht was ten aanzien van mijn overleden broer.

Hoogachtend K. P

33) Hi Bert, Ik kan nog steeds niet goed de moed opbrengen om te schrijven wat er allemaal in me omgaat van die jaren dat ik in Bleijerheide op het Pensionaat was, edoch, ik probeer het. Mijn broer en ik werden er geplaatst door mijn ouders omdat de gezinssituatie niet goed was thuis. Ineens hoorden we dat we naar een pensionaat moesten. Dat zou goed voor ons zijn! Ja, dat klopt dus, niet, ik word er al mijn hele leven aan herinnerd, aan alle leed, wrok jegens het geloof en ellende. We kregen een nummer toebedeeld, dat moest in alle kleren en eigendomsstukken genaaid worden. Ik had 157 en mijn broer 223. Toen we er waren kreeg ik al te horen dat ik geen kontakt mocht opnemen c.q mocht praten met mijn broer, die was 3 jaar ouder dan ik en zat op de MULO. Ik werd geplaatst in de 5e klas. Ik spreek hier over de jaren 1958 - 59 en 1960. Als ik probeerde met mijn broer te praten volgde daar meteen een reactie op van de pater die dienst deed op het schoolplein. De 5e klas is goed verlopen, qua leren. Ik haalde goede cijfers en behaalde er menige Erekaart, dat was een extra vermelding voor het beste rapport.Het 2e jaar op Bleijerheide zat ik in klas 6 VK bij broeder Stephanus. Over hem geen kwaad woord. Het enigste wat hij mij flikte, was, nadat ik een reactie had gegeven na een onterechte beschuldiging, hij dat meteen op het rapport vermeldde!! "Harry moet meer eerbied voor het gezag hebben en op zijn woorden letten." Dus dat was thuis weer ;uitleggen, wat staat daar? Dat die reactie's kwamen van opgekropte gevoelens en woede. dat hadden mijn ouders niet door. Als ik er over wilde praten werd mij meteen de mond gesnoerd. Hoe durf je zoiets te zeggen, dat doen geestelijken niet. En nu je mond houden!!! Ook stond vaker op de rekening die mijn ouders kregen dingen vermeld die helemaal niet klopten. Bijv. extra feestmaaltijden? Bezoeken aan iets ? Bijna iedere keer kapotte ramen(door een van ons met voetballen ingetrapt) enz. Van dat alles klopte niets. Maar mijn vader geloofde dat niet. Dus de boel belazeren deden ze ook, als ze dat bij meerderen deden dan komt de kassa wel vol! Dit is mijn gedeelte van het verhaal. als mijn broer dat wil, moet hij zelf maar reageren. Ik weet wel dat hij ontiegelijk veel slaag heeft gekregen van br. Wiro en br. Wenceslaus. Een keer per maand hadden we ouderbezoek en een keer mochten we een weekend naar huis. Tijdens de bezoeken van mijn ouders werd er altijd door hun met de paters gesproken. Ik merkte dat meteen s'avonds, dan moest ik op het matje komen. Wat heb jij gezegd tegen je vader? Zo kom maar eens hier en dan begon het spelletje weer. Op de schoot bij broeder Jacobus en zgn klappen krijgen. Die vuile viezerik, steeds met zijn handen aan je piemeltje voelen, dat was het enigste wat hij deed. Tegen je aanrijden als een geile beer. Ik kan het bijna niet opschrijven. Hij (Jacobus) was meestal mijn zaalboeder, samen met br Nicolaas, maar bij Jacobus had ik het altijd gedaan. Hij snuffelde heel vaak in mijn kastje en vond ook nog meestal wat. In mijn jeugdige overmoed trapte ik er meestal in. Hij vond dan weer eens pin up foto's , dan weer eens een padvindersmes en ga zo maar door. Die spullen kreeg ik dan nooit meer terug. Wat ik wel terug kreeg was het ritueeel; voorover op zijn knieën en hup, het herhaalde zich weer. Als ik tegenstribbelde werd ik vastgegrepen en ging hij gewoon verder. Alsof hij het nog leuker vond als ik tegenstribbelde. Als hij dienst had op de slaapzaal kwam hij altijd als een dief stiekum aangeslopen tussen de rijen met bedden, ik rook hem als het ware aankomen in zijn donkere pij. Die vieze geur die ik moest opsnuiven als ik weer eens voorover op zijn knieën moest liggen. Ik hield me altijd slapende, want ik wist dat hij meestal een jongen mee nam naar zijn chambrette. Ik heb dat vaker gezien.Ook tijdens het douchen was hij er altijd bij, de gluurder. Inspectie uitvoeren, of je je piemeltje wel goed gewassen had! Ik ben ook een keer weggelopen, nou dat heb ik geweten! Boven aan de grens hadden ze me al te pakken. Slaag als een jonge hond viel je dan ten deel. Je deed het dan niet gauw een tweede keer.Wat betreft de psychische mishandeling kan ik zeggen dat de orde en tucht die in de refter gehanteerd werd, niet normaal was. Broeder Johannes Vianny (bijnaam Buikje) zat er bijna altijd met een kastieplank tussen zijn benen geklemd te wachten of iemand in de fout ging, zodat hij kon meppen. Ik kan je vertellen, die plank kwam hard aan op je achterste. Tijdens het eten werd ook de post uitgedeeld. Hoe vaak mijn post niet was opengemaakt, ik weet het niet meer, maar ze lazen heel vaak mijn brieven. Ook de brieven die ik verstuurde waren vaak eerst gelezen en dan pas doorgestuurd. Ik hoorde dat achteraf dan. Die broeder buikje heeft er voor gezorgd dat ik na die tijd en nu nog sommige dingen niet kan eten. Als hij zag dat je bijv. iets niet lustte, omdat je te weinig ervan op je bord had, was hij het die je met een lachend gezicht en de opmerking "Oh, heb jij dat zo graag? een volle kom, van die blinkende ijzeren hotelkommen, op je bord mieterde. Hij bleef dan staan tot je kokhalzend alles op had. Ik zie de smerige glibberige speklappen nog voor me. Onbeschrijfelijk. Je moest ook gaan biechten. Ik kan me herinneren dat ik in de biechtstoel te horen kreeg dat ik 's avonds naar de kamer van de frater moest komen na het eten. Daar werd je verteld in een toon van , was dat lekker als je dat doet? En hoe vaak doe je dat? Uitvragen tot aan het bot. Onder de noemer seksuele voorlichting. Ik zie hem nog zitten met een slot en een sleutel in zijn handen. Symbolisch voor de man en de vrouw. Het enigste wat ze wilden was praten over hoe je iets deed enz. Tot nu toe heb ik dit niet mijn kinderen besproken. Ik ga het wel doen. Ze hebben het recht om dit te weten. Mijn vrouw weet het wel, zij heeft er veel moeite mee. Zij is erg katholiek opgevoed en ook zo ingesteld. Ik hoop dat ik de herinnering aan die voor mij slechte jaren meegemaakt daar in Bleijerheide nog eens kan wegpoetsen uit mijn herinnering. Nu nog niet, ik denk er bijna iedere dag aan, soms met haat, dan weer met een gevoel van; WAAROM. Ik was nog zo jong, 11 jaar. Het hele gedoe heeft een onuitwisbare indruk bij mij achtergelaten. Ik doe er enkele foto's bij van uit die tijd. De namen van de jongens en de broeders erop heb ik er ook bij als je die wil hebben. Met vriendelijke groet H. W

34) Hoi Bert, ik volg het nieuws rondom jou en luc nu alweer een tijdje. Sommige zaken zijn wel herkenbaar. Ik heb ook op pensionaat Bleijerheide gezeten en wel tussen 1974 en 1977. Vanavond zag ik je bij broeder Alphonse en terug op de pannesheidestraat 55. Er is niet veel van over. Ik zag het raampje waar ik toen achter sliep. Veel herrinneringen. Mijn eerste 6 maanden daar waren een hel. Niet perse vanwege misbruik maar gewoon angst. Ik heb menig nacht op de kleine wc ruimtes geslapen want daar kon ik de deur op slot doen. Het heeft mij wel gevormd of eigenlijk misvormd. De broeder die ik nooit zal vergeten was broeder Valentinus. Hij had ook losse handjes maar gebruikte ze om klappen mee uit te delen. Omdat ik van joodse afkomst was was ik zijn favoriete slachtoffer. In mijn tijd was het broeder Monulphus, de ziekenbroeder die bekend stond om zijn handtastelijkheid. Het was een vast grapje onder de jongens als iemand naar de ziekenboeg was geweest om te vragen wat er was gebeurd.

35) Hallo, Bij deze wil ik mezelf aanmelden bij jullie actie groep. Mij is iets soortgelijks overkomen in de jaren 1947-1951. Mijn verhaal gaat als volgt (in het kort): Wat jou overkomen is in de jaren 50 is mij overkomen in 1947/49 (br. Otto, de fotograaf had het op mij voorzien)! Ik zat hier op kostschool van 1947 t/m 1951! Ik ben van 1940 en was dus 7 (!!) jaar toen ik daar op kostschool kwam en ik moest de tweede klas nog doen en deed dat buiten de deur op een gewone lagere school in Bleijerheide die tegenover de ingang van het Internaat stond (Hoofd ene men. Offermans oid). Men heeft mij toen de 3de klas over laten slaan om mij binnen de poorten te houden. Heb ik ook jarenlang last van gehad omdat ik een deel van het onderwijs dat gegeven werd in klas 3 gemist heb (breuken bijv.). -- Met vriendelijke groet/kind regards Fons Dols

36) Beste Bert, Bij deze mijn verhaal, wat helaas echt gebeurd is, over de kostschool Bleijerheide waar ik in de jaren 1952-1953 verbleef ( heb nog foto's ) , in het kort, want moest ik alles vertellen had ik dagen nodig. Mijn moeder had zich door enkele goede kennissen om laten praten om mij daar naar toe te brengen : het was een goede katholieke school waar ze van mij een keurige jongen zouden maken, en al wou ik niet , ik moest en werd er door mijn moeder en oom en tante naartoe gebracht ! Wij werden ontvangen en naar de slaapzaal gebracht om er de kleren in de kastjes te doen, daarna werd er besproken hoe alles zou verlopen, allemaal keurig leek het. Er gingen maanden voorbij van heimwee , slecht eten ( het eten was niet te eten ) en veel straf en daarna kreeg ik er een groot probleem bij, want was ik , voordat ik er kwam zindelijk, vanaf die tijd plaste ik elke nacht in bed. Ik moest vroeg op, voordat de andere jongens wakker werden om alles te verschonen en me te wassen, waarmee het ergste begon want de broeder hielp mij met wassen en kwam altijd tussen mijn benen terecht, begon mij dan te strelen en moest ik toezien hoe hij zichzelf daarna aftrok. Na enige tijd moest ik hem dan onder zijn rok voelen hoe zijn lid stijf werd en vertelde hij mij dat ik zo een man zou worden en een erectie zou krijgen, wil er verder niet op ingaan , maar het heeft mijn verdere leven, al duurde dit "maar" 2 jaar wel helemaal verpest ! Ik kreeg ook vaak en veel sraf , dan moest ik 'savonds op het kamertje van de broeder komen die mij dan de keus gaf : of strafregels schrijven of slaag en ik koos altijd het laatste omdat ik daar het eerste vanaf was, al deed het verschrikkelijk pijn want hij gebruikte een ( honkbal ) knuppel en sloeg hard ! In het tweede jaar ben ik er even tussenuit geweest : schopte de bal over de muur en vroeg of ik hem mocht halen, en toen dat mocht schopte ik hem terug over de muur en zette het op een rennen, had het geld van mijn moeder nog in mijn zak ( nog niet ingeleverd ) en liep naar Kerkrade, nam daarna de bus naar Heerlen, toen met de trein naar Sittard waarna ik overstapte naar Roermond , hoe ik thuis ben gekomen weet ik niet precies meer, maar het is mij gelukt op twaalfjarige leeftijd.....alleen, ik werd de volgende dag weer teruggebracht, kon mijn verhaal niet bij mijn ouders kwijt, ze geloofden je niet, zo was dat vroeger in een christelijk gezin...en alles waarvoor ik weggelopen was begon weer opnieuw ! In mijn verdere leven heb ik het moeielijk gehad , al liet ik dit aan de buitenkant niet blijken. Mijn militaire diensttijd verliep alles behalve normaal en ook met mijn relatie's met meisjes had ik problemen en de vernederingen en slaag die ik in die 2 jaren van mijn leven had moeten ondergaan bracht ik later zelf over op mijn vrouw en kinderen, waardoor het hele gezin er onder heeft geleden ! en dat allemaal door Bleijerheide, wat Blijerheide had moeten zijn.... Jaren geleden ben ik er eens naar teruggegaan, maar de ergste van allemaal was dood, en dacht toen nog : mocht hij nu voor mij staan dan knoopte ik hem op aan/met zijn eigen koord ! Beste Bert, ik heb lang gewacht voordat ik contact met je zocht, maar ben nu blij dit toch te hebben gedaan, want al kan niets die tijd en het gevolg ervan meer goedmaken, geloven doe ik allang niet meer... Wil je bedanken voor de actie die jij en Luc samen voeren en hoop dat jullie bereiken wat wij allemaal willen : opheldering en genoegdoening voor alles wat die schijn-heiligen ons hebben aangedaan !

37) Beste Bert, Ik heb vanaf mijn 11e tot mijn 16e jaar op het internaat Bleijerheide gezeten. Tot voor kort heb ik mijn ervaringen daar alleen met mijn vrouw en een beetje met mijn kinderen kunnen delen. Een tijd geleden heb ik een journalist A H benaderd. Een week later heeft W D terug gebeld en in een gesprek van ongeveer een uur heb ik mijn verhaal gedaan. Hij heeft mij ook verteld dat ik niet de enige was en dat ik de krant en de televisie maar in de gaten moest houden. Hij heeft mijn verhaal en dat van nog 2 lotgenoten gepubliceerd op Zaterdag 13 maart j.l. in zowel De Limburger , De Gelderlander, etc. Hij heeft mijn Huub Reumkes genoemd. In dit artikel staat ook hoe groot de invloed van de kerk op mijn ouders was. Ze weigerde mij te geloven want Franciscanen deden zoiets niet. Mijn vader heeft zich 23 jaar geleden bij mij verontschuldigd en die heb ik geaccepteerd. Mijn moeder weigert tot heden te geloven wat ik heb meegemaakt. Zelfs niet met de krant en het nieuws van jullie verhaal. In de periode dat ik daar was 1967 t/m 1972 heb ik ( bekend onder nummer 167) diverse zeer onprettige dingen meegemaakt, maar het aller ergste was nog dat als ik thuis mijn verhaal deed dat, zowel mijn vader alsook mijn moeder reageerde met de opmerking: zwijg nu maar want zoiets doen Franciscanen niet. Ik ben, vooral de eerste 2 jaar, zowel Sexueel alsook fysiek misbruikt. Regelmatig Sexueel door de ziekenbroeder ( zijn naam is mij ontschoten omdat hij toen ik 13 was er opeens niet meer was) alsook door broeders Otto. Stephanus. en Jacobus. Fysiek was het gebruikelijk dat er lijfstraffen gegeven werden, dit was ik van thuis helemaal niet gewend want mijn vader sloeg nooit. En voor een kind van 11 jaar oud die zijn naam verliest en nummer 167 wordt en daarbij gestraft wordt onder een natte douche vaker met het koord dan met de hand is dit onvoorstelbaar. Op mijn 12e ben ik een nacht van de ziekenzaal gevlucht naar het Wormdal, omdat de ziekenbroeder minstens een uur met mijn geslachtsdeel speelde. Ik ben 2 dagen en nachten, in de winter in het Wormdal geweest. Door kou en honger ben ik van daar naar Brunssum gelopen. Toen ik thuis aankwam werd mij gezegd dat de politie mij overal aan het zoeken was. Na een warme douche en een beker melk heeft mijn vader de auto uit de garage gehaald en mij naar het internaat teruggebracht. Mijn ouders weigerde mij te geloven. Deze 5 (jeugd) jaren zijn mij ontnomen, ik heb dingen moeten ervaren die ik mijn ergste vijand niet gun. Mijn geloof heb ik niet verloren maar wel in die god die mij uit mijn jeugd bijstaat en waar mij als klein kind wonderlijke dingen over verteld werden. Ik weet dat de meeste van de daders gestorven zijn en ik hoop dat ze nog eens terug gedacht hebben aan al hun, zeer jonge naïeve, slachtoffers wiens jeugd ze geknakt hebben toen die net begon. Ik heb de krant van vandaag gelezen en ik denk dat ik in jouw visie mee moet gaan “dossier 14” i.p.v. een mega claim. Ook ben ik jou en Luc er dankbaar voor dat je de deksel van een 40 jaar verstopte beerput afgetrokken hebt. Die voor mij zowel tranen alsook opluchting alsook begrip, bijvoorbeeld van mijn zusjes opgeleverd heeft. Alleen nu alles weer naar bovenkomt vind ik dat er op een of andere mannier, die er toe doet, recht gedaan moet worden aan een ieder van ons die deze erbarmelijke toestanden heeft moeten ondergaan. Met vriendelijke groet, Hub Peters 38) Poging tot doodslag. Dit betreft broeder Lucas. Een Bleijerheide leerling schreef aan MeaCulpa: Broeder Lucas 6e klas had in mijn ogen een seksuele afwijking waar ik zelf overigens geen last van heb gehad. Hij sprak vaak over zijn moeder en dat die seksuele voorlichting gaf door zich helemaal uit de kleden, en de punten aanwees en wreef waar een vrouw van opgewonden raakt. Verder is een goede schoolvriend Cor Claessen uit Maasband Stein overleden met hem ben ik samen misdienaar geweest bij Pater Landrio, die heeft naar dat ik weet enorm veel last gehad o.a. van broeder Lucas. Cor werd ook regelmatig met een grote eikenhouten blok bekogeld, hij was een hard werkende boeren zoon. Ongeveer tien jaar gelden heeft hij zichzelf van het leven beroofd, dit was niet voor niets, hij heeft buiten het seksuele misbruik ook een keer een voltreffer tegen zijn hoofd gehad van de eikenhouten blok van broeder Lucas. Na deze daad heeft hij nooit meer goed kunnen functioneren en is later in de Pepijn in Echt beland, en op weekend verlof heeft hij er een einde aan gemaakt. 39) Beste Bert, Jij kent mij niet maar ik heb het gevoel alsof we samen vier jaren op pensionaat hebben gezeten. Al jouw verhalen die ik via de diverse media hoor konden mijn verhalen zijn. Ik weet zelf niet zo goed wat verder te doen. Ik volg jouw oproep voorlopig maar om niet mee te doen aan het onderzoek van Deetman. Ik heb mij dus ook nog niet aangemeld bij “Hulp en Recht” of moet ik dat juist wel doen? Zowel mijn broer als ik hebben verschrikkelijk geleden onder het pensionaat regime. Ik denk dat jij een van ons tweeën moet hebben meegemaakt. Ik was er van 1962 – 1966 (lichting Jos Slangen) Mijn broer, Jos Wouters, was vier jaren voor mij op het pensionaat. Mijn seksueel misbruik vond plaats bij de broeder verpleger (ik weet zijn naam niet meer). Onnodig en veelvuldig betasten en bekijken. Ik heb overigens de herinnering aan een dokter die van extern kwam die daar aan mee deed. Onderstaand stukje van jouw hand is precies mijn verhaal! “Meerdere broeders maakten misbruik van jonge jongens, weet Smeets. Ze dwaalden 's nachts door de slaapzalen; sommige broeders stonden naast de bedden te masturberen. Als er werd gedoucht, waren daar "op de een of andere manier" altijd heel veel broeders te vinden. "Bezeerde je je knie bij het voetballen, dan moest je naar de ziekenboeg. Daar moest je je altijd helemaal uitkleden. Altijd, al had je pijn aan je pink. Er werd gevoeld en gekeken, 'per ongeluk' gestreeld, ze kwamen heel dicht bij je staan of raakten jou eventjes met hun geslachtsdeel. Je liep continu gevaar." Lijfstraffen waren ook aan de orde van de dag. Stokslagen op de blote billen, forse meppen met de hand: het was dagelijks gebruik.” Al de verhalen die boven komen over de fysieke mishandeling grijpen mij tot op heden zeer aan. Naar aanleiding van jullie bezoek aan Br. Alphons voelde ik de drang om een ingezonden stuk in de Limburger te plaatsen (zie bijlage) Hieronder het niet ingekorte stuk: “Gerrie Schobben weet van enkele collega's over seksueel misbruik van jongeren op het jongenspensionaat Blijerheide.
Gerrie Schobben (alias broeder Alphons) heeft mij vier jaren lang een zeer onveilig gevoel gegeven doordat hij extreem geweldadig iemand kon afrossen: dit alles onder de noemer corrigerende tik. Zijn reacties waren zo onverwachts en buitenproportioneel dat hij op dat moment leek gedreven door opgekropte seksuele frustraties. Ik weet dat ik destijds daar zo al over dacht. Een voorbeeld: in de studiezaal werd een behoorlijk grote stoffer klaar gelegd om, wanneer iemand betrapt werd op praten, hem hier mee af te rossen. Dit gebeurde onder een traag opvoerend toneelstukje voor het oog van een ieder, dat dan als voorbeeld moest dienen. Het kwam meer dan eens voor dat de stoffer stuk geslagen werd. Het meest dramatische moment dat ik mij nog kan herinneren. In de eetzaal roept broeder Alphons de naam van een leerling die zich godzijdank met zijn gezicht de verkeerde kant opdraait. Want op het moment dat hij zich omdraait is een sleutelbos met ongeveer 15 sleutels, over een afstand van 20 meter,onderweg richting zijn hoofd en mist hem op een haar na. De man had dood kunnen zijn en broeder Alphons in het gevang. Deze geweldadigheden waarin ik mij vier jaren heb moeten handhaven hebben mij een onveilig basisgevoel gegeven waar ik tot op de dag van vandaag nog last van heb. Deze geestelijke mishandeling is naar mijn mening qua ernst vergelijkbaar met het nu genoemde seksueel misbruik. Dus broeder Alphons, als U een splinter ziet in andermans ogen vergeet dan vooral niet te kijken naar de balk in Uw eigen ogen.....!” Helaas hebben ze het voorbeeld van de sleutelbos en de stoffer eruit gelaten. Ook ik ben door Broeder S (ik neem aan dat je Servatius bedoeld) achterna gezeten met een bamboestokje dat hij voor deze gelegenheid boven op zijn chambrette had liggen. De aanleiding was dat ik ’s ochtens bij mijn kledingkastje mijn kuiten stond te masseren met een kledingborstel zoals de leraar ons de dag ervoor had aangeraden op school. Servatius vond dit belachelijk en omdat ik dat ontkende ging hij op zoek naar zijn bamboestokje boven op zijn chambrette. Hijgend is hij een kwartier achter mij aangehold iedereen bezwerend dat zij mij moesten tegenhouden. Dit tafereel eindigde bij de wasbakken waar ik mij tegen de spiegelwand aandrukte, Servatius lag met uitpuilende rooddoorlopen ogen half over de wasbakken en het bamboestokje zwiepte rakelings langs mijn pyjamajasje. Vanuit zijn frustratie heeft hij een straf opgelegd dat ik nergens meer aan mee mocht doen en iedereen mij vier weken totaal moest negeren. (sociaal isolement) Een straf die jou bekent voor moet komen.

Resumerend voor alle duidelijkheid de namen van de broeders die genoemd zijn

1 Broeder Monulphus (ziekenbroeder Bulletje)

2 Broeder Eymard (Dino)

3 Broeder Servatius (LS prefect)

4 Broeder Otho (wasserij/ fotograaf, de bonte hond)

5 Lebuinus (de heilige; bakkerij/ slaapzaal)

6 Pater Landric

7 Broeder Mansuetis

8 Broeder Vincent

9 Broeder Leonardus

10 Broeder Valentinus (lange Tinus)

11 Broeder Stephanus (VK)

12 Crispinus (overgeplaats Gemmenich, Belgie)

13 Broeder Jacobus (o.a slaapzaal toezicht)

14 Broeder Alphons (Funske, de Funs; slaapzalen toezicht)

15) broeder Lucas poging tot doodslag

Telt u even mee?

13 broeders, 1 Pater

Veertien geestelijken die zich vergrepen hebben aan kinderen op een en hetzelfde internaat St Maria ter Engelen te Bleijerheide voor wat betreft seksueel misbruik en/of lichamelijke mishandeling

Persoonlijke voetnoot!

Het is de kerk van mijn moeder en de kerk van mijn Oma. Mijn Oma een oprechte, overtuigd gelovige, ze was op haar mooist wanneer zij bad. Katholiek tot op het bot, en in haar oneindige liefdesziel vergeve mijn aanval op het huichelachtige bolwerk van de kerk. Maar dit lieve Oma is ‘Het verwaarloosde verleden van de Engelen jongens’.

Bert Smeets

8/31/2010 8:15:35 PM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Monday, August 30, 2010

Vanavond wordt in het programma Knevel en van den Brink het nieuws bekend gemaakt van claims Mea Culpa United. Morgen 13 u. persdag/ eerste vergadering MCU te Amersfoort.

Adres Palissaden 9 3829 NE Hooglanderveen

voorzitter / woordvoerder MCU Bert Smeets

06 25 26 20 36

info@bertsmeets.nl

8/30/2010 10:40:40 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

De Danneels tapes een mooie variatie op de biecht!

Iemand Aartbisschop André-Joseph Léonard gezien? Toch niet zijn eigen tapes aan het inspreken?

Wilt u ons dan echt steunen...ABN/ Amro rek nr. 59 25 95 161 tnv Mea Culpa United stichting.

De Huisvriend (deel 2) Op vrijdag 30 Juli publiceerde meaculpa-media.com het eerste deel van de Huisvriend. Even nog een korte terugblik

Mijn naam is Joke Philipsen, meisjesnaam Bekking geboren op 16 juli 1951 in een vrij arm katholiek schoenmakersgezin en het middelste kind van 3 meiden en 4 jongens. Ik wil via dit levensverhaal vertellen welke impact in het leven de Huisvriend, pater Otten, heeft gehad zowel bij mezelf als binnen het ouderlijk gezin en daarna in mijn eigen gezin met man , een dochter en een zoon. Ik heb nu de leeftijd van 59 en ben inmiddels oma van vier geweldige ONSCHULDIGE kleinkinderen. Ik ben nu wie ik ben, een goed mens, heb een fijne man, en een hele fijne relatie met onze kinderen, schoonzoon en schoondochter.

De Huisvriend

SCHULDPATRONEN ONTWIKKELEN, ONTKENNEN en ONDERKENNEN, OVERWINNEN

Ontkennen en onderkennen

Ik was me er toen op mijn 11-12 jarige leeftijd niet van bewust maar weet nu wel beter:” Ik had een diep trauma”. Ook al had ik het thuis verteld, het was niet opgelost. Ook al zou ik het duizend keer verteld hebben , zolang er geen erkenning zou komen en hulp zodat schuldgevoelens opgelost zouden worden zou ik dit als een zware last meedragen. Sterker nog, je leven verandert niet en je hebt jezelf patronen ontwikkeld waar je gewoon mee doorgaat, ook in het dagelijks leven, zodat alles nog dieper zinkt. Een steeds groter verantwoordelijkheidsgevoel nam bezit van mij. Ik hoop dat men dit kan begrijpen. Ik kan nu onderkennen dat ik jaren bezig ben geweest het geheel te ontkennen en niet in staat was in mezelf te kijken.

Ik deed mij uiterste best om het hele gebeuren te vergeten, te ontkennen en stopte het diep weg. Een andere keus had ik ook niet, het was zelfs mijn overleving. Wel bleef continue de angst voor de dood aanwezig. Mijn vader zei wel eens dat de kindertijd de mooiste tijd van je leven was. Dit had ook zo moeten zijn maar ik dacht bij me zelf: Wat moet het leven dan wel niet worden als ik volwassen ben?? De lagere katholieke school, genaamd St. Lidwina, zat er bijna op. Vanaf de 5e klas werden we ingedeeld naar afkomst. De mensen met minder of helemaal geen geld werden gedropt in klas 5b en de kinderen van “betere komaf” in klas 5a. Hier hoefde je niet voor geleerd te hebben om dit waar te nemen. Je kon van te voren aanwijzen wie er in de A klas zou komen en wie B keuze was. De kinderen in 5a werden voor de ulo of hbs klaargestoomd en de kinderen van het klootjesvolk mochten blij zijn dat ze naar de huishoudschool of lts mochten, dus B keus. De leeftijd van de pubertijd diende zich aan waarvan ik eigenlijk helemaal niet weet wat puberen was. Ik kan me dus ook niet herinneren wat nou eigenlijk voor mij de pubertijd betekende. Wel werd mijn astma, eczeem en extreme verkoudheden minder.

Onze pastoor Amse uit Doetinchem was tevens een verre van vredelievend mens. Biechten en naar de kerk gaan was een plicht. Als je als meisje geen petje of hoedje op had werd er aan de communiebank venijnig met zijn vingers op je hoofd getikt. Hij zorgde er wel voor dat je nooit naar hem toeging om eens iets te zeggen of te vragen. Wat een arrogantie straalde hij uit. Zelfs de volwassen mensen waren bang voor hem. Ons gezin zat natuurlijk in de zijbeuken achter een dikke pilaar, de goedkoopste zitplaatsen van de schouwburg. Ook hier was te zien wie van komaf was en wie niet. Was dit nu echt God die dit allemaal zo wilde??????? Is dit liefde geven of ontvangen?? Ik probeerde ook niet naar de preken te luisteren. Veronderstel dat er nog meer narigheid verteld werd, dan ging ik mij hier ook nog bang voor maken. Wel zijn de woorden in de mis Mea Culpa, mea Culpa, Mea Maximaal Culpa bij mij naar binnengedrongen en vond dit een klote (sorry voor dit woord) Mantra. Zelfs tijdens deze mantra moest je 3x met je hand naar je hart gaan. Ook hadden we in onze parochie twee kapelanen. Ik herinner me nog dat ik altijd bezig was naar de handen van priesters te kijken. Ik kon ze als het ware helemaal uittekenen en vergeleek ze met de worsthanden van onze huisvriend.

Er werd ons verteld dat je als meisje geen toekomst had in het bedrijfsleven. Leren strijken, eten koken en voor kinderen zorgen dat was jouw toekomst. Het aanrechtleven.

Jongens werden zo wie zo anders behandeld. Zij waren in mijn beleving meer waard dan meisjes. Mijn moeder bracht dit ook zo aan ons over. Ik kon dit moeilijk zetten en dit had zeker geen meerwaarde voor mijn eigenwaarde. Zij wist eigenlijk ook niet beter want zij was thuis zeer streng opgevoed met een dominante vader zoals ze wel eens vertelde. Ik had nog net het lef om in opstand te komen dat ik iets anders wilde en na een jaar huishoudschool mocht ik het proberen op de openbare ulo, want op de katholieke had ik natuurlijk geen schijn van kans. Ik wilde erbij horen en ik had de grote behoefte mijzelf en anderen te bewijzen dat ik iets kon en iets met mijn leven wilde gaan doen, terwijl ik aan de andere kant ook een ontzettend minderwaardig gevoel over mezelf had ontwikkeld maar dat kon ik goed verbloemen door vrolijk te lijken. Mijn behoefte om goedgekeurd te worden door anderen nam toe.

Pater Otten kwam nog steeds bij ons thuis al werd het wel minder. Of dit kwam omdat, wij kinderen, groter werden en hij geen kans meer had???? Ik wisselde nooit een woord met hem, maar was wel idioot bang dat hij mij ter verantwoording riep omdat hij misschien zou weten dat ik het verteld had. Hij liet goed merken dat hij er ontzettend trots op was dat hij de Berlijnse kinderen kon helpen met een vakantie hier in Nederland. Ik ging op de ulo van klas 1 naar klas 2. Wat was mijn vader trots. Hij vertelde dit aan de leraren van de lagere school en de broers onder mij mochten toen wel naar de ulo/mavo, waar ze hun diploma haalden. Ikzelf kreeg steeds meer concentratieproblemen en dwaalde sterk af in de klas. Ik had het gevoel weinig vriendinnen te hebben en leefde een beetje in mijn eigen wereld. Geschiedenis en aardrijkskunde waren vakken waar ik bang voor was. Dit waren vakken die met het verleden te maken hadden, iets wat gebeurd was, en ik had mezelf aardig aangeleerd niet meer aan het verleden te denken. Alles wat enigszins met het verleden te maken had daar nam ik afstand van.

Blijheid van binnen voelde ik niet. Mijn vader en moeder leefden wat afstandelijk. Dit merkte ik omdat mijn vader iedere avond naar zijn zus en broer, die naast ons woonden, ging en mijn moeder dus vaak alleen zat in de avonduren. Ook vroeg ik mij wel vaker af of mijn moeder wel van mijn vader hield. Mannen willen eigenlijk maar één ding zei ze wel eens. Nooit en te nimmer heb ik ooit maar eens gezien dat mijn vader mijn moeder een kus gaf of andersom. Ik had best wel medelijden met haar, want ze was een ingoed mens en ik hield van haar. Ze kon zich alleen niet uiten. Ook was ik er veel mee bezig dat ook zij een keer dood zou gaan. Ik moest er niet aan denken. In klas 3 bleef ik zitten. Mijn vader had hier grote moeite mee. Ikzelf wilde zo graag verder maar mijn concentratie liet het afweten en ik was niet bij machte dit te herstellen en was altijd blij dat de lessen afgelopen waren. Inmiddels was ik 15, bijna 16 en mijn zus gaf thuis een feestje van haar werk. Daar leerde ik mijn huidige man, Frans, kennen met wie ik 2 kinderen heb. Het eerste wat bij mij opkwam was dat er iemand interesse in mij had. Dit moet ik vasthouden dacht ik bij mijzelf. Er is iemand die misschien wel van mij kan gaan houden!!! Als een idioot beet ik me hierin vast. De verkering kreeg een beetje vorm. Op een zaterdag toen Frans bij ons thuis kwam zat pater Otten er ook. Ik kreeg een ontzettend beklemmend gevoel en dacht dat ik me moest verantwoorden tegenover pater Otten. Ik had gevoelsmatig iets opgebouwd dat ik het bezit van pater Otten was en er was nu iemand anders bij. Ik weet het, te idioot voor woorden, maar het was mijn belevingswereld, mijn schuldgevoelens, mijn verantwoordelijkheden, mijn angst. Ook was ik bang dat Frans wel eens met hem in gesprek zou gaan, want veronderstel dat hij en pater Otten kunnen goed met elkaar kunnen. Gelukkig hebben zij nooit een diepgaand gesprek met elkaar gehad. Frans had ook helemaal niets met hem, hij had zelfs weinig met de kerk. Hij was wel katholiek opgevoed, maar kon er makkelijk afstand van nemen omdat hij bepaalde dingen over het geloof thuis meekreeg waar hij verre blij van werd. Hij kon vrij makkelijk zijn eigen weg hierin kiezen. Op 18 jarige leeftijd overleed mijn broer die maar 19 jaar was. Een bromfietsongeluk! Ik was dus altijd ontzettend bang voor de dood en heb het hele huis ongeveer bij elkaar geschreeuwd en tegen de muren geslagen. Nooit kon ik meer met hem praten. Ik wilde hem zo graag zien en bad God dat ik nog 1 keer met hem mocht praten zodat ik mijn excuses kon aanbieden omdat we wel eens ruzie hadden gehad. Ook wilde ik hem vragen of ook hij door de pater..……….en zou hij ook zo bang zijn geweest voor de hel. De hele familie was lamgeslagen door dit gebeuren. Voor de dag van de begrafenis werd er een avondwake gegeven en afscheid van broer Theo genomen. En de avondmis werd gedaan, let wel, door onze huisvriend pater Otten. Ik vond dit meer dan rampzalig. Waarom hij, waarom vonden mijn ouders dit goed? Zelfs nu we echt met de dood geconfronteerd werden moest hij het afscheid begeleiden. Mijn ouders moesten toch wel het idee hebben gehad dat de huisvriend boven alle wetten stond. Vooral die klote financiële afhankelijkheid deed hen waarschijnlijk hun mond snoeren.

Ik was inmiddels wel overgegaan van 2x klas 3 naar 4 van de ulo. Mijn concentratie werd steeds slechter en ik heb dus niet mijn diploma gehaald. De dikke onvoldoende voor geschiedenis/aardrijkskunde deed mij de das om. Wat voelde ik mij een slecht mens. Ik wilde voor geen goud meer naar school en ben werk gaan zoeken. Ik kreeg mijn eerste kantoorbaantje. Twee jaar nadat mijn broer was overleden overleed mijn vader aan een hartaanval. Dit had een minder grote impact als bij mijn broer. Ook hier mocht onze huisvriend weer de avondwake doen. Mijn moeder was in vele opzichten afhankelijk van mijn vader en ik had na de dood van mijn vader medelijden met haar. Ik probeerde haar op mijn manier te helpen en sliep s’-nachts bij haar. Ze raakte hier zo aan gewend dat ik niet meer terug naar mijn eigen kamer durfde, bang om haar te kwetsen. De verkering bleef aan, maar ooh wee als we een beetje te dicht bij elkaar gingen zitten. Van mijn moeder kregen we meteen een seintje dat we verder uit elkaar moesten zitten. Veronderstel er komt iets van en je zou MOETEN trouwen!!! Dat zou rampzalig zijn en dat werd er compleet ingepeperd. Een goed katholiek had geen seks voor het trouwen. Voor mij was het voor de zoveelste keer weer niet te vatten. Een priester die aan je zit, dat wordt oogluikend toegestaan, want uiteindelijk was hij ook maar een mens werd er al eens gezegd en als je zelf bijna volwassen bent heb je nog steeds geen zeggenschap over je eigen lijf. Hoe ver kan men zinken. Let wel, dit was MIJN gedachtewereld op dat moment. Mijn moeder heeft mij toen ik 50 jaar oud was verteld dat ze het er moeilijk mee gehad heeft.

De schoenmakerij en schoenwinkel werden opgeheven en onze huisvriend is nadien NOOIT meer bij ons thuis geweest. Niet meer bij ons thuis maar hij zat nog wel in “MIJN Huis, MIJN tempel, MIJN eigen lijf”. De huisvriend reed nog wel op zijn brommer door Doetinchem maar hij kende ons gewoon niet meer. Hij negeerde mijn moeder als ze elkaar tegenkwamen. Inmiddels toen ik 21 jaar was trouwde ik met Frans en ik was op dat moment ontzettend blij dat ik het ouderlijk huis uitging. Tevens bekroop mij het nare gevoel dat ik mijn moeder in de steek liet.

We kregen twee kinderen, een dochter en een zoon. Ik had mezelf voorgenomen mijn eigen kinderen goed in de gaten te houden en dat er daadwerkelijk niemand, maar dan ook niemand aan hen zou komen. Dit was een overreactie van mijn kant, maar met de beste bedoelingen. Ik was 28 jaar en onze dochter was bijna vier jaar oud, de leeftijd waar bij mij het misbruik was begonnen, toen ik volop angsten kreeg en dit was niet meer tegen te houden. Ik had een extreme dwang om uit het raam te springen. Ik kreeg pillen van de dokter maar niets hielp. Ik eiste van mijn man dat hij naast mij moest gaan liggen en mij vast moest houden voordat ik gekke dingen deed. Ik was moe, op, kon niet meer slapen, hartkloppingen, angstig. Dit was de HEL.

8/30/2010 7:28:15 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Sunday, August 29, 2010

Kardinaal Danneels is niet de enige die liegt, ontkend

'wat denkt u hiermee te bereiken,' vroeg Danneels aan het slachtoffer...juist

8/29/2010 9:01:06 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Niet met de ogen toe.

Wie een misdaad begaat en de bestraffing lang kan uitstellen, kan de geschiedenis automatisch als verzachtende omstandigheid gebruiken. Dat geldt bv. voor de SS-er die een kampbeul werd en na de oorlog een voorbeeldig postbeambte, en die daarna alleen nu en dan zijn vrouw afranselde en nu, hoogbejaard, de rechter om genade smeekt, alhoewel zijn ogen een ander verhaal vertellen.

De vraag is of dat ook geldt voor een instituut dat ons al eeuwen wijs maakt dat zijn wetten niet veranderen, omdat ze van Hierboven komen en in Hierboven is geen nu of morgen of gisteren. In Hierboven is het altijd altijd. In de eeuwen der eeuwen. Amen.

Toen in 1957 een pater, als Introitus, met zijn hand in mijn jongensbroekje foefelde, onder het flemend fluisteren van lieve woordjes, moest het zesde en negende gebod dan nog ontdekt worden? Waren er in 1953 nog witte plekken op de twee stenen tafelen? Heeft de Hemel alle versies van de 10 geboden op een stille nacht naar de hoofdzetel terug geroepen om ze door legioenen engelen van een supplementje te voorzien?. Zouden het dan niet het negende en het tiende gebod geweest zijn? Hebben de nonnen die in Brussel, onder het zingen van gewijde liederen de tieten in de Playboy van een zwart bandje voorzagen, dat over de molensteen in alle bijbels ter wereld bijgevoegd?

Net zoals voor het bestaan van God en de rechtmatigheid van de Vatikaanse aanspraken op moreel gezag zijn er weinig bewijzen voor deze operaties, maar een goede film zit er wel in natuurlijk. Angels op witte Harley’s schieten door de nacht van de ene dorpskerk naar de andere, breken spoorloos in langs de sacristie, updaten de Bijbel en nemen bij het weggaan nog een kratje miswijn mee. Sinterklaas doet de huisbijbels natuurlijk, hij heeft de nodige techniek en vakkennis in huis.

Ik durf de vraag bijna niet stellen, want er gaapt een donkere afgrond achter.

Waarom zagen de ogen van toen het niet? Waarom zien de ogen van nu het wel? En waarom wil Deetman de ogen die het wel zien onbevoegd verklaren?

Als aan de eenvoudige regels van Hierboven iets is veranderd, dan kunnen we die boetiek beter meteen sluiten natuurlijk. Wie heeft er nu behoefte aan een moreel kompas dat het verschil niet kent tussen half zeven en half twaalf? En een Monseigneur die aan het zesde gebod toevoegt: Doe nooit wat onkuisheid is, maar als het zaad er niet uit komt, is het geen zonde, heeft de schijn van eeuwigdurend moreel gezag niet mee, maar is eerder een morele doe-het-zelver, bezig met een reparatio pro domo, zonder veel profetisch vuur.

Was het in de ogen van toen minder laakbaar? Is het daarom dat wij het nu pas zien? Zijn wij veranderd en hebben we pas in 2009 ontdekt wat er aangericht is?

Wat was er mis met een paar eenvoudige regels, zoals het zesde en negende gebod en “gij zult niet liegen”. De molenstenen en de “minste der mijnen” was dat toen te hoog gegrepen voor dwangcelibatairen die jaren theologie hadden gestudeerd? Wisten de professoren theologie niet dat er een simpele vuistregel was: “Doe nooit wat je zou laten als de ouders er bij stonden”?

Zij zagen het niet omdat er nog iets veel ergers aan de hand was: ze dachten dat zij dat mochten. Misdienaars die op hun eentje masturbeerden, dat was fout natuurlijk en je ging ervan naar de hel en het was slecht voor je ruggemerg, maar een hijgende pater in de nek van een menneke van elf jaar, dat was pas canoniek. Maar niet pluis natuurlijk. Toen niet. Vandaag niet. Morgen niet. Altijd niet.

Amen

Achter de vraag gaapt de donkere afgrond van het moreel failliet van een giganteske instelling die dacht dat ze nog de macht had om de doofpot dicht te houden om het Instituut te beschermen, nadat ze het Woord al lang achter zich had gelaten. Daardoor, niet door het aberrante gedrag van de onvermijdelijke pedocriminelen in haar rangen, heeft ze zelf haar sociaal kapitaal vernield. En in de diepte van die afgrond wacht de vraag: waarom hebben wij zo lang gezwegen?

Ogen van toen zagen niets en daarom zijn ze in deze niet zo geschikt als historische bron. Men moet de excuses van toen niet opnieuw gebruiken. Das haben wir nicht gewusst is ook niet zo lang meegegaan als sommige Duitsers dat wilden.

De tweede Reformatie, die van de boze misdienaars en de meisjes van de Eucharistische Kruistocht treft de Kerk omdat ze weer het Woord heeft verstikt onder goud, macht en hebzucht. Dat zal Deetman als protestant wel begrijpen: onze ogen zagen het niet omdat ze door wierook en paarse shows toegeslibd waren en we morele oordelen overgelaten hadden aan de Kerk en die Kerk bestond uit legioenen ja- want anders zwaait er wat- knikkers en uit duizend bisschoppen die hun geweten hadden ingeruild voor een ontvangertje van radio Vaticano en kardinalen die met hun oordeelsvermogen van een blinde mier niet eens inzagen, met de ogen van toen, dat de 30 zilverlingen van Judas de voorafbeelding waren van de geschenkmanden (minimaal 10.000 US$) van de Z.E.H. Marcial Maciel, sexmaniak, kinderverkrachter (ook zijn eigen kinderen), oplichter, dief, charismatisch priester van de preconciliaire stempel en buddy van de heer Woytilla.

De tweede Contra-Reformatie kondigt zich al aan. Jonge, gladgeschoren pastoorkes met fijne ambitieuze brilletjes, sluipen terug de parochies binnen. Duistere bewegingen planten zich voort binnen de universiteiten. Williamson was een oefening in negationisme en leugen. Het godsdienstonderwijs moet “terug naar de bron” de clerus keert terug de rug naar de schapen. Duizend gelovigen geven in Scherpenheuvel de clerus de absolutie zonder belijdenis. De geschiedenis wordt weer vervalst.

Laat ons a.u.b. met de ogen van nu kijken naar wat de ogen van toen niet zagen. Anders staan ze er straks weer, met hun walmende wierookvaten, vliegende bedevaartbanieren en foefelende paters, die het weer niet zien.

Als ik Deetman was, ik kocht een bril van nu. dan zou ik aan de Kerk melden:

“Eerwaarde Heren, (want de dames staan aan de koffie), het enige wat veranderd is, is dat de helft van de Nederlandse bevolking niet meer als een kudde dwaze schapen achter uw banieren loopt. Ze zien nu wat ze toen niet zagen, daarom zijn ze uit de stal vertrokken. Maar eerst willen ze die nu uitgemest zien. Niet de morele regels zijn vervallen of gewijzigd, uw voos gezag is om zeep ” Zo leert een Nederlander nog eens wat Vlaams ook, het is al erg genoeg gesteld met de talenkennis in het Hoge Noorden.

Amen

San Deurick

8/29/2010 1:09:14 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Saturday, August 28, 2010

MeaCulpa United (MCU) stichting

De stichting heeft ten doel de belangen van personen door priesters, nonnen en andere functionarissen verbonden aan de rooms-katholieke kerk of andere kerkgenootschappen of kerkelijke instellingen seksueel of anderszins zijn misbruikt in hun jeugdjaren of daarna, of personen die door genoemde functionarissen geestelijk of fysiek zijn mishandeld, dan wel tijdens verblijf in, door toedoen of medeweten van rooms-katholieke instellingen of instellingen verbonden aan of deel uitmakende van andere kerkgenootschappen, waarbij onder seksueel misbruik ook wordt verstaan alle seksuele contacten die door meerderjarige functionarissen met minderjarigen hebben plaatsgevonden, al dan niet met toestemming van de minderjarigen, alsmede alle seksuele contacten tussen volwassenen waardoor door de betrokken geestelijken druk is uitgeoefend op betrokkenen of gebruikt gemaakt is van het overwicht dat deze geestelijken uit hoofde van hun functie kennen en voorts al hetgeen met een ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

Met het oog op de in het vorige lid genoemde belangenbehartiging streeft de stichting naar:

a.

het verkrijgen van erkenning van het leed dat slachtoffers van genoemd seksueel misbruik of mishandeling ondervonden hebben en ondervinden;

b.

het aan het licht brengen van bedoelde misstanden, zowel in verleden als heden;

c.

het verkrijgen van schadeloosstelling voor de slachtoffers voor de door deze ondervonden schade, zowel op het immateriële vlak (voor ondervonden leed en gederfde levensvreugde) als op het materiële (voor gemaakte onkosten, gemiste inkomsten);

d.

het geldend maken van aanspraken van slachtoffers door het inroepen van rechtskundige bijstand;

e.

het namens slachtoffers (ook als deze anoniem wensen te blijven indien mogelijk) indienen van klachten bij de bevoegde instanties, waaronder ook strafrechtelijke, dan wel hierbij behulpzaam zijn;

f.

het verzamelen van informatie met betrekking tot genoemde misstanden;

g.

het meewerken aan bekendmaking hiervan, ook door inschakeling van publiciteit media en anderszins;

h.

het ertoe bijdragen dat degenen die zich aan een en ander schuldig hebben gemaakt zoveel mogelijk worden aangesproken, zowel civiel als strafrechtelijk;

i.

het bevorderen dat voorkomen wordt dat genoemde misstanden blijven voortduren, dan wel door de rooms-katholieke kerk of andere kerkelijke instellingen, de gelegenheid geboden wordt om dergelijk misbruik te laten voortduren of te doen plaatsvinden;

j.

het ertoe bijdragen dat kerkelijke richtlijnen en instructies die ten doel hebben om misbruik en mishandeling verborgen te houden of te verdoezelen worden ingetrokken;

k.

het samenwerken met organisaties in binnen en buitenland teneinde zowel nationaal als internationaal een en ander te verwezenlijken.

MCU realiseert zich zijn taak en wil en kan dit alleen samen met anderen doen. Al vele vrijwilligers hebben zich gemeld en werken mee aan de ideële doelstellingen van MeaCulpa United. Geloofwaardigheid en een ommekeer in het zijn van slachtoffer naar overlever staat bovenaan. Het tot verwezenlijking van het doel van de stichting bestemde vermogen wordt gevormd door

Giften / donaties

ABN/ Amro 59 25 95 161 tnv stichting mea culpa united Maastricht

De stichting mag geen uitkeringen doen aan een oprichter of aan een bestuurder

Kosten, die bestuurders in de uitoefening van hun functie maken, worden door de stichting vergoed

Voorzitter / woordvoerder MCU Bert Smeets info@bertsmeets.nl

8/28/2010 12:26:19 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Friday, August 27, 2010

LET’S TALK ABAUT SEX

Het hoofdbezwaar tegen de commissie Deetman is het doel waarvoor zij zijn opgericht. Dit doel het onderzoeken van seksueel misbruik verhalen opgedaan in instellingen van de katholieke kerk, wordt onderzocht zonder volledig te onderzoeken. Duidelijk is dat het een door de kerk gefinancierd onderzoek is, dus onafhankelijk is niet het woord waarmee deze commissie zich mag behagen. Bovendien heeft een van haar leden, Marit Monteiro, zich al menigmaal ingezet in andere onderzoeken, (vroomheid in veelvoud) allemaal betaald en in opdracht van de kerk. De banden zijn dus nogal intiem. Dat brengt me bij het belangrijkste punt waarom deze commissie zijn werk moet herzien is dat ze haar eigen doelstellingen ondergraven: een sex-crime onderzoek waar geen seksuologe in plaats heeft. Preutsheid of doelbewuste keuze? Het betreft een zedenzaak, vergrijp in instellingen, internaten en parochies van de katholieke kerk dat over de hele wereld plaatsvindt. Toeval? Nee, sex is nooit toeval, het zit in ieder mens, ook als die zich Paus noemt, alleen je vraagt de Paus niet naar zijn fantastische beleving van erotisch getinte gedachten, hoeft ook niet, want dat gaat niemand wat aan. Maar hier, waar kinderen misbruikt, mishandeld en voorwerp van manipulatie zijn in een zwijgcultuur die daarna decennia lang over hun hoofden hing is het zaak om deze priesters die kinderen misbruikten direct te ondervragen naar het seksuele conflict waarmee zij tijdens hun celibatair leven worstelden. Dit onderzoek moet zich dus richten op een grote groep mensen in de kerk; het is wat boud om te beweren iedereen, maar laten we niet discrimineren: iedereen: bisschoppen, pausen en lieve, goedlachse nonnetjes. Dit hoort bij een onafhankelijk onderzoek.

Dit voor wat betreft de lichamelijke kant van de priester. Nu de geestelijke kant want we hebben hier te maken met geestelijken! Hij / zij die in de huid moesten kruipen van iemand anders die ze moesten naleven voor het geloof bv. Jan , Piet en Dirk; Cristel of Anna die transformeerden in de heilige Lambertus, Ignatius of Lebuinus, zuster Benvenuta of zr Cecilia. Gewoon jongens en meisjes uit de polder en het heuvelland die al homoseksuele gevoelens kenden voordat zij intraden. Zij moesten door deze gedaanteverwisseling hun identiteit opgeven. Waarom? Voor de zelfverloochening en omdat Jezus dat van hun vroeg om al heel jong hun persoonlijkheid te veranderen, een raar toneelstukje: ‘volg mij en verloochen uw zelf,’ dat zou Jezus toch gezegd hebben? Een van de mystieke geheimen van de kerk waar het gaat om een volledige afzwering van het ego, het individu kortom. Mooi, maar net als het celibaat niet voor iedereen weggelegd en dat was ook niet de bedoeling, ik heb het ervaren als de geest ontzielen want al ging ik gedwongen naar het internaat, voor het kloosterleven had ik niet gekozen maar dat werd simpelweg, meedogenloos erin getimmerd en ingevoerd; je werd een aspirant kloosterling, misdienaar fase UNO om je voor het hiernamaals klaar te stomen.

Terug naar de commissie want zij moeten dit allemaal onderzoeken en dan is natuurlijk de vraag vanuit welk perspectief, met welke visie zie je naar de dingen; lees je stukken. Iedere wetenschapper heeft hopelijk een visie een doel bij zijn onderzoek (Merkelbach terug gevonden herinneringen). De poppen bij de Waaijer bolderkar affaire; het wringt tussen theorie en praktijk (Monteiro) maar de voorzitter is trots op zijn topwetenschappers die behept zijn met de merites van hun kennis, logisch maar daarmee wordt de repressieve moraal van de kerk niet blootgelegd, dus daarom...Let’s talk about sex!

De commissie Deetman onderzoekt de verhalen van de slachtoffers en de daders maar wel achter gesloten deuren. Typisch, dat is haar opdrachtgever eigen; nu wordt het alleen te bont wanneer zij archieven gaan vragen aan het NRC of de wereldomroep (meaCulpa kent ook archieven waarvan de meeste een claim willen). Voor de waarheidsvinding lijkt deze dossierbelustheid naturel maar geven ze een reden waarom ze de archieven willen? 900 meldingen is dat te weinig? Nogmaals wij bij meaCulpa hebben ook een groot archief. Dit is niet te koop, niet inwisselbaar, niet voor wetenschappelijke studie maar om mensen moed te geven dat wij onafhankelijk te werk gaan met een doelstelling die de stichting MCU geformuleerd heeft, binnenkort online. Wetenschappelijk onderzoek is de nieuwe God, nu de geest multi-actief blijkt kan de commissie beter de tijd nemen, maar niet in de naam van de slachtoffers, dat gaat verjaren.

Volgende punt: de verjaring waar de voorzitter menigmaal aan appelleert bij zijn persconferenties: ‘opletten jongens en meisjes, de meeste zaken zijn verjaard dus weinig strafrechtelijk tegen te doen.’ Deze conclusie is al getrokken en daar passeert Deetman een grens die maar de vraag is of die in Europees verband of rechten van de mens is vol te houden want volgens het hof van Genève verjaard seksueel misbruik en mishandeling niet wanneer het een identificeerbare groep betreft...nou kinderen zijn dit!

Heel betuttelend is dat er besloten bijeenkomsten komen, wij, de slachtoffers hadden toch prioriteit! Snel bijeenkomsten organiseren want anders is het zo afstandelijk en formeel. Human kindness is overflowing maar wat is het doel, wetenschappelijk of therapeutisch? Hoort het bij de kerkelijke opdracht? Komt Bodar ook zijn kont draaien want die is geestelijk toch bij iedere slachtofferdag aanwezig. Vervelend is alleen dat Deetman uitmaakt wat prioriteit geniet en hoe besloten het moet en mag het dan alleen therapeutisch of mag het ook een beetje fel tekeer gaan? Heer Deetman wordt wakker er zijn mensen die willen er openlijk over praten, beslis niet dat ieder slachtoffer zwak is en niet voor zichzelf kan opkomen!

De slachtoffers moeten blijvend voor zichzelf opkomen, dat is hun lot en de commissie kan dit lot niet in een of twee praatsessies rechttrekken, daarmee jagen ze de herseninformatie het openveld in, sky high, gelijk een psychose, een soort van speed therapie die onverantwoord is. Hoe zit het met de gemelde daders? Krijgen zij een andere therapie (hoe lang?) een dader heeft toch een strafbaar feit gepleegd? Gemeld bij justitie? Leven wij in een rechtstaat of in de Kerkstraat? U zegt het maar Deetmannen: wat is uw adres...de opdracht komt van de kerkstraat en gaat de conclusie naar de rechtstaat...oh nee eerst terug naar de bisschoppen want die moeten nog reageren...leuke pot hoor...twee teams van dezelfde club. Afsluitend met een klein citaat van Tori Amos

I said sometimes I hear my voice

And it's been here

Silent all these years

Laten we het initiatief aan onze kant houden!

meaCulpa unite!

foto Ramon Smeets

8/27/2010 2:54:44 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Thursday, August 26, 2010

'Niet met de ogen van nu

wel met de ogen van toen

niet met de ogen dicht

wel met de ogen half open

slapen, de broeder is moe

maar trekt zich af

het jongetje slaapt

ziet niks

de broeder van toen

ziet met de ogen van nu

in het nu is alles anders

knipperen ze nog een keer

de ogen hebben het gezien, opgeslagen

BS

8/26/2010 12:29:28 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Geachte heer Deetman,

Ik twijfel niet aan uw intenties maar ik ontkom er niet aan u een aantal moeilijke vragen te stellen n.a.v. uw interview met de volskrant op 25 augustus. Ons vertrouwen in de kerk en dat van onze ouders is zo geschonden, er is erg veel nodig om dat vertrouwen te herstellen. Er is pijn, verdriet, woede en wantrouwen. Ik lig ’s nachts wakker op zoek naar woorden om de kloof te overbruggen. Het is pijn die tot nu toe door velen in eenzaamheid gevoeld is, zonder iets te weten van al die anderen. Het individuele vermoeden van een systematisch kwaad dat versnipperd aanwezig was bij de minst getelden, kwam onlangs plotseling bij elkaar in een eerste gezamenlijk weten. Dat is voor een pyramidevormige organisatie een omkering. De omvang van het probleem is nog niet vast te stellen. Hij blijkt al veel groter te zijn dan we konden vermoeden, en het aantal aanklachten is naar alle waarschijnlijkheid maar een topje van de ijsberg. ( Murphey report, hfdst. 1 p 2-4 en verder)

Het is begrijpelijk dat u zelf een zeker vertrouwen in de kerk lijkt te hebben behouden, en misschien zelfs enig ontzag opbrengt voor deze wonderlijke organisatie die zowel in de beklaagdenbank zit als opdracht aan u geeft tot waarheidsvinding en rechtsherstel.

In de volkskrant haalt u het bekende motto aan “niet met de ogen van nu”: dat roept onduidelijkheid op, het hoort in een redeneertrant thuis die zaken op ongeloofwaardige wijze verontschuldigt.

Houdt u dat nog open als een manier om het te begrijpen? Het “achteloos wegschuiven”- houdt u dat nog voor een toevallige gewoonte van mensen die belangrijkere zaken aan hun hoofd heetten te hebben? Een gewoonte die nu eenmaal zo was en waarbij van geen opzet sprake was? Bedoelt u dat er niemand verantwoordelijk is geweest voor het systematische wegkijken en zwijgen?

“vertel niet zo’n rare dingen”

“vertel niet zo’n rare dingen, en trouwens wat maakt het uit, zo erg is dat niet, dat was in die tijd nu eenmaal zo! Het zijn trouwens wel zware beschuldigingen die je daar uit, die kun je niet bewijzen: ik waarschuw je, spreek daar met niemand over.” Het is een reactieketen die ik vaak hoorde.

Als jurist herkent u vast dit soort denkpatronen van verdachten en hun verdedigers in hun bejegening van slachtoffers.

Als in een rechtszaal een zeer machtige daderorganisatie u vertelt dat ze niet geweten heeft van de feiten, en u zou weten dat deze organisatie veel energie besteed heeft aan het verbergen ervan, als die organisatie daarbij nog zou zeggen dat ze niet wisten dat het ernstige misdrijven betrof, dan zou u daar vast niet van onder de indruk zijn. Het is niet waar dat de moraliteit over mishandeling van en sex met kinderen in andere tijden zo anders was. Dat blijkt zonneklaar uit de goed georganiseerde geheimhouding ervan die we kunnen volgen uit het onderzoek “bishop-accountability” van de Ierse commissie Murphey. (http://www.bishop-accountability.org/reports/2009_11_26_Murphy_Report/) hoofdstuk 1

Ook zijn er andere perioden in de geschiedenis waar kindermisbruik aan de dag kwam en al wie spreken durfde uitte daar zijn diepe verontwaardiging over. Mijn vraag is hier: Twijfelt u werkelijk aan het niet weten van de feiten en het niet weten van de gruwelijkheid ervan?

De leiders van de kerk zijn vaak zelf juristen ( Murphey) of hebben andere opleidingen waarin ze goed hebben geleerd logisch te denken: hun onwetendheid en tegenstrijdige suggesties op dit gebied zijn ongeloofwaardig. ( Murphey)

“…en trouwens waarom kom je daar nu pas mee!”

Dat is nog zo’n uitspraak.

Uw reputatie als jurist schijnt onbetwist te zijn. Het is voor mij ondenkbaar dat u voor de kerk een ander recht zou laten gelden dan voor een andere organisatie. Toch lijkt het of u de vraag “waarom heeft nooit eerder iemand aan de bel getrokken?” ( Volkskrant 25 augustus) neerlegt bij de slachtoffers. Dat voelt niet goed, slachtoffers hebben in hun isolement niet de informatie die de kerkelijke leiding heeft, over de wijze waarop de kerk met klagers en hun klachten is omgegaan. We konden vaak de angst van onze ouders niet plaatsen omdat we niet wisten hoe machteloos en in hun broodwinning bedreigd zij zich konden voelen, we begrepen het wegkijken van de buitenwacht niet als we signalen afgaven en geen contact kregen. Aan de leiders moet die vraag gesteld worden! Zij wisten het! In de Ierse rapporten wordt het al uitgebreid beschreven, het was hier niet fundamenteel anders. Wat doet u met die voorkennis? Aan wie stelt u nu de vraag “waarom nu pas?”

Ik kan me uw machteloosheid wel voorstellen: het budget waarover u beschikt is veel te klein voor waarheidsvinding in een zo grote zaak, laat staan rechtsherstel en hulp. Toch is dat wat de slachtoffers verdienen, en u schijnt het ze ook te gunnen.

De rapporten van de Ierse commissie vertellen ons dat het proces van waarheidsvinding slechts tot stand kan komen door overlevers zelf, die hun verhaal durven publiek maken, en door de media, die daar ruimte voor scheppen. De kerkelijke leiders spreken steeds weer hun goede wil uit maar handelen tegenovergesteld: zij houden gegevens verborgen en belemmeren de waarheidsvinding. Helderheid over de rol van de kerk in de vertraging van de aanklachten heeft in Ierland een belangrijke rol gespeeld in de beoordeling van de verantwoordelijkheid van de ambstkerk voor dit misbruiksschandaal. Het denken over de verjaring is daarom eenvoudig niet houdbaar gebleken.

Tenslotte: Moedigt u vooral met veel meer overtuigingskracht en publiciteit de slachtoffers en getuigen aan dat zij getuigen en aanklagen, in het belang van henzelf en van de beëindiging van dit kwaad. Dat doen wij ook, en weerhoud hen niet van mogelijke wegen om ondanks verjaring voor zichzelf op te komen bij de rechter, nu we immers weten dat het uitstel vooral aan het optreden van kerkelijke leiders te wijten is! Verder uitstel dient het verkeerd begrepen eigenbelang van de ambstkerk. Ik ken redenen om de vraag te stellen of het vandaag niet nog gebeurt, maar nog veel verborgener. Dat is voor mij een sterke drijfveer. Neemt u dat mee in uw onderzoek?

U stelt mij gerust met uw uitspraak dat de reputatieschade van de kerk geen prioriteit mag hebben over de belangen van de slachtoffers. Hoe denkt u over het kerkelijke belang bij het handhaven van haar bezittingen? Als ook dat niet tot de prioriteiten mag behoren, ligt het dan niet voor de hand het voorbeeld van Ierland te volgen en een onafhankelijke commissie in te stellen die meer slagkracht heeft om de belangen van de slachtoffers te dienen? Wij wachten niet af, we weten immers te goed dat de ambtskerk haar verantwoordelijkheid wil ontlopen.

Annemie Knibbe

LET’S UNITE………WAKE-UP CALL

Annemie,

Met jou hoop ik dat iedereen die MeaCulpaUnited een warm hart toedraagt beseft dat wij op een respectvolle en transparante wijze aloude normen en waarden in de RK Kerk willen evalueren en desnoods veranderen. Al onze verhalen vertellen over een gruwel die misbruik heet en wat een enorme impact dat in ons leven heeft. Een rode draad loopt door alle verhalen van misbruik heen. Daders zijn gevrijwaard, beschermt en gekoesterd door de moederkerk. Er zijn veel overeenkomsten in het leed van ons allen. Wij protesteren tegen het feit dat survivors geïsoleerd moeten getuigen bij de commissie Deetman of Hulp en Recht, en vervolgens maandenlang moeten wachten op een reactie. Als die al komt want ook dat is heel wisselend. En wij, met onze misbruikverhalen, worden weggezet en genegeerd alsof het NIET over ons gaat. Nu, decennia later, zijn wij uitgegroeid tot ervaringendeskundigen op het gebied van misbruik binnen de RK Kerk. Als er een echt onafhankelijk onderzoek komt waar wij achter kunnen staan, zijn wij de eersten die opstaan om voor alle survivors genoegdoening en erkenning van het misbruik te krijgen. Wij hebben niet voor niets een mooi motto “UNITE”.

Marjan Hendrickx

8/26/2010 12:22:24 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Wednesday, August 25, 2010

900 slachtoffers misbruik kerk melden zich Uitgegeven: 25 augustus 2010 07:29 Laatst gewijzigd: 25 augustus 2010 07:28 RIJSWIJK - Ruim negenhonderd slachtoffers van seksueel misbruik binnen de kerk hebben zich de afgelopen maanden gemeld bij de onderzoekscommissie van oud-minister Wim Deetman.

© ANP

Dat heeft Deetman gezegd in een interview met de Volkskrant dat woensdag is verschenen. Volgens Deetman hebben slachtoffers verschillende redenen om naar de commissie te stappen, en wil niet iedereen een schadevergoeding.

''Er zijn slachtoffers die alleen hun verhaal willen doen en willen dat het onderzocht wordt. Er zijn veel mensen die hulp en begeleiding willen'', aldus de oud-minister. Ook daders hebben zich bij de commissie gemeld, aldus de commissievoorzitter. Hij benadrukt in het interview dat daders er goed aan doen zich te melden.

© ANP

Heer Deetman belt u even met Patrick Chatillion Counet hij kent daders die zich maar niet melden. Roept u maar! mea Culpa is het spel beu van naar elkaar roepende figuren die de hoogste prioriteit aan de slachtoffers geven maar in feite elkaar de hand boven het hoofd houden. Doe iets!

Heer Deetman; onderzoeker!

Northern Ireland:

Report Cites Cover-Up in Bombing By THE ASSOCIATED PRESS Published: August 24, 2010

The British government and the Roman Catholic Church worked together to cover up the suspected involvement of a priest in a 1972 bombing that killed 9 people and wounded 30, a new report said Tuesday. The report, by the Northern Ireland police ombudsman, found that the Rev. James Chesney was the main suspect in the bombing in the village of Claudy, just outside Londonderry. But after a meeting between Cardinal William Conway, the head of the Roman Catholic Church in Ireland at the time, and Britain’s representative in Northern Ireland, William Whitelaw, the police chose not to pursue Father Chesney. He moved to a parish in Ireland where British prosecutors lacked jurisdiction to investigate him, and the Irish Republican Army has been blamed for the attack.

8/25/2010 7:16:02 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Het pretentieblad van Mechelen, Tertio zou beter eens duidelijk maken hoveel van de tien geboden al afgeschaft zijn.

De overschot van de laatste oplage werd aan de bedevaartgangers van Scherpenheuvel uitgedeeld. Die vierhonderd nonnen en pasters die zichzelf daar kwamen bedanken omdat ze als vulling hadden gediend voor deze massale bijgewoonde bijeenkomst, kunnen Tertio nu gebruiken als vulling voor hun natte schoenen. Waarvoor dank.

Tertio, heeft nog nooit iets willen schrijven over de Werkgroep Mensenrechten in de Kerk, tenzij een paar pogingen tot sneren, die het niveau hadden van een overjarige spons in een wijwatervat.

Maar ziet, wat flitst daar in het editoriaal laatste zondagmorgen, zodanig dat Rik Devillé zich in zijn zondagcroissantje verslikt?

Ik citeer:

"Bisschoppen kunnen niets ondernemen.... ze hebben geen verantwoordelijk in deze zaak..... daarom is de inval van de politie overdreven en hij weet nu al wat de uitslag van het "onderzoek van het onderzoek" zal zijn....

"Juridisch lijkt dit alles toch met haken en ogen aaneen te hangen. Het Vaticaan kan in België niet worden gedagvaard en oefent net zomin als een bisschop op zijn priesters, rechtstreeks gezag uit over Belgische geestelijken. Ironisch genoeg is de rebel Rik Devillé - die altijd priester is gebleven en tegen wie nooit een sanctie is getroffen - het levende bewijs dat individuele priesters onafhankelijk werken van hun oversten. Kardinaal Danneels is en blijft internationaal een van de eerste kerkleiders die het probleem van seksueel misbruik heeft onderkend en actief heeft bestreden".

Volià!

Vrijgepleit over de hele lijn. Juridisch geen poot om op te staan. Slimmigheidje. Echt jammer, liefste jongens en lekkere meisjes, maar het Vaticaan is een echte Staat, dat betekent dat wij wel moeten betalen als de paus naar hier komt maar ook als wij naar hem gaan. Een mysterie heet dat. En wij mogen de paus niet voor het gerecht dagen, maar hij mag zich hier wel met van alles moeien zonder dat we daar iets mogen van zeggen. Dat heet dan weer een mystakel.

De pasters steken hun paraplu op in Scherpenheuvel, de bisschoppen zijn juridisch, zeer jammer, maar dit is nu eenmaal democratie en rechtsstaat, volkomen van de haak en de paus steekt zijn paraplu op. En God? Die bestaat niet. Sliep uit! Ze hebben ons liggen, de slimmerikken. Mijter op, fijn gouden brilletje op de neus en Confiteor, mea maxima culpa, betalen gaan we niet, want de advokaat is al zo duur. Amen.

En ik zou moeten beleefd blijven en geen vuile woorden meer gebruiken?

Tertiootje

gij liegebeest

gij dommeklootje

wacht tot God dit leest....

Soms vind ik het echt spijtig dat God niet bestaat, echt. Hij zou Tertiootje waarschijnlijk bij een oor pakken en het flapoor een vervaarlijke wrong geven en het krantje met de neus op de feiten duwen.

Omdat Devillé onafhankelijk werkt, trekt gij u niets van de pederaste pasters? Alle pasters doen wat ze willen? Terwijl ze wel van hot naar her worden gestuurd en vaak hun lief moeten achter laten. En dat is uw verantwoordelijkheid niet? Kinderen jaren verkrachten en de bisschoppen hebben geen verantwoordelijkheid? Waarom doen ze Devillé dan een kerkelijk proces aan in de stijl van de Borgia's, wegens smaad en eerroof. En bent u vergeten, Mijnheer de Hoofdredacteur van Tertiootje, dat u zelf rechter bent in dat politiek schijnproces? Oeps, al dement aan het worden zoals de meeste pederaste pasters die boven water komen? Pas maar op, dat is een gevaarlijk virus, de gekke pastersziekte. Uw handen wassen nadat u in het wijwatervat hebt gezeten.

Maar, en nu ga ik even mijn oefenmijter opzetten en mijn gouden brilletje,

"Danneels is internationaal een van de eerste kerkleiders die het probleem van seksueel misbruik heeft onderkend en actief heeft bestreden."

Het is niet omdat Tertio de Pravda van Mechelen is dat het spel zo grof moet worden gespeeld, Tertiootje. Moet ik het nog eens aframmelen. Sla uzelf ondertussen met een fijn hamertje op het voorhoofd, dat helpt tegen dementia praecox.

Danneels is 1998 en 1999 opgeroepen als getuige in processen tegen pederaste pasters. Daarnaast heeft hij 20 getuigen die een voet tussen zijn deur kwamen steken proberen buiten te schoffelen, zgz. omdat hij niet genoeg stoelen had. Daar houdt het zo ongeveer mee op als het over onderkennen gaat.

Net zoals Johan Sauwens met zijn open en verdraagzame clerus, vergeet u een klein detail: het jaar waarin Danneels het probleem onderkende. Wat denkt u: 2002, 2003? Iets van die strekking? Dat was toen de teller van de schadevergoedingen rond de 3.5 miljard $ begon te schommelen. Onderkennen? Jaja. Een gat in de boekhouding misschien?

En gelukkig dat ik hier een en ander kan rechtzetten. De eerste grote kerkleider die de probleem van seksueel misbruik heeft onderkend, was Pius XII, de paus die een meter groter was dan God. Hij was nog geen twee weken paus. Toen bracht hij de regel, die al 74 jaar was afgeschaft, terug in voege, waarbij het personeel, bij het verlaten van zijn privé troonzaaltje (denk aan Sinterklaas bij de Grand Bazar, vóór Dutroux) achteruit moest lopen, wat misschien niet altijd even praktisch, maar toch vooruitziend en zedelijk was.

Juridisch niet pakbaar en diplomatiek onschendbaar. Ik hoop dat er nog wat meer slachtoffers de kracht krijgen om met uw foorkramerij te lachen. Als het u uitkomt, kruipt u met mijter en al in het Burgerlijk Wetboek en als het niet meer regent gaat u Canoniek Recht spelen. Met regeltjes die toepasbaar zijn al naargelang de drukker ze gedrukt heeft of niet, en die de slachtoffers altijd verkeerd interpreteren, die arme schapen.

Maar waar u nooit meer naar omziet zijn tien eenvoudige regels, die u heeft verwaterd tot een canonieke doolhof en als het u past, met een burgerijk annexke. Dat is volgens mij nog eens een bewijs dat God maar bestaat als het u uitkomt. Geen vuile manieren, geen vuile gedachten en niet liegen. Zo simpel is dat. En wat maakt Monseigneur Vangheluwe daar van: "als het zaad er niet uit komt is het geen zonde". Dat is misschien wel canoniek, maar niet pluis, Tertiootje.

En als Danneels internationaal een van de eerste was wiens zilverling gevallen was, in 2002, wanneer zijn de andere grote internationale kerkleiders hem dan gevolgd? In 2013 zeker, want ze blijven nog altijd liegen en ontkennen.

En wilt u nu eens aub in uw pretentiekrantje schrijven dat Adriaenssens gewoon had kunnen voort doen? Een briefje naar de onderzoeksrechter en hij had netjes gesorteerde kopietjes kunnen krijgen van AL zijn dossiers.

Misschien zit er voor Tertio wel een spannend interview in met Adriaenssens met een paar stoute vragen. Lekker eigentijds.

O, beati pauperes spiritu.

San Deurinck

8/25/2010 6:25:30 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Tuesday, August 24, 2010

Goedemorgen Patrick

Het is oorverdovend stil bij de KNR. De bisschoppen wachten geduldig op het rapport Deetman en dat duurt nog wel even zodat er nog wat tijd over blijft om te jubelen. Jullie hebben goeie afspraken gemaakt Patrick ook met Patoor Schafraadt die belt nog wel eens met Valentines maar de afspraak is kort en helder: zwijgen! Nu was dat niet al zo spectaculair of nieuw, jullie geloven echt dat dit het beste werkt tegen al die geruchten over misbruik en mishandeling in jullie instituut en instellingen. Punt is we willen er wel over ophouden maar zolang jullie niks zeggen, lijkt het of we het ons verbeelden. Deetman zal het bewijs daarvoor leveren, maar werk dan ook een beetje mee Patrick. Het is zo’n gesloten systeem, een van de grote ergernissen om de zwijgcultuur te doorbreken, liggen her en der kansen! Vanavond Patrick kwam ik nog op een idée bij Peter, een zeer goede vriend van mij. Er zou een door de provincie ingestelde openbare commissie moeten komen over internaten in Limburg, specifiek het engelen jongens internaat te Bleijerheide. Deze onafhankelijke commissie moet dan mensen oproepen die iets kunnen vertellen over de organisatie, hoe de inner circle zich gedroeg rond de machtsposities tussen kerk en staat en hoe men omging met de seksuele problemen bij broeders / nonnen / priesters. Het katholicisme vierde hoogtij in die dagen dus deze (in)vloed mag gehoord worden voor het wegebt in de golven van vergetelheid. Het is ook goed voor de ‘culture of silence’, die leren te doorbreken zorgt voor meer klaarheid in deze ongekende zedenzaak op internaten, vroedvrouwenscholen en priesteropleidingen. Het geheel Patrick, je weet het geheel moet onderzocht worden en de individuele gevallen tegen elkaar afwegen, ik ben voor balans! Je zult zien hoe het oplucht, ook de Paus zal niet meer huilen, zie de therapeutische kracht die eruit gepeurd kan worden. Daar hebben de overlevers wat aan!

Goed, een openbare hoorzitting; ik ken mensen die al in de zestiger jaren vertelden dat er misbruik plaatsvond op Bleijerheide, niet ieder kindje had er last van maar wel de armste, meest kwestbare kinderen Patrick, ze leven nog, ze kunnen nog getuigen en gaan dit ook doen…dus daders meldt je.

PS. Patrick doe een oproep aan de provincie Limburg voor een openbare hoorzitting! Leuk, wat zal Bernadetje je bewonderen.

8/24/2010 12:46:25 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Monday, August 23, 2010

Afgelopen Zaterdag schreef ik over de orgelbroeder en prompt kwam er een sympathieke reactie die het volgende meedeelde: eerst een kleine terugblik

Er was niemand op internaat die de duivel openlijk durfde uit te dagen, hij wel! Als de orgelbroeder wiens naam ik kwijt ben, het oksaal afdaalde, de trappen die leiden naar de gang waarin wij stil en gediciplineerd wachten op bevel om de refter binnen te treden, vergeet ik nooit deze broeder die een fuga van Bach had gespeeld of zijn leven ervan af hing, kwam hij handenvrijvend naar beneden met de niet mis te verstane houding: ‘zo zoek het maar uit of God bestaat, volgens mij niet, maar ik heb tenminste een poging gedaan om hem te bereiken. Jullie lafaards doen maar alsof’.

Deze Orgelbroeder was Br.Lambertus-Freitag en 72 jaar Kloosterling (1896-1969). Deze Broeder heeft in de jaren 40 en 50 een aantal missen gecomponeerd. De Broederorde weet niet wie deze composities momenteel in bezit heeft.

De broederorde vergeet blijkbaar ordelijk haar creatieve geesten te eren. Br.Lambertus-Freitag schreef een aantal missen en ze blijken te zijn verdwenen? Waarom heeft niemand deze missen bewaard. Waarom werd zoveel vernietigd in de katholieke opvoedingsgestichten die toch ten doel hadden om fatsoenlijke burgers van ons te maken. Nu zijn we burgers zonder verleden, dat is tenminste wat zij ons willen aanpraten maar meaCulpa zal op zoek gaan naar de manuscripten van Br.Lambertus-Freitag. Donderdag zal stagiaire Marjolein stad en land afbellen op zoek naar de verloren missen van Br.Lambertus-Freitag en mochten we ze vinden, dan lijkt het ons een prima idee, ondanks de verjaring, om ze op te voeren ter ere aan.... Br.Lambertus-Freitag.

8/23/2010 12:12:18 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Sunday, August 22, 2010

“Hun werkwijze was om het kind … schuldig en medeplichtig te maken: ze bezorgden het kind een gevoel van verantwoordelijkheid en schuld.”

Ik voelde een verschrikkelijk gemis aan alles wat het leven de moeite waard maakte, en probeerde helder te zien wat dat ‘alles’ moest worden of ooit in mijn leven geweest was. Het deed pijn en ik zocht steeds naar een klein plekje om alleen te zijn en een momentje erover na te denken, of naar iemand met wie ik erover kon praten. Ik besloot te zeggen dat mijn benen te veel pijn deden om trappen te lopen. Om enkele minuten alleen te kunnen zijn en een minuutje onzichtbaar in de lift in plaats van in de rij de trappen op en gangen door. Een braaf meisje werd dan met me meegestuurd, een meisje dat geen behoefte scheen te hebben aan eigen gedachten.

Ik vroeg om een doktersbezoek, maar een zuster ging mee. Ik vroeg mijn liefste zusje om hulp, maar ze had een feestje. Ik vroeg mijn ouders om hulp, maar ze hielden zoveel van mensen in zwarte rokken, zo oprecht innig veel, dat ze het snel met hen eens waren en ik verder mijn mond moest houden. Ik maakte me zorgen om het lot van al die kinderen die net als ik alles kwijt raakten en jaren opgesloten bleven in de macht van deze mensen. In het dorp had ik er wat aan kunnen doen. Ik was naar de politie gegaan met de vraag of de zusters de kinderen mochten slaan. De agent had gelachen en gezegd: “ben je stout geweest?” Ik had hem geantwoord dat ik nooit gestraft werd, en hem de twee lijstjes laten zien die ik gemaakt had: één met namen van meisjes die niet gestraft werden en één van degenen die wel gestraft werden. De straten waar we woonden waren kennelijk bepalend. Slaan met een liniaal op vingers om spelfouten of domme antwoorden. Angstige antwoorden. Die dag was het met de punt van de passer geweest, hard. Ik was aangeslagen en toen had ik die lijstjes gemaakt. De agent had zijn mouwen afgestroopt, zijn lunchtrommeltje dichtgeslagen, zijn jasje aangedaan. Hij had me op de schouder geslagen: “goed gedaan”. Hij was in de richting van de school gebeend, ik de andere kant op naar huis. Meer hoefde er dus niet over gezegd te worden en vanaf die dag was er niet meer geslagen. Ik was toen vaker uitgenodigd in de huizen van de meisjes op het andere lijstje dan waar ik op stond, gewoon als ik op straat liep. De mensen vertelden me verhalen over hun leven, verhalen waar ze trots op konden zijn, verborgen trots van ogenschijnlijk arme mensen. Daarom wilde ik leren waar de taal vandaan kwam, dat wonder dat ons in staat stelt elkaar te horen en onze ervaringen te vertellen. Daarvoor was ik op kostschool. Zes talen dat zou tof zijn! Maar hier hadden de woorden niks met de waarheid te maken. En hier kon ik er niets aan doen. Vriendschappen werden verboden: niet aan mij maar aan degene die de pech had met mij bevriend te raken. Ik heb nog meer mensen om hulp gevraagd, de enige hulp die ik kreeg was die van hartelijke ogen van leraren die het snapten maar hun mond hielden om hun baan niet te verliezen. Daar was ook Pa bang voor geweest, bleek later.

Ik zag hoe deze wereld in elkaar zat: ze maakten elkaar allemaal bang, ze bespiedden niet alleen mij maar ook elkaar, en bedreigden elkaar met verklikken. Ze zagen in onze lieve heer iemand die hen steunde in het afkeuren en knechten van anderen. Ik maakte mij zorgen om de kinderen die goedgeloviger waren dan ik en geen plannen hadden om eruit te komen. Ik vermoedde dat sommigen er ook het bezit van hun eigen lichaam bij zouden verliezen, hoopte zelf op tijd weg te zijn. Voordat het me eindelijk lukte om weg te komen, werd ik genomen op een manier de me volkomen overviel, verbijsterde, en het vermogen ontnam om woorden te geven aan wat ik voelde, behalve diep vanbinnen. Ik bleef mij afvragen of het anderen ook was overkomen, en weet nu dat het nog steeds gebeurt. Nu hebben 1500 mensen hun verhaal aan een commissie toevertrouwd. Een commissie die vervolgens geen contact geeft, mensen niet op de hoogte stelt van de verhalen van hun lotgenoten. Een commissie die meer banden lijkt te hebben met de kerk dan met de slachtoffers. Waarvan we de indruk hebben dat ze kunnen vaststellen wat er gebeurd is, daarbij onze getuigenissen gebruikend. Misschien zijn ze zich niet bewust van de uitwerking die dat heeft op de lotgenoten: we hoopten deze keer op spreekrecht, op een kader van rechtvaardigheid waarin mensen recht op informatie hebben, op de hoogte gesteld worden van de klachten van anderen over dezelfde daders, waarin maatschappijbreed de mensen aangemoedigd worden niet langer te zwijgen als ze van misbruik en mishandeling weten. Niet langer die muur van ontkenning voelen die ons ziek maakt, dat wegkijken, die persoonlijk geheime last, die leegte waar een rechtsstaat om je heen lijkt te zijn maar er niet is.

We mogen van de commissie verwachten dat ze de oproep van de Ierse commissie Murphey hebben gehoord: “leer van wat wij hier hebben geleerd.” In het rapport van deze commissie is beschreven hoe Kerk en Staat zijn omgegaan met de klachten van kindermisbruik door religieuzen. De heldere normen en de eerlijke beschrijving van de wantoestand die ik in dit rapport aantref raken me diep: eindelijk licht op die duistere wereld. Wat een troost. Een aanrader voor iedereen die zich bedrukt of gepijnigd voelt door het zwijgen, de nalatigheid en ontkenning die hij nu nog ervaart.

Op bladzijde 2 lezen we het volgende, ik vertaal en verkort: “De commissie vindt het belangrijk om het aantal klachten niet gelijk te stellen met het aantal werkelijke gevallen van misbruik. Een significant aantal beschuldigden heeft bekend, sommige aanklachten zijn ontkend door de aangewezen dader. Van de onderzochte groep bekende één priester misbruik van 100 kinderen, een ander bekende elke veertien dagen misbruik gepleegd te hebben gedurende 25 jaar. |Het aantal klachten over deze twee was net over 70. In een derde geval was er één klacht, maar de dader bekende tenminste 6 anderen misbruikt te hebben.”( op deze 70 aanklachten dus honderden slachtoffers, terwijl daar de mensen aangemoedigd zijn te getuigen! A.K.)” …“Er is één overtuigend geval van een valse aanklacht.” …“Het aantal onthullingen van misbruik door religieuzen in het onderzochte tijdvak (In Ierland is dat vanaf 1970 A.K.) is door een kerkelijke bron benoemd als een Tsunami. De kerkelijke zegsman legt daarbij uit dat een Tsunami een aardbeving is diep onder het oppervlak en aan het gezicht onttrokken. De spreker suggereert daarmee dat de kerk net als de samenleving volkomen verrast is door de onthullingen. Verantwoordelijken en gezagsdragers in de kerk hebben ( daarbij) herhaaldelijk geclaimd dat ze al vóór de late jaren 90 een leercurve doormaakten in het omgaan met deze materie. Na voltooiing van haar onderzoek accepteert de commissie de waarheid van deze claims niet.”

Annemie Knibbe

Marian Shanley, lid van de Ierse onderzoekscommissie over misbruik van kinderen

http://coenews.coe.int/vod/20100622_01_e.wmv Marian Shanley roept Europese landen op te leren van het Ierse voorbeeld. Voorstel voor Onderzoek naar Seksueel Misbruik in de Rooms-katholieke Kerk ( Deetman) http://www.bishop-accountability.org/reports/2009_11_26_Murphy_Report/ hoofdstuk 1 p. 2

8/22/2010 1:30:42 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback
 Saturday, August 21, 2010

Overlevers die hoor en zie ik graag. Mensen die opstaan met een vuist en een traan. Je hoort de volgers van het geloof kritisch blikken: ‘ze blijven maar terugkijken en vinden blijkbaar niets zinvols nu, blikken nooit vooruit. Doch uw slachtoffer is overlever geworden met een sterk gemoed. Opstaan met een beter gevoel dan alleen maar te wanhopen of te volgen...hoor de vogels, zie het ochtend licht. Zij, de gewetenvolle volgers van Christus zijn zelfs nieuwsgierig naar ons maar wat willen zij weten? Hebben ze ooit iets gevraagd hoe of wat er zo al gebeurde op internaat? Interesse getoond? Niets van dit alles? Onze bisschop te Roermond vroeg mij of ik niet had kunnen weglopen? Weglopen waarnaar toe, naar huis? Naar diegene die je daar naar toe hadden gebracht? Zij, de kerk, die iedere verantwoordelijk terzijde schuift, veracht ik omdat zij plotseling geen verleden hebben? Daarbij een verleden zonder misbruik komt nauwelijks voor, schaam je niet, je kunt een ding van overlevers leren…zij schamen zich niet langer. ‘With shame I like to quit’!

Een verleden waarin zij zwegen, God alleen weet hoe vaak overlevers afgewezen zijn voor hun oprispingen. Nu laat je niet langer vernederen voor hun toekomst, de toekomst. De toekomst is nu ook van ons: de overlevers. Latent zal het blijven de pijn, met diepe steken zal het hart doorboord worden maar doven daar doe ik persoonlijk niet aan. Hoewel, hoe vaak heb ik me niet in slaap gezongen of in liefde gevlucht. Al had ik geen werk, geen school, geen relatie doch ik ging door, voor wie, waarvoor? Iedereen was toch echt, behalve ik en nu zie ik hoe echt ik was en hoe nep zij dansen in het zand. Hoe zij de steen niet van hun hart kunnen wentelen en doch zij zeggen: ik geloof. Waarin geloven zij, de priesters, ze zijn dood van het zwijgen.

Ik herinner me de uitzetting in de klas op internaat. ‘Ga buiten spelen’, riep de meester tijdens zangles je bromt als een stofzuiger, je piept als een gestoorde krekel Smeets. ‘Gelukkig naar buiten’ dacht ik, ‘ik hoef niet dat afgrijselijke gekwijl te horen, te vergelijken met die arme popidols juryleden die op zoek zijn naar nieuwe sterren; daar in Bleijerheide zaten de sterren. Zij werden door de hemel uitverkoren! Wij hadden niks te vertellen, niks behalve dat we moesten luisteren en het liefst zingen als maagden. Schoon en zuiver als tintelende krekelvleugels! Overigens heeft u ooit al een priester zuiver horen zingen? Iedere dag dat je niet luisterde kwam je dichter bij de hel! Methode: hoe maak ik de geest van een kind ziek.

Iedere dag komt hier voor me in het park een man zijn hondje uitlaten en steeds als die het graspleintje oploopt, buigt de man zich diep voorover naar het dove diertje: ‘je moet luisteren’, schreeuwt hij dan’! Dat hondje dat doet me denken aan ons: volgzame communicantjes. Het hondje kruipt steeds minder in elkaar, het is al gewend aan het geschreeuw van zijn baasje. Ook wij wisten hoe we de woede aanvallen van de broeders moesten ontwijken, maar altijd was iemand van ons de klos. De broeder heeft een tijd geprobeerd conflicten bespreekbaar te maken. Dan mocht een select groepje op zijn kamer komen en probeerde men te communiceren. Ik vond dit uitermate hoopvol maar dit experiment was van korte duur omdat jongens steeds meer eisen gingen stellen, dus dat was snel afgelopen.

Ik moets eruit tijdens de zangles, het misdienaarsgekrijs deed pijn, heel erg pijn aan mijn oren. Een broeder wist me te bereiken met muziek. De oude orgel broeder die menigmaal alle pijpen van het orgel in vlammen kon resoneren. Er was niemand op internaat die de duivel openlijk durfde uit te dagen, hij wel! Als de orgelbroeder wiens naam ik kwijt ben, het oksaal afdaalde, de trappen die leiden naar de gang waarin wij stil en gediciplineerd wachten op bevel om de refter binnen te treden, vergeet ik nooit deze broeder die een fuga van Bach had gespeeld of zijn leven ervan af hing, handenvrijvend naar beneden kwam met de niet mis te verstane houding: ‘zo zoek het maar uit of God bestaat, volgens mij niet, maar ik heb tenminste een poging gedaan om hem te bereiken. Jullie lafaards doen maar alsof’.

8/21/2010 1:45:03 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [2]  |  Trackback

persmededeling Vlaamse Werkgroep Mensenrechten in de Kerk Over de actie Scherpenheuvel.

"Sinds het ontstaan in 1992 van onze Vlaamse Werkgroep Mensenrechten in de Kerk die nu reeds meer dan 330 klachten van seksueel misbruik heeft gemeld naar bisschoppen, oversten en justitie, hebben tot op heden (op die 18 jaar) welgeteld 3 priesters en één pater hun steun aan onze slachtoffergroep kenbaar gemaakt. Daarnaast ontvingen we een steunbetuiging van Chiro-Vlaanderen en van de Werkplaats voor Theologie en Maatschappij uit de Kempen. Wereldwijd zijn er maar een paar priesters die gesproken hebben. De rest heeft gezwegen. Omdat ze het nicht gewusst haben. In België is er al een proces gevoerd in 1877. Sedert 1985 kan niemand het misbruikschandaal ontkennen. Heeft het grootste pastorale systeem van de wereld het niet nodig gevonden om alle priesters in te lichten en weerbaar te maken met duidelijke instructies? Bestond het zesde en het negende gebod al in 1877 en in 1985?

Als de Kerk en de clerus er niet van wisten, wat is dan het nut van de clerus voor onze samenleving? Als de ouders die hun kinderen aan het katholiek onderwijs toevertrouwden niet konden rekenen op de alertheid van de Kerk om maatregelen te nemen en het kwaad met wortel en tak uit te roeien, wat is dan het nut van de katholieke organisaties? Waarom moet iedere sociale en culturele beweging in Vlaanderen opgesplitst zijn als de Kerk met lege handen staat als naar haar morele alertheid wordt gevraagd? De clerus moet kiezen. Wat is belangrijker: Het Woord of Het Instituut? Als Het Instituut het Woord, van het zesde en negende gebod niet hoort, als het de molenstenen en de minste der mijnen vergeet, wat moet de clerus dan doen? Toekijken. Vergeten waarom ze meenden een roeping te hebben. Heeft die innerlijke stem gesproken over dubbele regels en uitzonderingen? Ging men spreken om het Woord en de rechtvaardigheid onder de mensen te brengen?

Staat daar niet een woord van de vurige profeet Jesaja in vurige letters geschreven:

"Ook al zijn uw zonden rood van het bloed, ze zullen blank worden als sneeuw. Maar alleen nadat gij alles hebt bekend en bereid zijt om genezing en vergiffenis te ontvangen".

Wij, de Vlaamse Werkgroep Mensenrechten in de Kerk, hebben niet gezwegen. Wij hebben eerst binnen de Kerk geprobeerd, maar zijn de woestijn ingestuurd. Wij werden, zonder dat we dat aanvankelijk wilden, de vertrouwenspersoon van kinderen, mannen en vrouwen die door priesters werden verkracht en misbruikt. Wij hebben jaarlijks HErkenningsdagen georganiseerd, waarop telkens de bisschoppen werden uitgenodigd. Ze zijn nooit gekomen. Dat heeft ons eerst bedroefd, ons doen twijfelen, maar ons altijd sterker gemaakt. Onze werkgroep is sterker dan ooit tevoren. De slachtoffers zijn vast besloten om overlevers te worden. De Actie Scherpenheuvel wil hulde brengen aan de duizenden Vlaamse priesters die gezwegen hebben over het misbruik. Heeft de clerus werkelijk een aantal politici nodig om haar eer te redden? Wat met de slachtoffers? Heeft men hen de kans gegeven om te spreken over het eerbetoon aan de geestelijken waaronder ongetwijfeld nog daders zitten? Wat gaan de inrichters doen als een slachtoffer een dader herkent?

De collectieve onschuld van de clerus in Vlaanderen staat in geen enkele mate en op geen enkele wijze vast. Zeker is dat een groot aantal priesters hebben gezwegen. Dat is schuldig verzuim. De inrichters van deze actie stellen: “De aanhoudende onthullingen over kindermisbruik in de kerk, dreigen alle geestelijken mee te sleuren in een sfeer van veralgemeende verdachtmaking.” Daar is maar één duidelijk antwoord op: Had de Kerk 18 jaar geleden naar ons geluisterd, dan was dit allemaal niet nodig geweest. Vandaag nog schrijft het parochieblad in een artikel dat alleen de groepen van slachtoffers en overlevers in de VS en in Ierland tegen de nieuwe maatregelen van het Vaticaan zijn. Hoe onwetend mag het parochieblad zijn dat toch dient om de gelovigen in eer en geweten voor te lichten? Er zijn geen groepen, nergens die de nieuwe maatregelen hebben toegejuicht. Integendeel, groepen in Duitsland, Groot Brittanie, Nederland, Oostenrijk en België hebben duidelijk laten horen dat ze niet akkoord gaan. Was het moeilijk geweest voor het Parochieblad om dat even na te gaan?

De actie Scherpenheuvel staat symbool voor de manier waarop de slachtoffers van de Kerk jaren zijn behandeld: pro forma, zielloos en onbevredigend. Dat had anders gekund. De vraag is wie er meest te verliezen heeft. Het is aan de clerus om bereid te zijn genezing te ontvangen. Dan kunnen de slachtoffers het ogenblik van vergiffenis bepalen. Dat komt aan hen toe, niet aan zij die gezwegen hebben.

Vlaamse Werkgroep Mensenrechten in de Kerk. 19 augustus 2010.

8/21/2010 12:41:48 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Friday, August 20, 2010

BAGAGE IN DE ZOMER VAN 2010.

Het is zomer en volop vakantietijd. Wonend in een stad die veel toerisme trekt kan het mij niet ontgaan. Op de drukke doorgaande singels, waar altijd een verkeersinfarct zichtbaar is in de ochtend- en avondspits, is het ongekend rustig, stil en verlaten. Bijna surrealistisch. Hoeveel toeristen de stad ook trekt, ze kunnen het gat dat de vakantievierende inwoners achterlaten, niet opvullen. Hoeveel bagage ze ook meebrengen naar onze stad.

Het is zomer en volop vakantietijd. Velen van ons hebben, óók in de vakantieperiode, een ander soort bagage. Ik zie volop koffers waar stickers op zijn geplakt. Sommige stickers zijn bijna onleesbaar geworden in de loop van de tijd, andere zijn nieuw en goed leesbaar. Maar overal kan ik dezelfde teksten lezen.

Het is zomer en volop vakantietijd. De koffers waarin wij de herinneringen van ons leven gestopt hebben puilen uit en raken versleten. Welke sticker hebben wij nodig om jarenlang misbruik onder de aandacht te brengen? De sticker met Hulp en Recht is al onleesbaar geworden door het heen en weer schuiven van onze levenskoffer. Een andere sticker met Deetman erop is goed leesbaar, maar is omsloten door een gevarendriehoek.

Het is zomer en volop vakantietijd. Onze eigen koffer pakken wij ter hand en gaan ermee op reis. De bestemming staat (nog) niet helemaal vast. Surprise, surprise, maar ondanks alle tegenwind gaan wij zonder regenjas op pad. Wij willen onze bagage graag voorzien met een sticker genoegdoening en erkenning.

Het is zomer en volop vakantietijd. Onze reisgenoten weten door de jaren heen allang waaraan het schort bij deze zoveelste vakantieweken. Geen rust kunnen vinden, uit je slof schieten om het minste of geringste. Op vragen wat er aan de hand is vertel je altijd dat er niets is. Dat doe je al decennia lang met alle geliefden om je heen. Je kunt het niet vertellen, woorden schieten tekort. Je voelt je schuldig omdat je aanwezig was. Niet als dader, maar als slachtoffer van het misbruik. En daarmee weet je ook dat je de dader de hand boven het hoofd houdt. Opkroppen en inslikken gaat niet zonder psychische klachten, fysieke belemmeringen en depressies.

Het is zomer en volop vakantietijd. Deze reis wordt anders. Het einddoel staat vast maar eigenlijk wil je niet gaan. Je wilt die confrontatie met de dader liefst vermijden. Maar juist nu weet je dat je eenmaal in je leven moet uitspreken wat je zolang geknecht heeft en zoveel gekost heeft. Je kijkt naar je lief, je kinderen, en weet dat het tijd is om je verhaal te doen. Je wilt het wel uitschreeuwen en van je af huilen, en dat is goed. Vertellen over wat je levenslang in gijzeling heeft genomen is bevrijdend en heelt de mens. Jouw dierbaren zullen je omarmen en bij elke stap klaarstaan om je te helpen en ondersteunen. Accepteer die hulp en ga eindelijk leven zonder rugzak vol levenspijn van teveel bagage.

Het is zomer en volop vakantietijd. Wij, MeaCulpaUnited i.o. gaan met je mee op je reis. Wij helpen je om die loodzware rugzak van je rug te krijgen. Samen kunnen wij kijken wat er zoal inzit en met voldoende hulp eindelijk weer draagbaar wordt. Daar gaan wij voor!!

HET LEVEN IS EEN FEEST, JE MOET ALLEEN ZELF DE SLINGERS OPHANGEN.

Marjan Hendrickx

8/20/2010 7:48:44 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

For immediate release Wednesday, August 18 Statement by Barbara Blaine SNAP President 312 399 4747

We admire these brave men for stepping forward and exposing wrong doing. We especially applaud their wisdom in reporting to police. It's tempting, but dangerous, for victims to contact church officials, and much better to contact secular officials

It's hard for any abuse victim to speak up, but especially hard for those victimized in a Catholic school setting, in which many fear their confidentiality might be compromised. But such courage is required if kids are to be kept safe.

We hope others are inspired by their responsible action and will likewise come forward, call police, protect others and start healing.

(SNAP, the Survivors Network of those Abused by Priests, is the world's oldest and largest support group for clergy abuse victims. We've been around for 22 years and have more than 9,000 members. Despite the word "priest" in our title, we have members who were molested by religious figures of all denominations, including nuns, rabbis, bishops, and Protestant ministers. Our website is SNAPnetwork.org)

Contact David Clohessy (314-566-9790 cell, 314-645-5915 home), Barbara Blaine (312-399-4747), Barbara Dorris (314-862-7688 home, 314-503-0003 cell)

Abuse claims at top Catholic school

(AFP) - 2 hours ago

LONDON - Police said Wednesday they were investigating allegations of child abuse made by two former pupils at one of Britain's most prestigious Roman Catholic schools. London's Metropolitan Police said two men in their forties had made allegations against teachers and staff at St Benedict's School in Ealing, west London, which is attached to a Benedictine monastery.

Chris Patten, the former governor of Hong Kong who is the government's co-ordinator for the visit of Pope Benedict XVI to Britain next month, is a former pupil of the school. One of the men made allegations against an 80-year-old man, who is being investigated but has not been arrested. Police said two men, aged 68 and 71, had been arrested in connection with allegations made by the second former pupil. They have been released on police bail while the investigation continues.

The two former pupils contacted police in June 2010 following articles in The Times newspaper relating to other abuse cases. One of the men named in the new allegations is Father David Pearce, a 68-year-old monk and former teacher, who is serving a five-year prison sentence after pleading guilty to abusing eight pupils between 1972 and 2008, The Times reported on Wednesday.

The Roman Catholic Church has been rocked by allegations of child abuse by priests which have spread across Europe from Ireland to the United States and South America.

Copyright © 2010 AFP. All rights reserved. More

Barbara Dorris

Survivors Network of those Abused by Priests

8/20/2010 7:39:42 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Freitag, 20. August 2010 Washington - In den USA gibt es eine neue Missbrauchsklage gegen den Vatikan: Sieben mutmaßliche Opfer aus der US-Diözese Oakland haben Klage wegen Vertuschung sexuellen Missbrauchs eingereicht. Die Diözese habe sich laut Kathpress nicht ausreichend um die Suspendierung eines Priesters gekümmert und die Eltern nicht rechtzeitig gewarnt, zitierten US-Medien aus den Anklageschriften. Der betroffene Priester hatte 1978 nach mehreren Vorfällen beim Vatikan einen Antrag auf Laisierung (Austritt aus dem Priesterstand) gestellt, den seine Vorgesetzten in der Diözese unterstützt hätten, heißt es. In einem Brief erklärte demnach der damalige Kurienpräfekt und heutige Papst Joseph Ratzinger, die Argumente seien zwar "gravierend", trotzdem brauche eine solche Entscheidung mehr Zeit und müsse sorgfältig geprüft werden, wie die US-Presse aus einem Brief Ratzingers zitiert.

wowi

8/20/2010 7:20:09 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Thursday, August 19, 2010

Geschiedenis Bestaansrecht van “ het Vaticaan” als “staat” 1800-1933

Concordaad 15 juli 1801

Met het doel een verzoening met het Vaticaan tot stand te brengen, besloot Napoleon Bonaparte na zijn Italiaanse overwinning in Marengo (14 juni 1800) te onderhandelen met de nieuwe Paus Pius VII (1800-1823). De onderhandelingen duurden van 5 november 1800 tot 15 juli 1801. Op 15 juli 1801 sloot Napoleon, namens de Franse regering, een concordaat met kardinaal Consalvi, staatssecretaris van paus Pius VII. De paus ondertekende persoonlijk het akkoord op 15 augustus, en zo werd het verdrag tussen Frankrijk en de Heilige Stoel bevestigd. In de daarbij aansluitende encycliek "Ecclesia Christi" erkende Pius VII de Franse Republiek van Napoleon, die van haar kant het katholicisme uitriep tot "godsdienst van de meerderheid". De wens van het Vaticaan om het katholicisme tot staatsgodsdienst uit te roepen werd niet ingewilligd.

Het Concordaat voorzag:

in het herstel van de vrijheid van eredienst, •

in een bezoldiging van de katholieke geestelijkheid door de Staat, in ruil voor de tijdens de Revolutie genationaliseerde en door de revolutionaire regering verkochte kerkelijke bezittingen, en •

in een herindeling van Frankrijk (het geannexeerde België inbegrepen) in nieuwe bisdommen (vermindering tot 60 bisdommen in Frankrijk).

Het volledige episcopaat moest ontslag nemen. Deze drastische maatregel betekende het einde van de Gallicaanse dromen en een overwinning voor de ultramontanen die pleitten voor een striktere controle van de paus over de bisschoppen.

Vanaf 1866

De paus bezat eeuwenlang als Kerkelijke Staat een groot gebied in Centraal- en Oost-Italië, waaronder Lazio, de provincie rond Rome. In 1866 veroverden de republikeinse troepen onder Garibaldi twee derde van de Kerkelijke Staat, maar Latium bleef voor de paus behouden door steun van de Franse keizer Napoleon III.

Toen in 1870 Napoleon III zijn troepen moest terugtrekken om deze in te zetten aan het front in de Frans-Duitse Oorlog werden ook Latium en Rome door het in 1861 opgerichte koninkrijk Italië geannexeerd. De politieke macht van de kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders was in Italië door de liberaal-nationalisten vrijwel tenietgedaan. Hoewel de Kerkelijke Staat in 1870 had opgehouden te bestaan kon de Heilige Stoel, als zelfstandig subject van volkerenrecht, wel diplomatieke betrekkingen blijven onderhouden.

De paus beschouwde zichzelf na het verlies als de gevangene van het Vaticaan en wilde het gebied niet verlaten. Opeenvolgende pausen bleven de legitimiteit van de annexatie van 1870 bestrijden. Deze situatie duurde bijna 60 jaar, tot 1929.

Toen ondertekenden paus Pius XI en Mussolini het Verdrag van Lateranen.

Hierin werd bepaald dat de paus het huidige kleine stukje grondgebied als soevereine staat toegewezen kreeg.

Pius Xl

Heilige Stoel-Internationaal recht

Onder internationaal recht wordt de Heilige Stoel, in tegenstelling tot Vaticaanstad, gezien en erkend als rechtspersoon. De rooms-katholieke Kerk is een zelfstandige rechtspersoon en wordt derhalve niet bedoeld wanneer men over de Heilige Stoel spreekt. De rechtspersoonlijkheid van de Heilige Stoel in het internationaal recht was in het verleden soms omstreden (val van het kabinet-Colijn I, bezwaren van diverse kerkgenootschappen enz.). Dit is echter steeds minder het geval.

In de VN zijn de rechten van de Heilige Stoel per 1 juli 2004 zelfs verruimd.

De internationale rechtspersoonlijkheid van de Heilige Stoel is uniek. Het heeft de status van land als permanente waarnemer.

De Heilige Stoel heeft weliswaar geen stemrecht in de Algemene Vergadering van de VN, maar de paus kan als staatshoofd de Algemene Vergadering van de VN toespreken, zoals dat in 1995 gebeurde. Alle andere kerken en godsdienstige verbanden hebben slechts de status van een niet-gouvernementele organisatie. Verder is het lid van diverse internationale organisaties, zoals UNESCO en de Wereldgezondheidsorganisatie.

De Heilige Stoel valt juridisch te onderscheiden van Vaticaanstad. Vaticaanstad is het territorium waarover de Heilige Stoel soevereiniteit heeft (de paus is territoriaal soeverein van Vaticaanstad). Er zijn verdragen waarbij de Heilige Stoel zelf een partij is en bij andere verdragen is het een partij als vertegenwoordiger van Vaticaanstad. Buitenlandse ambassades worden aangeduid als ambassade bij de Heilige Stoel en niet bij Vaticaanstad.

De Heilige Stoel is echter niet als staat te beschouwen, het treedt namens Vaticaanstad op. Zo valt bijvoorbeeld in de Monetaire overeenkomst tot toetreding van de euro te lezen dat de overeenkomst wordt gesloten tussen:

De Italiaanse Republiek, namens de Europese Gemeenschap, en Vaticaanstad, vertegenwoordigd door de Heilige Stoel overeenkomstig artikel 3 van het Verdrag van Lateranen.

Het Verdrag van Lateranen

Het Verdrag van Lateranen is een verdrag dat op 11 februari 1929 in het Lateraanse paleis werd gesloten tussen de Heilige Stoel en de Italiaanse regering.

Het verdrag maakte een eind aan de toestand die, sinds de inlijving van Rome bij de nieuwe Italiaanse eenheidsstaat in 1870, bestond. Sinds 1870 waren de pauselijke bezittingen Italiaans grondbezit en werd de paus wel aangeduid als de "gevangene van het Vaticaan". In 1929 besloten Paus Pius XI en de fascistische leider Benito Mussolini de zaken te regelen. Mussolini hoopte daarmee ook sympathie te winnen in het overwegend katholieke Italië.

Het verdrag bestond uit drie delen:

Een verdrag waarin de onafhankelijkheid en soevereiniteit van de Heilige Stoel werd erkend, de staat Vaticaanstad werd opgericht en de grens tussen Italië en Vaticaanstad werd bepaald. De Heilige Stoel erkende impliciet het verlies van het overige kerkelijke territoir. •

Een concordaat waarin de verhoudingen met privileges tussen de Katholieke Kerk en de staat Italië werden geregeld. Het rooms-katholicisme werd de staatsgodsdienst in Italië •

Een financiële paragraaf, strekkende tot compensatie door de Italiaanse staat voor de Vaticaanse bezittingen die het in 1870 in beslag had genomen.

De kerk mocht de officiële functies benoemen, de Staat betaalde hun salaris.

Mussolini voerde zelf de onderhandelingen. Namens de paus deed dat zijn staatssecretaris Kardinaal Pietro Gasparri.

In het verdrag erkende Italië het recht van de Heilige Stoel op een eigen buitenlandse politiek. Ook werd precies besloten welke Pauselijke bezittingen onder de Heilige Stoel zouden vallen. Naast alle bezittingen in het Vaticaan zelf, vielen ook de pauselijke bezittingen bij Castel Gandolfo, het buiten Rome gelegen pauselijke Radiostation bij Santa Maria di Galeria en de kerken Sint Jan van Lateranen, Santa Maria Maggiore en de Sint Paulus buiten de Muren hier onder. Italië beloofde in de grondwet op te nemen, dat het rooms-katholicisme de staatsgodsdienst van Italië zou worden. In ruil daarvoor zou de paus de Italiaanse regering vragen om toestemming bij de benoeming van Italiaanse bisschoppen en aartsbisschoppen. Ook zouden deze bisschoppen een verklaring van loyaliteit aan de Italiaanse staat moeten afleggen en zich moeten onthouden van politiek.

Het verdrag regelde de rechtspositie van de Romeinse adel en in het bijzonder die van de zwarte adel die de pausen trouw was gebleven. De adellijke hoogwaardigheidsbekleders van het Vaticaan kregen diplomatieke status, diplomatieke nummerborden en belastingfaciliteiten. De door de Paus verleende adellijke titels werden gelijk gesteld aan die van Italië.

Tot op de dag van vandaag wordt 11 februari, de dag van de ondertekening, in Vaticaanstad gevierd als een soort nationale feestdag. De straat tussen de Collonade van Bernini en de Tiber, de Via della Conciliazione ('Weg der verzoening'), werd door Mussolini aangelegd ter herinnering aan het verdrag.

In 1984 werden onder de socialistische premier Bettino Craxi bepaalde provisies van het Verdrag van Lateranen gewijzigd. De belangrijkste wijziging betrof de beëindiging van het katholicisme als officiële religie van Italië.

Het Rijksconcordaad

Het Rijksconcordaat (Duits: Reichskonkordat), ook wel Concordaat van Rome genoemd, is een concordaat tussen de Heilige Stoel en het Derde Rijk. Het werd op 20 juli 1933 ondertekend, enerzijds door Eugenio kardinaal Pacelli namens paus Pius XI en anderzijds door Franz von Papen namens president Paul von Hindenburg.

Voorgeschiedenis

Uit angst voor het communisme oefende kardinaal Pacelli en de nuntius Cesare Orsenigo druk uit op de politiek om geen coalities meer aan te gaan met liberalen en sociaaldemocraten. In plaats daarvan moest samenwerking worden aangegaan met de protestantse Duits-nationalen en nationaalsocialisten. Deze visie stond haaks tegenover de mening van de andere Duitse bisschoppen die de nazi-leer onverenigbaar achtte met de katholieke leer. Deze was vastgelegd in een verklaring op 30 september 1930. Na de machtsovername was deze verklaring onhoudbaar geworden. Om problemen met de nazi-regering te voorkomen werd daarom afstand gedaan van deze verklaring. Een ander belangrijk argument van de voorstanders was dat met het concordaat de kerk een deel van haar autonomie zou behouden en in staat zou blijven (in besloten kring) kritisch te blijven over de nazi-regering. Met het concordaat beloofde de nazi-regering de katholieke kerk in Duitsland ongemoeid te laten.

De betrokken partijen kwamen tot een overeenstemming op 8 juli 1933. Het concordaat is op 20 juli 1933 ondertekend door kardinaal Pacelli (latere Paus Pius XII) en Franz von Papen, vice-kanselier van Duitsland, onder rijkskanselier Adolf Hitler (sinds 30 januari 1933). Pacelli verleende von Papen de hoge pauselijke onderscheiding van het grootkruis van de orde van Pius.

Passage uit artikel 14 van het Rijksconcordaat:

"De benoemingen van aartsbisschoppen, bisschoppen en dergelijken zullen niet eerder worden bekendgemaakt dan nadat de rijksstadhouder zich er naar behoren van vergewist heeft dat er geen bezwaren van algemeen politieke aard bestaan."

Hierdoor was het voor Hitler mogelijk om een éénpartijregime te voeren, met de steun van het Vaticaan, omdat het Vaticaan de steun aan de Deutsche Zentrumspartei onttrok.

WBh

meaculpa-media.com

8/19/2010 12:01:26 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback
 Wednesday, August 18, 2010

In de laatste jaren van de basisschool, de Heilig Hartschool in Eindhoven, werd ik door de toenmalige dirigent van het zangkoor uitgenodigd om bij het kerkkoor te komen zingen, iets wat ik maar al te graag deed, omdat zingen mijn allergrootste hobby was. Tijdens de nachtmis met kerstmis werd ik, omdat ik lachte om een grap van een ander zangertje, uit de mis naar huis gestuurd. Mijn ouders zaten in die nachtmis die toen der tijd nog bestond uit een hoogmis met drie heren en direct daaropvolgend twee stille missen. Ik durfde, uit schaamte niet naar mijn ouders toe dus bleef ik buiten wachten terwijl het vroor dat het kraakte. Mijn ouders waren, toen zij s’nachts tegen half drie de kerk verlieten, zeer verontwaardigd over de handelswijze van de dirigent en mijn moeder beloofde mij ervoor te zorgen dat ik mocht gaan proef zingen bij het koor van de paters augustijnen in Eindhoven. Het proef zingen ging goed en ik werd als jong zangertje opgenomen in het koor. De pater, zoals wij pater Oddens steeds noemden vertelde mij dat er nog een jongen op het koor zat die dezelfde voornaam had als ik dus zou hij mij voortaan Pipo noemen. Het was fantastisch, een keer per week stem oefeningen en repetitie voor de jongens en een maal per week grote repetitie met het mannenkoor erbij. Al heel snel had ik ook vriendjes bij het koor. Mijn allerbeste vriend werd Michel Wenting, een jongen uit een kroostrijk gezin uit het stadsdeel Tongeren. Met het koor zongen wij elke zondag de Hoogmis in de paterskerk maar regelmatig waren er ook reizen naar het buitenland. In de Notre Dame van Parijs vroeg de pater of ik even iets zou willen zingen om te horen hoe de accoustiek was in die kathedraal. Mijn sopraanstem, ik weet het nog goed, werd door die enorme ruimte prachtig gedragen en het zong ongelofelijk gemakkelijk. Niet lang daarna moest ik alleen bij de pater komen. Hij zei dat hij had besloten om mij voortaan de sopraan solo’s te laten zingen en dat ik daarvoor extra repetities nodig had. Het was ondertussen augustus geworden en gingen de koorknapen, samen met enkele begeleiders op zomerkamp. Een heerlijke week van ravotten, spelen en spelletjes doen. Wij wasten ons s’morgens met water uit een groene waterdichte en opvouwbare bak, maar twee keer per week ging het hele kamp zwemmen in een beekje dat in de buurt stroomde. Ik stond op een keer klaar om met mijn vriendjes mee te gaan zwemmen toen de pater mij vroeg of ik wel een zwemdiploma had….ik had er dus geen, de andere jongens blijkbaar wel, want zij mochten allemaal gaan zwemmen. Maar aangezien ik net zo vies was als iedereen, moest ik toch gewassen worden en dat deed pater Oddens persoonlijk. Hij spreidde een groot zeil voor zijn tent en ik moest mij helemaal uitkleden waarna de pater mij ging wassen. Deze wasbeurt werd zeer uitgebreid gedaan want ik stond nog steeds naakt op het zeil toen de anderen van het zwemmen terugkwamen. De rest van de week heb ik geen beekje meer gezien maar was waarschijnlijk wel het properste manneke van het kamp. Later kreeg ik van de pater een blokfluit en moest van hem de muziekschool gaan volgen om mijn muzikaliteit nog verder te ontwikkelen. Mijn verblijf op de Eindhovense muziekschool was maar van korte duur. Omdat ik, als zangertje op het koor, al veel wist van de muziektheorie had ik een enorme voorsprong op mijn klasgenootjes en ik volgde alleen maar de blokfluit lessen. Ik had talent….! Ik was enkele uren per dag met mijn blokfluit aan het oefenen met als gevolg dat ik per twee tot drie maanden naar een hoger niveau werd overgeplaatst. Dat had weer tot gevolg dat de toenmalige directeur van de muziekschool contact opnam met pater Oddens, want alles liep via hem, met de mededeling dat er op de muziekschool geen docent meer was die mij nog iets kon leren en dat het, gezien mijn talent, beter was mijn muzikale ontwikkeling voort te zetten aan een conservatorium. De pater had overal zo zijn contacten en via een van die contacten mocht ik gaan voorspelen bij de wereldberoemde blokfluitist Frans Bruggen. Hij, Frans Bruggen, vond ook dat er, zeker gezien mijn jonge leeftijd, mijn inzet en talent, er een groot blokfluitist uit mij kon groeien en zou mij heel graag onder zijn vleugels willen nemen echter, hij had als dirigent, verplichtingen in Amerika en hij gaf het advies om les te gaan volgen aan het conservatorium van Maastricht bij Johannes Collette, die ook zijn leermeester was geweest. Omdat ik helaas nog veel te jong was om als student op het conservatorium aangenomen te kunnen worden, zei de pater dat ik, om geen jaren verloren te laten gaan, de middelbare avondschool moest gaan volgen, zodat ik overdag bij hem op het klooster muziek zou kunnen studeren. Hij, pater Oddens zou mij klaarstomen voor het conservatorium. Oddens kwam later die avond op zijn fiets naar mijn ouders om over mijn toekomst en zijn bedoelingen te praten. Die lessen zouden natuurlijk niet gratis zijn maar aangezien mijn ouders het zeker niet breed hadden stelde pater Oddens voor om de betaling af te doen met een fles jonge jenever per week. Ik studeerde hard en maakte flinke vorderingen met als gevolg dat ik op zondag tijdens de hoogmis stukjes op de blokfluit speelde waarbij de pater mij op het orgel begeleidde. Omdat ik, als toekomstig conservatorium student, ook piano moest leren spelen gaf Oddens mij ook daarin lessen. s,Middags gaf hij mij dan een muziekstuk op wat ik tussen twee en vier uur zonder zijn hulp moest instuderen want de pater ging van twee tot vier uur in gebed. Op een zekere dag gaf hij mij geen opdracht , want hij vond dat ik die week erg goed mijn best had gedaan, maar ik moest met hem meegaan naar zijn kamer. De pater gaf mij enkele boekjes en begon zich uit te kleden en ging naakt op bed liggen. Toen ben ik maar in de boekjes gaan bladeren, het waren geen stripverhalen maar boekjes met mannen en vrouwen figuren geschreven door Mensendieck. Het was een boekje, begreep ik later pas, voor het ontwikkelen van het menselijk lichaam door gymnastiek oefeningen. Even later moest ik van de pater naast hem op bed komen liggen. Ik moest mij ook uitkleden want, zei hij, je gaat toch niet met je kleren aan naar bed. Ik vond dat eigenlijk wel vreemd maar ja, de pater was een man met gezag dus….! Rusten zei de pater en ik ben inderdaad in slaap gevallen. Omdat ik bijna alle dagen bij pater Oddens was en hij zich steeds meer met mijn opvoeding ging bemoeien, zei hij me op een gegeven moment dat ik hem maar papa moest noemen, omdat ik meer bij hem was dan bij mijn eigen vader. Omdat ongehoorzaamheid door hem werd gestraft met dreigingen om mij niet langer les te willen geven, deed ik maar wat hij vroeg. Mijn vader, een zeer handig man, had een oude Fort Consul voor de pater gekocht en uitgedeukt. (op kosten van mijn ouders natuurlijk want een fles jenever was toch eigenlijk te goedkoop voor al zijn werk voor mijn toekomst). Het was allemaal wel fijn, niet meer op de fiets maar in een auto naar de zondagsconcerten te rijden. Als ik een middag vrij van hem kreeg reden we samen naar andere kloosters om zijn collega’s te bezoeken en ik speelde daar dan weer fluit. Omdat er in die periode steeds moeilijker werd om misdienaars te vinden……moest ik er dat ook bij gaan doen, natuurlijk alleen als Oddens de mis deed. Zo palmde hij mij volledig in en kwam ik alleen in de avond nog thuis. Het kwam steeds vaker voor dat ik van de pater moest gaan rusten….uiteraard met hem in zijn bed en op een keer vroeg hij mij om hem te kussen en ik gaf hem een kusje op de wang, maar dat was niet de bedoeling van de pater, hij zou even voor doen hoe je moest kussen, pakte mijn hoofd tussen zijn handen, en duwde plotseling zijn tong in mijn mond. DAT WAS VIES !!!! Ik kreeg een smaak van sigaren naar binnen met ook de geur van zijn bruine rottende tanden en ik moest ervan kokhalzen. Och, zei de pater, dat zijn dingen die je moet leren als je van iemand houd…en hij vroeg direct daar op wat ik van de boekjes vond die hij mij had laten zien en wat ik dacht bij het zien van blote mannen en vrouwen. Wat moest ik als kind van tien of elf jaar daarvan vinden, ik had zoiets nog nooit gezien ! Omdat ik een nogal schriel menneke was moest ik de oefeningen uit het gymnastiekboekje gaan doen, dat gebeurde dan op de kamer van de pater en allebei bloot, de pater deed de oefeningen met zijn walrussen lijf voor en ik moest ze dan nadoen, samen bloot op de vloer. Mijn leermeester zorgde er wel voor dat ik goed moe werd zodat er weer gerust moest worden….en ik was regelmatig echt moe en ging graag even liggen en hij natuurlijk langs mij. Op een keer, tijdens zo’n rustperiode begon hij mij te strelen, niet zoals anders een aai over mijn bolleke, maar hij begon mijn hele lichaam te strelen en af en toe te kietelen zodat ik moest lachen en afgeleid werd van waar hij mee bezig was, en plotseling had hij mijn penisje vast en zei dat ik die van hem ook moest vastpakken en er een kusje op moest geven…. Toen vond ik dat er ergens iets niet klopte, ik keek naar dat dikke ding tussen zijn benen….en ik zei …..NEE ! Och arme, weigeren kon in de ogen van pater Oddens niet en de straf volgde dan ook onmiddellijk. Aan de muur van zijn kamer hing een karwats aan een spijker, geweven touw met op een afstand van enkele centimeters knopen in gelegd. Ik had straf verdient, zei de pater, en hij zou mij leren om straffen te incasseren door te wennen aan pijn en te leren geen geluid te geven bij pijn. Ik moest op mijn buik op zijn bed gaan liggen en hij zou mij drie slagen met de karwats op mijn billen geven. Als het pijn deed moest ik maar hard in het kussen bijten maaaaaar, als ik ook maar een kik zou geven kreeg ik er drie bij ! Ik zag vanuit mijn ooghoek hoe hij zich klaarmaakte voor de eerste slag…hij deed als of, en aaide met de karwats over mijn billen…toen de tweede, ook weer een aai, en ik moest lachen,…. toen was er die slag, mijn billen ontploften en het deed zo verschrikkelijk zeer dat ik het uitgilde van de pijn…dus drie slagen extra en die kwamen alle drie keihard aan…de pater wenste geen weigeringen, dat werd gestraft. S’Avonds kwam ik thuis, 3 kilometer fietsen maar ik kon niet op het zadel zitten. Op de badkamer zag ik later waarom…de striemen lagen een centimeter dik op mijn billen. Ik huilde de hele nacht van de pijn, maar het moest zachtjes want mijn ouders mochten niets horen. Er waren nu bijna wekelijks middagconcerten. Het waren concertjes bij families in grote huizen en soms waren er wel vijfentwintig tot dertig mensen aanwezig. Het was leuk, ik werd er verwend met lekkere drank en hapjes, iets wat ik thuis niet gewend was. Na een van die concertjes zag ik, na een bezoekje aan de toillet, pater Oddens staan met de heer des huizes. De pater had geld in zijn hand en toen hij mij zag zei hij dat ik mijn spullen moest gaan inpakken en alvast naar de auto moest gaan, hij zou zo wel komen. Twee dagen later kreeg ik van hem een nieuwe fiets, naar hij zei had ik die met die concertjes zelf verdiend….. De vrijwel dagelijkse gymnastiek oefeningen gingen mij op den duur danig vervelen en ik vroeg de pater of ik dan niet beter kon gaan studeren. Dat mocht niet van hem want, zei hij, dat stilzitten tijdens het studeren vraagt om compensatie dus moet je aan je lichaam en je spieren werken. Ik was te jong om dat te begrijpen maar de pater zou het wel beter weten, dus bijna elke middag gymnastiek en daarna weer rusten op bed. Op een keer zei de pater dat hij eens wilde zien of de dagelijkse gymnastiek mijn lichaam al sterker had gemaakt. Ik moest op mijn buik op zijn bed gaan liggen en hij kwam boven op mij. Het gewicht van zijn lijf perste zowat alle lucht uit mijn longen en hij vroeg of het zwaar was. Nu moet je eens proberen om mijn gewicht omhoog te drukken, zei hij, dan kan ik zien of je al sterker geworden bent. Ik probeerde het door mijn ellebogen mijn onder mijn lichaam te krijgen en mijn gat omhoog te drukken. Opeens voelde ik dat er iets tegen mijn gat werd gedrukt en daar na een stekende pijn. Dat deed zeer, heel zeer, dus heb ik geschreeuwd. Mijn hoofd werd in het kussen gedrukt en ik hoorde hem zeggen dat ik stil moest zijn omdat de andere paters sliepen. Ik lag te huilen en ik voelde zijn lichaam steeds maar over mij heen schuiven en ik voelde zijn penis tussen mijn bovenbenen terwijl hij mij steeds aan het sussen was en zei dat dit de manier was om te laten zien hoeveel hij van mij hield. Enkele dagen later kwam pater Oddens mij thuis ophalen, geen studie vandaag, we gaan een dagje weg, zei hij. We reden naar Nijmegen, naar een klooster. Daar aangekomen werden wij begroet door een pater in het wit die mij in een klein kamertje liet plaatsnemen en met pater Oddens vertrok. Na ongeveer een uur werd ik door een broeder opgehaald en naar een mooie grote kamer gebracht waar Oddens en de andere pater zaten. De witte pater zei dat hij enkele vragen voor mij had en of ik die eerlijk wilde beantwoorden. Jij bent bijna dagelijks bij pater Oddens, wat is hij voor jou, vroeg hij. En ik antwoordde, dat is mijn leraar muziek, hij geeft mij muziektheorie en pianolessen. Nee, zei Oddens toen, dat bedoelt hij niet, wat ben ik voor jou, hoe moest je mij noemen, ik ben jouw….en ik zei, mijn papa. Weten jouw ouders dat jij af en toe met pater Oddens op zijn kamer gaat rusten? En ik zei nee, want ik had het gevoel dat ik dat niet aan mijn ouders moest vertellen, ze zouden mijn niet geloven want een priester was in hun ogen een geleerd man en een vertrouwenspersoon. Daarna moest ik de kamer weer verlaten want de paters hadden nog wat te bespreken. Later reden wij weer terug naar Eindhoven naar het klooster en naar zijn kamer. We gaan eerst nog even rusten, zei hij, en daarna gaan we in de kerk spelen. Weer dat zware lijf op mij, weer probeerde hij zijn penis in mijn gat te steken en weer dat geschuif en een zuchtende pater en na het zuchten natte en plakkerige bovenbenen. Ik had er zo’n hekel aan maar, met de gedachte aan de striemen op mijn billen, durfde ik dat niet te zeggen. Zo ging dat week na week, maand na maand verder. Steeds groter werd mijn hekel aan dat kamertje van vier bij vier, dat bed een de dikke naakte pater. Op een dag brak plotseling mijn stem, ik kon geen hoogtes meer halen, ik kon de tonen niet meer zuiver zingen, een dag om nooit meer te vergeten. Het gezicht van Pater Oddens, ook om nooit meer te vergeten ! Ik moest, hiep hiep hoera, niet meer naar de repetities, niet meer naar zijn kamer, de pater gaf mij geen lessen meer want hij had het veel te druk, zei hij. Ondertussen was ik al ingeschreven als leerling van het Maastrichts Conservatorium en de eerste lessen gingen in september van start. Heerlijk, met de trein drie keer per week naar Maastricht en s’avond weer naar huis, thuis studeren en in mijn vrije tijd zalig niks doen. Maar studeren deed ik in de huiskamer want op mijn kamertje voelde ik mij opgesloten, vier bij vier. Ik leerde een meisje kennen uit de buurt waar ik woonde. Ze leerde voor kapster, ik vond haar mooi en werd verliefd. Op een dag waren haar ouders niet thuis en we gingen naar haar kamer, wij kusten elkaar en zij duwde mij op haar bed. Ik had geen enkele ervaring met vrouwen, had daar ook geen tijd voor gehad en wist dus niets anders te doen dan haar te strelen en te kussen. Ietje, zoals haar naam was, had duidelijk meer ervaring en begon met mijn penis te spelen en wist hem erect te krijgen. Zij draaide zich op haar rug en trok mij boven op haar, en plotseling besefte ik dat ik in een kamertje was, vier bij vier, ik kreeg het beeld van de pater voor ogen…..en het ging niet, ik kon met mijn penis niet bij haar binnenkomen, die werd zienderogen slapper. Mijn vriendinnetje was blijkbaar niet tevreden met mijn prestatie, want een paar dagen later was ik exit en had ze een andere vriend. Ik leerde een ander meisje kennen en na enige tijd moest het er ook weer van komen en ik werd bij de gedachte al bang, zou het deze keer wel goed gaan?…..neen dus, we lagen naakt op bed kussend en strelend maar toen het zou moeten gebeuren wilde ik graag, heel graag zelfs, maar het ging niet, er zat iets tussen mijn oren. Met het derde meisje ben ik getrouwd, zij mocht van haar ouders geen sex hebben voor dat we getrouwd waren. Ik vond dat niet erg, eigenlijk was ik blij, ik moest niet presteren ! Altijd was er die angst dat het niet zou gaan. Het huwelijk liep op de klippen vanwege…..juist ja, geen sex ! In mijn tweede huwelijk ging het wat beter. Mijn vrouw was begrijpend en geduldig maar steeds vaker overviel mij de gedachte aan dat kamertje met die pater en ging het niet meer. In mijn vriendenkring was ik altijd de gangmaker en zat altijd vol grappen. Ik werd en word nog steeds uitgenodigd vanwege mijn heldere kijk op zaken, mijn vermogen om te relativeren en mijn gave om (hoe is het in Godsnaam mogelijk) mensen te helpen die huwelijks of relatieproblemen hebben. Mijn jeugdvriend, die als een rode draad door mijn leven loopt, heb ik na jaren weer ontmoet. Het was een plezierig weerzien en wij haalden herinneringen op uit onze gezamelijke jeugd, hoe leuk het was op verjaardagsfeestjes, hoe zijn moeder het altijd bijna in haar broek deed van het lachen als ik moppen aan’t vertellen was en over onze tijd op het koor van de paters Augustijnen. Hij wist zich nog te herinneren hoe vreemd hij het vond dat, toen wij op kamp waren, hij met andere jongens terug kwam van het zwemmen, ik bloot voor de tent van de pater stond, op een bruin zeil en door de pater werd gewassen. Hij wist dat allemaal nog ! Toen Michel weg was ben ik weggezakt in herinneringen en ik voelde mij niet goed. Vorige maand stierf mijn vader plotseling, een man die altijd hard heeft moeten werken om zijn gezin te kunnen onderhouden. Tijdens zijn herdenkingsdienst heb ik zijn In Memoriam gesproken en verteld dat ik hem eigenlijk nog zoveel te vertellen en te vragen had. Maar had ik hem wel kunnen vertellen over wat mij in mijn jeugd allemaal was aangedaan ? Vroeger zouden mijn ouders het niet geloofd hebben, en later, kon ik het niet vertellen omdat ik hen waarschijnlijk een schuldgevoel zou hebben gegeven omdat zij nooit bedenkingen hebben gehad bij het doen en laten van pater Oddens. Doordat er steeds meer herinneringen naar boven komen en mijn gedachten over hoe mijn leven tot nu toe is verlopen ben ik tot de overtuiging gekomen dat hetgeen pater Oddens met mij heeft gedaan, en waarschijnlijk door zijn collega witte pater uit Nijmegen werd verdoezeld, mijn leven totaal heeft verwoest. Door mij sexueel te misbruiken heb ik een trauma opgelopen dat tot op heden een bijna fatale invloed op mijn leven heeft gehad. Mijn veelbelovende toekomst als musicus is voorbij omdat ik een hekel heb aan alles wat gezag is en wat dingen van mij eist. Ik kon geen muziekles meer geven omdat ik mij tussen vier muren als een gevangene voelde zijn en wilde uitbreken. Ondanks dat men mij lief en zorgzaam vind, en soms ook een fantastische man, gaan mijn relaties kapot door mijn faalangst op sexueel gebied. Dit alles overdenkend maakt mij ziek, de vertrouwenswekkende pater heeft het gepresteerd om, door mij als kind te misbruiken, de rest van mijn leven dusdanig te beïnvloeden dat mijn leven tot nu toe een aaneenschakeling is geweest van wanhoop en faalangst. Een faalangst die zich niet beperkt tot het sexueele vlak en relaties, dat ik niet goed ben in wat ik doe, maar ook op de zoektocht naar een loopbaan waarin ik mijn toekomst had kunnen verzekeren zoals die door mijn inzet en talenten voor mij lag.

8/18/2010 12:03:51 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Tuesday, August 17, 2010

Beste Bert,

Ik las in het verslag van de stichtingsvergadering dat jullie van mij denken dat ik veel over de kerk weet. Toen vroeg ik me af wat weet ik eigenlijk wat ertoe doet in deze dagen?

Ik voel mij op de eerste plaats verbonden met de verborgen geschiedenis van de kerk, en daarmee met al die lotgenoten die hun verhaal al die jaren niet hebben kunnen vertellen. Ik heb ervaren hoe dat werkt, de pijn, de angst, de walging, de schijnheiligheid en de verborgenheid van dat alles. Ik wist dat ik niet de enige kon zijn, maar ben geschokt door de omvang en de ernst van het geweld. Ik heb echter ook vriendschap en lotgenootschap met anderen beleefd die daarvan niets wisten, die de kerk eerden of helemaal niet kenden. En mij ingeleefd in de geschiedenis van de kerk.

Ik heb de wereld van de katholieke religieuzen en hun kerk diep vanbinnen bij tijden als een vijandig gebied ervaren. Ik gruwde dan van de kloostergangen, en van de habijten. Herinnerde me alleen de wreedheid van sommigen en het Kafka gevoel van het geheel.

Geleidelijk liet ik opnieuw tot mijn bewustzijn doordringen wat ik precies ervaren had en vooral wat ik verloren en gemist heb. Hoe hard werden we beroofd van onze eigenheid nog voordat we ons bewust waren van ons verlangen daarnaar! Wat verlangden we naar mensen die ons daaruit zouden bevrijden. Hoe afwezig waren die!

Die gevoelens kwamen boven, het verdriet en verlies, maar daarmee ook acceptatie en bevrijding van mijn angst en afkeer. In de afgelopen maanden werd het wat dat betreft ook lichter, nu ik mijn eigen verhaal niet langer hoefde verbergen en ook de verhalen van anderen las en hoorde. Hoe je letterlijk haast niet meer rechtop kon staan in een wereld waarin voor familie, leraren en leeftijdgenoten jouw rechten er niet toe deden omdat ze niet eens wisten of wilden weten wat er met je gebeurd was. Of met henzelf. Hoe ik ook voor mezelf probeerde het gebeurde niet te herinneren en mijn uitgeschakelde verlangens niet te voelen, want dat deed pijn. Maar dat hielp ook niet.

Op een gegeven moment heb ik mezelf verteld dat kerkelijk of niet kerkelijk van geen belang is voor mijn respect en medeleven met anderen. Het zijn allemaal mensen en ik ook, ik begrijp mezelf en anderen niet altijd.

Frans Wiertz bijvoorbeeld was een goede vriend van een van mijn broers en wij zagen hem als jongeman graag in onze familie. Ik zie nu dat hij alleen het belang van de kerk en haar imago dient, ik ben het daarmee niet eens, ik wil graag het belang van de waarheidsvinding verdedigen. Ik begrijp zijn heftig eenzijdige loyaliteit niet. Daarbij komt dat ook veel van zijn priesters dezelfde wreedheden ervaren hebben. Wat gaan ze daar naar mee om! Waar ik wel begrip voor heb is de angst van de religieuzen voor onterechte beschuldigingen. Ik noem Wiertz hier omdat hij voor allen een bekende is. Maar ik kom bijvoorbeeld ook op begrafenissen waar mensen katholiek blijken te zijn en ik niet zo goed begrijp wat daar gebeurt. Soms is het heel goed, soms is het zichtbaar niet goed voor de mensen.

Mijn kinderen heb ik vrijgelaten om zelf te beslissen of ze katholiek wilden zijn. Ze zagen veel katholieken om zich heen, en probeerden het verschil in werelden te begrijpen en te overbruggen. Ik probeerde hen te vrijwaren van de last van mijn verleden. Van het onderzoek dat mij dochter Kim deed in Limburg, maakte op mij vooral haar openheid indruk jegens alle betrokkenen en haar interesse in hun beleving. Ze leerde mij te begrijpen wat mensen zoeken in de kerk, en eigenlijk herken ik dat verlangen ook. In mijn eigen woorden: een plaats waar mensen hun eigenbelangen achter zich laten en elkaar in vrede en openheid ontmoeten, een middelpunt in de gemeenschap. Ze maakte echter ook de diepe verwarring zichtbaar die veel mensen ervaren ten aanzien van de bedienaars van die kerk, en de angst om te vertellen wat hun was aangedaan in naam van…, nou ja, mijn zin om zijn naam te noemen is dan helemaal over. Die verwarring, daar zitten we nu immers middenin.

Onder meer door haar werk heb ik ook Marit Monteiro’s werk zijdelings leren kennen. Ik denk dat een open gesprek met haar en overige leden van de commissie Deetman de waarheidsvinding kan dienen en ruimte kan scheppen voor de werkelijke geschiedenis van de mensen. Ik ben het met je eens dat de instelling van deze commissie niet genoeg is en dat het niet als een doofpot mag werken, maar dat ligt ook in de eigen hand van de lotgenoten, onze eigen hand dus. Wij zijn een belanghebbende partij in dit verhaal, en wij hebben belang bij een onafhankelijke commissie.

Voor een open gesprek met deze commissie vind ik het van belang om als Mea Culpa niet op de persoon te spelen maar om twijfels en argumenten onder woorden te brengen en te laten zien waar wij voor staan. Als dat nodig is laten we wel horen of de verschillen in werelden te groot zijn door ontkenning van ervaringen of door vooropstelling van belangen van het kerkelijk imago, de kerkelijke financiën en de kerkelijke leer boven de belangen van waarheidsvinding en rechtsherstel.

Annemie Knibbe

Hallo Annemie

Yep, ik weet niet zo goed wie wordt aangesproken? Wie wat over wie zegt en wie tegen wie praat en met wie? Typisch een katholiek communis opinio, je weet nooit precies wat ze voelen.

Vraag twee? Wil Marit wel met ons praten? Vanaf de wetenschaps-kansel? Is dat met MeaCulpa of met personen, ik bedoel dan op persoonlijke titel? Voor alle duidelijkheid ik vind praten, de dialoog ben ik grote voorstander van, maar zoals ik je al zei: ik heb ook ruim drie kwartier met dhr Deetman gesproken of beter hij tegen mij. Dat is ook precies het probleem wat ik met sommige vertegenwoordigers van de kerk heb, daar reken ik Deetman en Monteiro ook onder, ze draaien in hun eigen kringetje en zoeken naar onze waarheid, schijnen het onafhankelijke wetenschapslicht en werpen zich al te gemakkelijk op als hoeder van ons probleem. Wij zelf worden niet gehoord, noch benaderd. Het is net of we melaatsen zijn, dat als er met ons gesproken wordt, de waarheid besmet raakt. Marit Monteiro kan jarenlang onderzoek doen in opdracht van de kerk en werkelijk geen enkele psychologische overdracht vindt plaats? Waarheidsvinding is onmogelijk als er te zeer vanuit belangen wordt geredeneerd; in mijn gesprek met dhr Deetman vroeg ik naar de stellingname dat als er zeven personen zijn die onafhankelijk van elkaar een pastoor beschuldigen van misbruik, hij dat nog steeds geen bewijs vond. Ik spreek dhr Deetman er persoonlijk op aan dat hij geen belang mag dienen van zijn opdrachtgever en het beter ware wanneer hij blijkt geeft van een doorleefde drang om de waarheid te vinden. 'De wetenschap gaat ons daarbij helpen', zo was zijn super voorzichtige stellingname maar ook de wetenschap kan niet alles vinden. Wat het extra moeilijk maakt zijn de sentimenten, ook ik hang aan de kerk, de pijn en liefde in de boodschap van Jezus zijn we vergeten, ook ik wil ontmoeten in Gods heerlijkheid. Dat is allemaal prachtig maar juist deze sentimenten en blinde vlek voor het geloof, mochten we niet zien wat er gebeurde, moesten we bidden om bescheiden te blijven. God zal de waarheid wel kennen maar vertellen doet hij hem niet. De dialoog die jij voorstaat is ook de mijne, dus kom laten we elkaar ontmoeten....onder de blote hemel.

Bert Smeets

PS Ik begrijp dat je met Marjan en je dochter met Marit Monteiro wil spreken, is altijd goed want Marjan's standpunten zijn voor mij boven iedere twijfel verheven, nu nog Marit.

8/17/2010 12:17:00 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback
 Monday, August 16, 2010

Goedemorgen Patrick

Een regenachtige dag, wat wil je nog meer dan met enkele daders gezellig bij justitie aan te kloppen. Ik neem aan dat het weekend in therapeutische zin goed is verlopen en dat de patient bereid is, samen met jouw (wat een heldendaad Patrick) zich gaat melden. Een hele opluchting voor iedereen van jullie, ook Bodar zal jubelen en nog een plaatje draaien voor de zielerust van priesterdadertje. De kerk bevrijdt zich van alle seksuele lusten door deze overgave aan de waarheid Gods. Alle misdienaars zullen naar buiten stormen, hun superplie’s afwerpen en al biddend ter aarde vallen, hallelujah hoe verschoon ik mijn parochie, instellingen en instituut: geef het voorbeeld Pat! Bernadetje was bijna opgeschrokken gisteren van de hevige nep-bommelding maar gelukkig ze slaap vredig verder en ontvangt ze Maria andermaal in haar met palmwijn gedrenkte meisjeslichaam, een schonere mummificatie kun je je niet voorstellen Patrick.

Patrick voor ons ben je een ster, we kunnen je niet vaak genoeg melden, alleen besef je het zelf nog niet helemaal?

8/16/2010 9:27:43 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Sunday, August 15, 2010

Voor de tweede maal in een week krijgen we berichten dat meaCulpa-media.com, de site geblokkeerd wordt of zoals San schreef: Er is al een tijdje iets mis met je site, de teksten staan door elkaar, zoals je kan zien op de aangehechte snippet. Doe ik iets fout, of zit er een pastoor tussen de links?

Nou, we geloven niet in spoken, laat staan de duivel, maar mocht men pastoor toch duivelse trekjes krijgen, zijn wij als ex-misdienaars bereid iets lekkers in de wijn te doen...

8/15/2010 4:49:53 PM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Beste Vrienden,

Voor diegenen die nog iets verwachten van gerecht of Kerk, waar hebben jullie de laatste 50 jaar gezeten? Op het eiland Amoras?

Gerecht en Kerk zijn twee molenstenen die, weliswaar beter om de nek van een paar bisschoppen zouden hangen, maar in werkelijkheid iedere dag een paar gewone mensen vermalen tot stof en as. Nu ondervinden we het aan onze lijven. Is het daarom plots meer waar dan vroeger? Er zijn duizenden mensen in België die dat al eeuwen weten en nu is het uw beurt, dat is alles.

Wie nog gelooft dat er van die twee handen op één buik iets te verwachten valt, die laat beter het doopwater uit zijn hersenpan tappen. Hij weet er nog altijd van, ontdoopt of niet.

Wordt het zowat geen tijd dat we, in plaats van op ons gat te zitten bleiten, iets ernstigs gaan doen? Gaan we nu eindelijk eens ophouden met liturgische grappen, zoals ons laten ontdopen en fier als een gieter ons wat beter voelen dan de rest, omdat we ervan af zijn?

In plaats van door domme shows op TV een spontane lobotomie op te lopen (veel verschil zal het voor velen al niet meer maken), lees bv. eens wat in de Bijbel. Ik heb het al gezegd: Heavy stuff man! Wat zeg ik, DYNAMITE!

"Ook al zijn uw zonden rood van het bloed, ze zullen blank worden als sneeuw. Maar alleen nadat gij alles hebt bekend en bereid zijt om genezing en vergiffenis te ontvangen".

Steekt dat maar in uw frak ridder Johan Sauwens von Scherpenheuvel! Schuwe gast, Isaias, ik zou hem niet in huis willen hebben, maar deze keer zit hij er bovenop. Wel, Kanneeltje, wat zeg je daarvan? Vergeten zeker? Meer worteltjes eten! Minder advocaatje spelen en wat meer curia animarum op het menu. Flinke jongen!

Voor de laatste lezing van vandaag, een vóórpublicatie:

Een klein citaat en een grote voetnoot uit mijn laatste schrijfsel waar ik al bijna een maand mee worstel, omdat er geen einde aan komt:

Als er nu nog slachtoffers zijn die denken dat ze iets te verwachten hebben van de purperkopbarbelen[i], die worden door mij persoonlijk gestoofd met "salsa domini canis" en ijslam toe.

[i] Mocht u nog maar half zo nieuwsgierig zijn als ik, dan had ik me de moeite van de helft van de voetnoten hier kunnen besparen. Mocht u daarenboven willen weten waar al die purperen smeerlapperij vandaan komt en u bent weeral te lui om het op te zoeken, maar u wil het wel weten ? Volià:

De (purper) kleurstof (het was dus géén pigment) werd gewonnen uit een kliertje (de branchiaalklier) van de slak; de afgescheiden substantie is oorspronkelijk een vuil geel, maar de stof kleurt door een proces van oxidatie — versneld door een enzymreactie onder invloed van zonlicht — binnen enkele minuten purper. Een groot aantal kliertjes werd in een pot samengevoegd, met zout gemengd en dan door koking in urine ingedikt om de (meestal wollen) stof in het mengsel te verven. De stank die de in de open lucht door slaven continu bewaaierde rottende massa opleverde, wordt door klassieke schrijvers omschreven als onbeschrijflijk, maar die werd vermoedelijk mede veroorzaakt door de gewoonte de resten van de slak op een al even rottende hoop naast de productieplaats te werpen. De bergen schelpen liggen er nu nog. De tegenstelling tussen de smerige fabricage en het "goddelijke" resultaat was een cliché metafoor in de klassieke dichtkunst, zowel voor de menselijke geslachtsgemeenschap als voor de onderliggende basis van iedere politieke macht.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Purper_(verfstof)

Volià, meer moet dat niet zijn zeker? Als u nog eens een purperen tegenkomt, dan mag u dit sympathieke tekstje van mij rustig en gedragen voorlezen, als een bezinningstekst, mit lauter Stimme. De kleren van paus en keizer zijn gemaakt van neukende slakken en slavenpis en zijn een metafoor voor vuile manieren! De uitdrukkingen “Eigen lof stinkt" en "Stank voor dank" zijn hiermee ook weeral verklaard. Noch stank noch dank.

groeten

san, stichtend lid van het committee voor de zaligverklaring van Paul Van Den Boeynants, kerkvader van het katholiek marktgericht denken.

8/15/2010 10:02:13 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Gisteren stond op het einde van het artikel het volgende: door de jaren heen is het centrum (Bleijerheide) diverse keren gerenoveerd. De groepsaccommodatie beschikt over 300 bedden verdeeld over 100 kamers. Per 1 januari 2001 hebben de Broeders Franciscanen hun activiteiten in het Centrum beindigd en is het Centrum overgenomen door een particuliere organisatie die de exploitatie voortzet. De sfeer van weleer leeft echter in het complex voort. Een voorbeeld hiervan is de in 1992 totaal gerenoveerde kapel die naast het oudste gedeelte van het gebouwencomplex op de monumentenlijst staat.

Deze particuliere organisatie is de Priesterbroederschap St. Pius X is een rooms-katholieke congregatie van priesters die in gemeenschap leven. Tevens heeft men een groot aantal broeders en zusters met geloften, die het apostolaat van deze priesters ondersteunen. Zij vormt de grootste organisatie binnen de kerkelijke stroming van het traditionalisme in de Rooms-katholieke Kerk, hoewel de status van de organisatie omstreden is vanwege gedeeltelijke afwijzing van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) en de hiernavolgende kerkelijke ontwikkelingen. Deze orde is opgericht door de oerconservatieve priester monseigneur Lefebvre. Wat Bleijerheide oorspronkelijk faciliteerde (gevluchte Franciscaner broederschap tijdens Bismarck's Kulturkampf, waaarin een stroming die het traditionele Christendom wilde handhaven) is nu weer terug bij af, de oude liturgische school eren om van hieruit weer voet aan de grond te krijgen…in Bleijerheide een vreemde plek waar de bange geest van ontkenning en angst voor het nieuwe zich verzamelt.

8/15/2010 1:39:38 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Saturday, August 14, 2010

Deze duitse orde komt in 1875 op Bleijerheide na de duitse Kulturkampf (1871 - 1887).

Algemeen

Johannes Höver (1816 Neuhonrath(D) - 1864 te Aken), een akense onderwijzer, sticht de kloosterorde in 1857. Die orde heeft bij oprichting tot doel de arme straatjeugd op te vangen. De duitse Orde heet de Orde van de H. Franciscus Saraphicus.

Geschiedenis

1875

Hun klooster te Bleijerheide wordt op 11 januari 1877 in gebruik genomen, waarvan de bouw begint in 1875. In de tussentijd verblijven zij in het Ackensklooster. De broeders leggen zich toe op het geven van onderwijs aan Duitse en Nederlandse jongens op Lager- en Ambachtelijk niveau. Later wordt dit onderwijs uitgebreid naar ULO, MULO en MAVO onderwijs. De Höverstraat is genoemd naar Johannes Höver.

1918

In 1918 vertrekken de duitse paters uit Kerkrade en nemen de nederlandse paters van dezelfde orde, hun plaats in. In de praktijk zijn de nederlandse paters al sinds 1911 actief.

1932

Het, naar de gezusters Ackens genoemde, klooster is gelegen op het huidige Henri Jonasplein. Het wordt in 1932 vervangen door een klooster verderop aan de Pannesheiderstraat, in het huidige Kloosterpark Pannesheide. Hun latere klooster naast kasteel Erenstein, wordt in 1960 afgebroken.

1960

Vanaf 1960 tot 1992 is de orde gevestigd aan de Monseigneur van Gilsstraat, naast het Antonius Doctor College. In 1980 verterkt de orde uit Bleijerheide. De lagere school en kleuterschool te Bleijerheide wordt in Augustus 1985 opgeheven. Het jongenspensionaat wordt in Juli 1988 beëindigd, waarna de gebouwen gebruikt worden als congrescentrum onder de naam Congrescentrum Bleijerheide.

Dit congrescentrum wordt door de Paters Franciscanen gestart, wanneer zij in juli 1988 stoppen met het beheer van het Jongenspensionaat Bleijerheide.

Het congrescentrum ligt aan de Pannesheiderstraat in het gebied dat sinds 2005 Kloosterpark Pannesheide heet. Tussen 1875 en 1891 verblijven de paters in een klooster aan het huidige Henri Jonasplein.

Klooster

1877 Betekent het begin van een instituut onder leiding van de Broeders Franciscanen. De broeders hebben als taak te zorgen voor het welzijn van de verwaarloosde proletarische Duitse jeugd. Het begin is armoedig en primitief: een stuk weidegrond met hoeve wordt geschikt gemaakt voor leef-, werk-, studeer- en bidruimte voor de broeders en de jongens. Klooster en scholen worden door de jaren heen telkens weer uitgebreid. Vanaf 1914 worden naast Duitse jongens ook Nederlandse jongens toegelaten. Na 1934 zijn alleen nog Nederlandse jongens op het pensionaat. In 1932 start de ULO opleiding. In 1976 constateren de Broeders Franciscanen dat het volgen en geven van onderwijs op het pensionaat meer en meer tot het verleden behoort. Al in 1978 start het Centrum Bleijerheide met de eerste niet schoolse activiteiten. De accommodaties worden ter beschikking gesteld voor een- of meerdaagse groepsbezoeken inclusief overnachting en verzorging.

Door de jaren heen is het centrum diverse keren gerenoveerd. De groepsaccommodatie beschikt over 300 bedden verdeeld over 100 kamers. Per 1 januari 2001 hebben de Broeders Franciscanen hun activiteiten in het Centrum beindigd en is het Centrum overgenomen door een particuliere organisatie die de exploitatie voortzet. De sfeer van weleer leeft echter in het complex voort. Een voorbeeld hiervan is de in 1992 totaal gerenoveerde kapel die naast het oudste gedeelte van het gebouwencomplex op de monumentenlijst staat.

8/14/2010 8:30:37 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Friday, August 13, 2010

Gisteren intervieuw met Lubert Priems van L1 radio voor het programma 'Zomergasten'. Lubert ree me naar Kanne waar ik ijsjes zou eten, want zo staat het op mijn blog 31 juli, hoewel dit misverstand door mezelf is opgeroepen, eet ik er bijna nooit ijsjes. Ik watertand wel als ik er langs fiets maar ben meestal te onrustig om er easy te hangen met zo'n ijstoeter onder mijn neus. Sorry Lubert voor het misverstand. We zijn toen het witte kerkje binnengelopen en daar ga ik nooit naar binnen. Ben ik dan een kerkhater? Voer ik een hetze? Iedereen haalt het zijne, het goede en het waardevolle uit een cultuur, maar moet ik dan zwijgen en stomweg de weg van God volgen? Maar als we Sytsze van der V, de Benno L's fileren en iedere stad uitjagen waarom zwijgen we dan als het om priesters gaat? Waarom krijgen veroordeelde priesters volmondig door het bisdom gesteund een tweede kans? In Belgie in de basiliek van Scherpenheuvel, symbool van de bloedige Spaans-katholieke onderdrukking van Vlaanderen, gaat Johan Sauwens een kaarskensprocessie organiseren ter eerherstel van de "goede" priesters. Wanneer houden ze een wake voor de zelfmoordslachtoffers van de kerk? Voor de misbruikten en afgetuigde kinderlichaampjes die niet onmiddellijk wilden luisteren (lees onderwerpen). De bevende nonnenhanden die meisjes vaginaal betasten, de opsluitingen allemaal niet gebeurd, niet geweten, verjaard en geen steunbetuiging van welke kerkdienaar ook! Met San Deurinck besprak ik nog een misdienaarsloop naar de hel. Een mars voor de misjongens, zoek ze bij elkaar, verzamel ze de schone knapen. Laat ze de bloedwijn drinken van het lichaam van Christus, laat ze meegenieten in het hol van de nacht wanneer de broeders langs je bedje paradeerden en je geen kant uitkon, opgesloten voor het geloof, hun geloof! Wie kan zich de manipulatie en mechanismen nog indenken hoe het was als kind door het geloof gekneveld? Ik heb een stuk uit Bleijerheide klanken uit 1962, het blaadje voor de Engelen jongens gecopieerd om de mierzoete houding te laten zien hoe je je moest voelen, gedragen, volgzaam en vooral niet degene te zijn die je bent.

L1 radio uitzending 'Zomergasten', Dinsdag 31 Aug. tussen 10-12 u.

8/13/2010 12:59:43 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Thursday, August 12, 2010

“Je kunt geen onderzoek doen naar het gedrag van religieuzen als je geen vragen stelt over hun seksuele gevoelens.”

Beste Bert,

Ik las dat je geen vertrouwen hebt in Marit Monteiro. Je argument is, dat zij banden heeft met religieuze ordes die ook door getuigen van misbruik als daderorganisaties genoemd worden: de Fransicanessen, Dominicanen en de Salesianen. Zij zijn immers haar opdrachtgevers voor onderzoek geweest.

Ja, dat roept inderdaad vragen op. Volgens Deetman is ze als wetenschapper onafhankelijk en “boven elke twijfel verheven”. Zelf heb ik van Marit Monteiro de indruk dat zij een wetenschapper is met een onderzoekende geest. Ik verwacht dat zij de getuigen die zich nu beginnen uit te spreken ten volle respecteert. Dat ze wil weten hoe het zó verborgen kon blijven dat ze het zelf in jaren onderzoek niet heeft gevonden en ruimte wil scheppen voor allen die nog niet durven te getuigen. Dat ook voor haar door de nieuwe getuigenissen het kerkelijk zelfbeeld grondig veranderen kan, zonder de christelijke boodschap tekort te doen. Als dat niet zo is dan twijfel ik inderdaad en dan hoop ik dat ze niet te zeer boven onze twijfels verheven is maar zich ermee wil uiteenzetten.

Ik vond een interview van de website www.dominicanen.nl met haar over haar taak bij de commissie Deetman. Daarin spreekt ze met haar vroegere opdrachtgevers over jouw en mijn geschiedenis. Dat is op zich pijnlijk, het is nu immers tijd om haar intenties en werkwijze allereerst te verantwoorden naar de slachtoffers. Daarbij valt het me ook hard dat zij in eerste instantie reageert op het meest oppervlakkige beeld in de media en niet op de verhalen van onze lotgenoten, verhalen waar ik zelf herhaaldelijk stil van word, en die helemaal niet verenigbaar zijn met het beeld dat tot nu toe van kloosters gold. Monteiro stelt de interviewer van dominicanen.nl gerust over de golf van publiciteit: “Wie de kranten oppervlakkig leest, kan gemakkelijk concluderen dat seksueel misbruik strijk en zet was op scholen onder leiding van de religieuzen. Of dat werkelijk zo is, moet onderzocht worden.’

Oog in oog met de schokkende getuigenissen van lotgenoten, zoals onder anderen in jouw dossier 14, wekt de toon van deze uitspraak geen vertrouwen. Het kan het gevoel oproepen dat een onderzoeker je kan passeren in het vaststellen wat daar gebeurde waar jij in alle eerlijkheid over spreekt. Ik ben er beducht voor dat een overwegend kritische houding tegenover de lotgenotengeschiedenissen mensen kan ontmoedigen te spreken die nu nog leven met een verborgen geschiedenis. Dat zou dan elk onderzoek belemmeren. Er is een machtsongelijkheid tussen getuigen en de kerk, en tussen hen en de buitenwereld. Van een goede onderzoeker mag je verwachten dat hij die machtsongelijkheid te boven weet te komen en daarmee ruimte schept voor tot nu toe verborgen verhalen.

Toch wijst Marit Monteiro er in dit interview ook heel nuchter op dat ze in eerder onderzoek vaststelde dat reacties op klachten van seksueel misbruik niet ingegeven waren door zorg om de slachtoffers, maar door zorg om de reputatie en financiële schade.

Daarbij kan de wetenschappelijke toon ons verbazen: ze stelt het alsof het niet verwijtbaar is op zich. Maar het verzamelen van feiten en vervolgens de weging van die feiten overlaten aan de partijen in de samenleving, kan op zich een goede bijdrage zijn van een wetenschapper.

In een gesprek met jou over de voorgeschiedenis van Marit Monteiro als onderzoeker en kenner van de religieuze orden zei jij: “Je kunt geen onderzoek doen naar het gedrag van religieuzen als je geen vragen stelt over hun seksuele gevoelens. In een Amerikaans onderzoek waarin religieuzen naar hun seksuele beleving wordt gevraagd, weet 98 % daarop geen antwoord te geven.”

Ik stel voor dat wij Marit Monteiro ook om een interview vragen en haar onze vragen stellen.

Houden we evengoed op de agenda wat je eerder schreef:

“Stel een parlementaire onderzoekscommissie samen die VRAAGT naar het seksuele aspect, kortom onderzoek doet bij nonnen en priesters (vandaar voorstel seksuologe als voorzitter commissie; Goedele Liekens hebben wij toen al benaderd) en de historische blunder om het Vaticaan een aparte status toe te staan. Zij vormen daardoor nog steeds een oncontroleerbare macht tussen democratische rechtstaten. Leven wij in een rechtstaat of in de kerkstraat? In de geesten van de mensen is niet iedereen los van de kerk. De angst en/ of de onmogelijkheid om erover te praten zit diep.” ?

Annemie Knibbe

8/12/2010 12:00:16 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [1]  |  Trackback
 Wednesday, August 11, 2010

Bodar gaat radio maken en wordt DJ. Dat was die toch al…GOD IS A DJ

Voor zijn eerste programma meteen maar een meaCulpa verzoekje!

8/11/2010 11:58:58 PM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Toen en NU

In ongeveer drie weken tijd zijn veertig meldingen binnengekomen van seksueel misbruik van kinderen die onder verantwoordelijkheid van de overheid zijn geplaatst in jeugdzorginstellingen en pleeggezinnen.

Rouvoet en zijn collega Ernst Hirsch Ballin (Justitie) besloten dit voorjaar de commissie-Samson in te stellen na meldingen van misbruik binnen de Rooms-Katholieke Kerk en van kinderen die door de kinderbescherming in katholieke instellingen waren geplaatst. De commissie-Samson houdt ook contact met de commissie-Deetman, die misbruik binnen de Rooms-Katholieke Kerk onderzoekt. Beide commissies nemen de periode van 1945 tot nu toe onder de loep.

Wat is er verandert of beter wat houden wij in stand!

Alhier een voorbeeld uit het verleden en misschien zullen slachtoffers van nu dit lezen!

L.s., Ook ik ben van mijn 5e tot 16e jaar mishandeld en misbruikt door zowel nonnen als rector en broeders, in respectievelijk het rk Jongens Weeshuis op de Lauriergracht in Amsterdam en Huize Aloysius in de Elandstraat ook in Amsterdam. Periode 1936 - 1947. In het jongensweeshuis veel mishandelingen van nonnen, zoals ijskoude douches in hartje winter, het hele ochtend staan met een pieslaken over je hoofd met de pies plek in je gezicht, het afbeulen door de directeur met een stok, (naam v.d. directeur Fontaine of Fontijn), biechten bij de rector op je knieën tussen zijn benen (naam Starreburg of Stekelenburg) etc.etc. Na mijn 12e werd ik uitbesteed zoals dat toen genoemd werd bij een boer in Swalmen (Limburg) waar ik moest werken, 7 dagen in de week, voor 1 gulden per week. Op een gegeven moment ben ik daar weg gelopen en vertelde aan de nonnen dat ik weg gestuurd was. Werd uiteraard zeer zwaar gestraft met stok door die directeur Fontaine. Daarna ging ik naar de broeders in de Elandstraat en kwam je van de regen in de drup. De overste (naam broeder Georgius of Gregorius) heeft mij meerdere malen tegen een deur of muur klem gezet. Een jongen in dat gesticht ik dacht met de naam Veenboer (12 jaar) heeft zichzelf na misbruik in het bad door een broeder opgehangen, uiteraard werd dat dood gezwegen. Ook werd er op de slaapkamers in de chambrette's allerlei dingen gedaan die het daglicht niet konden velen. Kan zo wel een boek vol schrijven, maar het ergste in die tijd was, dat je als wees nergens, maar dan ook nergens terecht kon met je klacht of een luisterend oor. Ben op mijn 16e weggelopen en heb toen een zwervend bestaan geleid en moest geheel zelfstanding zien te overleven. Want er was in die tijd ook van de overheden geen enkele steun of hulp te verwachten, laat staan een uitkering. De verhalen in de media dat nu er ineens allerlei verhalen over misbruik door de roomse kerk naar boven komen heeft volgens mij niets te maken omdat er iemand was/is die nu met de waarheid naar voren komt, maar veel meer omdat wij nergens konden klagen in die tijd. Helaas voor mij, zijn deze pedofielen en sadistische nonnen inmiddels overleden, maar het is toch toch wel treurig dat ik eerst 78 jaar moet worden voordat je met je verhaal wordt geloofd. Eigenlijk zou ik een vergoeding moeten hebben voor het feit dat ik niet verder mocht leren na mijn lagere school, die ik verliet als beste van de klas. Alleen als je opgaf dat je naar het semenarie wilde mocht je doorleren. Want door mijn zwervend bestaan na mijn 16e is van doorstuderen nooit meer iets gekomen met alle gevolgen voor de rest van mijn leven. Ik hoop dat u zich blijft inzetten voor deze zaak. Vr. groet,

R v D

De commissies Deetman en Samson houden contact! Interessant ze houden contact, houden ze ook contact met de slachtoffers-overlevers van toen en nu? Voor de balans ware het beter als er ook overlevers, ervaringsdeskundigen in beide commissies gekozen zouden zijn. Of zijn die niet objectief, de objecten niet objectief? Kunnen overlevers onafhankelijk naar hunzelf en/ of anderen kijken, geldt ook evenredig omgekeerd voor ieder commissie lid. Dat de commissie voorzitter zijn leden beschermd valt te prijzen maar dat ze boven iedere twijfel verheven zijn, typeert het oude machtsgevoel. Zo’n voorzitter kan nu alleen de uiterlijke waarheid (onder de loep) bevinden en van de innerlijke waarheid zal hij verstoken blijven.

Het volgende is ALLEEN voor de slachtoffers-overlevers....

»Wenn Du ein Schiff bauen willst, dann trommle nicht Männer zusammen,
 um Holz zu beschaffen, Aufgaben zu vergeben
und die Arbeit einzuteilen, sondern lehre sie
die Sehnsucht nach dem weiten, endlosen Meer.«
Antoine de Saint-Exupéry

8/11/2010 12:04:18 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [4]  |  Trackback
 Tuesday, August 10, 2010

Bisdom probeert nog steeds onder haar verantwoordelijkheid uit te komen!

Toe geven dat je fout zit en dan nog proberen er onderuit te komen. Dat is momenteel de strategie van het Bisdom Utrecht.

De Commissie Beoordeling en Advies van Hulp en Recht, Heeft geoordeeld over mijn aanklacht wegens seksueel misbruik door kapelaan H.Boonk, in de jaren 60 gebonden aan de St Walburgiskerk en St.Walburgisschool te Arnhem. Deze commissie B.A.C. Heeft het Bisdom Utrecht het advies gegeven mijn klacht gegrond te verklaren, door dat dit voldoende aannemelijk was gemaakt. Het Bisdom Utrecht onder leiding van Mgr.W.J. Eijk heeft dit advies overgenomen. En mij een A4 tje gestuurd met de mededeling dat het hun spijt. (dit was in het kort de inhoud)

Echter aan de in mijn klaagschrift gesommeerde schadevergoeding voor mijn jaren lange medische zorg die niet of slechts gedeeltelijk door het ziekenfonds wordt vergoed, gaat men voor het gemak maar aan voorbij. Men beroep zich dan weer op de verjaringstermijn, die door de RK Kerk altijd voor dit soort zaken als niet ter zaken doende is verklaard. Dit is o.a. een uitspraak van Mgr. Simonis in het programma Paul en Wtteman. De slachtoffers moesten altijd op de eerste plaats komen verklaarde hij.

Maar als het werkelijk om een schadevergoeding gaat is men plotseling van gedachten veranderd. Het zal wel te maken hebben met de vele slachtoffers die deze Kapelaan “en zelfs na dat bekend werd wat hij allemaal op zijn kerfstok had nog gepromoveerd werd tot Pastoor in Albergen” op zijn geweten had. Zelfs na zijn overplaatsing ging inmiddels “Pastoor” H.Boonk gewoon door met zijn ziekelijke praktijken. Zelfs nadat hij door de huishoudster in de sacristie was betrapt met zijn broek op de knieën, bezig een misdienaar te misbruiken, ging deze “Pastoor na een waarschuwing van Het Bisdom Utrecht gewoon door. Al dit soort praktijken zijn onderbouwd met verklaringen en bewijzen van slachtoffers en zelfs van de oud Vicaris Generaal van het bisdom Utrecht Mgr.Vermeulen. Dit alles is gebundeld in een dossier waar op de commissie B.A.C. haar mening op heeft gebaseerd. Echter dit is blijkbaar voor de Aartsbisschop Eijk niet voldoende, om aan te nemen dat slachtoffers er vandaag de dag nog steeds problemen mee hebben en zich tot op heden moeten laten behandelen door professionele hulpverleners en psychologen. Men blijft de gevallen van seksueel misbruik binnen de RK.Kerk maar bagatelliseren en geeft zo de slachtoffers wederom een schop na!

R.C.G.Egging.

8/10/2010 2:32:36 PM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Vooralsnog wil ik mijn excuses aanbieden aan ondermeer de Bleijerheide engelen jongens ivb met de administratie zoals die gevoerd is door ondergetekende. Op internaat werden mijn boekhoudkundige kwaliteiten al sterk in twijfel getrokken maar door de onverwachte massale media aandacht van de afgelopen maanden, de waanzinnige drukte die ontstond op de actieburelen van meaCulpa rond het misbruikschandaal in de katholieke kerk zijn enkele mails blijven liggen. Marjan Hendrickx van MCU heeft de taak op zich genomen om voortaan iedereen aan te schrijven. Nu zal iedereen die zich aangemeld heeft bij meaCulpa United een mail ontvangen met de doelstellingen die eindelijk rond zijn. De edificatie van de stichting meaCulpa United is bijna voltooid en mensen kunnen op onze steun blijven rekenen. Zaak is dat we collectief nationaal en international blijven strijden dus voor onze zuiderburen: ‘l’Eglise catholique en ces affaires d’abus sexuels sur mineurs, Le temps n'est pas infini et nous devons agir maintenant.

Voor onze Duitse lotgenoten: Die Zeit ist nicht unendlich, so dass wir jetzt handeln müssen!

De tijd om te handelen is gekomen.

8/10/2010 12:24:56 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Monday, August 09, 2010

Ondertussen is luid en duidelijk gebleken dat pastoor Vlaar niet alleen het probleem is. En dan bedoel ik niet de media die duidelijk sympathie koesteren voor de stuntende priester. We zijn langzaam wel gewend dat de pers over het algemeen weinig begrijpt van geloofszaken en de zaken het liefst versimpelt in een continue hetze tegen de Katholieke Kerk. Ik bedoel ook niet de stuitende column van prof. Smalhout in de Telegraaf van afgelopen zaterdag. Hij glijdt immers telkens uit als hij zich met interne zaken van de katholieke Kerk bezig houdt. Hij is duidelijk niet katholiek en heeft geen enkele affiniteit met het katholieke geloof. Hij doet ook geen enkele poging de bekommernis van katholieken rond een bepaald thema te begrijpen. Zo was het bij de liedkwestie waarin hij zich – volledig onbevoegd – mengde en nu ook in de kwestie Vlaar. Wij (katholieken) zouden volgens hem zuinig moeten zijn op wat hij noemt een charismatische figuur als Vlaar. Het lijkt mij er toch wel toe te doen in welke zin iemand charismatisch is. Ik wijs alleen maar even op Simon de Tovenaar uit Hand. 8. Hij was zeker zeer charismatisch maar de Bijbel spreekt niet bepaald lovend over hem. Enfin, zoals gezegd, de pers en prof. Smalhout hoeven ons niet te verontrusten. Zij zijn buitenstaanders. Aldus Pastoor Mennen uit Oss

Het charisma van pastoor Mennen ontsijgt ook deze wereld, niet van deze wereld zijn dan ook zijn verwoede pogingen om mensen te excommuniceren. Die hoort er niet bij (de homoseksuelen) zus glijdt uit (prof. Smalhout), de Vlaartjes, (een geheel dorp) en dan wie bepaalt al deze schisma’s, deze uitermate broze wolk waarop deze herder zonder schapen zetelt, juist de enige echte buitenstaander himself pastoor Mennen die canonieke wetten als enige oplossing ziet voor alle delicten en diegene die anders denken. Welkom onder de echte desporado’s, we hebben nog een aardig kerkelijk lied voor wanneer er weer gevoetbald gaat worden in de kerk…mits u samen eens naar de psych kunt gaan (neem al uw aquisieten mee en vergeet het Licht niet uit te doen voor u de deur uitgaat)

8/9/2010 10:38:55 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Het berichtje daaronder over de mijnwerkers in China, had God daar ook speciale informatie over zodat ze lekker konden stikken in die communistische mijnen?

Het moge duidelijk zijn dat sommige bisschoppen en andere burn out priesters zich onmiddelijk ter beschikking moeten stellen van een psychiator of kan de wetenschappelijke commissie Deetman hulp bieden? De scheiding tussen kerk en staat krijgt in de hersens van deze bisschop een ernstige weeffout, God als beul en tevens als wetmatigheid der dingen wanneer het een geloof niet zint wat de jeugd op de zaterdagavond doet. In Dostojevski wordt de tegenstelling tussen kerk en staat haarfijn neergezet ‘dat de kerk een rijk niet van deze wereld is'. Als zij niet van deze wereld is, dan kan ze dus helemaal niet op aarde bestaan.

Daartegen is onze heer Jezus Christus juist gekomen om de kerk op aarde te vestigen. De kerk is waarlijk een koninkrijk en gehouden om te heersen en op het laatst moet ze onbetwijfelbaar als koninkrijk op de gehele aarde verschijnen, dat is ons beloofd’, aldus vader Paisi in Dostojevski.

Het lonkend paradijs perspectief als ideaal beeld voor de mens. De transformatie van dansende tiener naar volmaakte volwassene die zijn bed niet meer uitkomt om te ademen, kan de hemel niet meer voorkomen om waarlijk te leven. Nu!

8/9/2010 8:29:39 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Sunday, August 08, 2010

Een Duitse boekhandelketen die filialen in Oostenrijk en Zwitserland blokkeerd de site van meaculpa-media.com www.bertsmeets.nl

Het is het Duitse Thalia lid van een grote boekwinkel keten dat zijn omzet 6,6 procent zag stijgen naar 820 miljoen.

MeaCulpa kwam erachter door oplettende lezeres van onze site! Hieronder haar verslag

Dag Bert,

Ik ben Corrie Wolters en woon in Almelo. Regelmatig lees ik wat je geschreven hebt - voel me betrokken, ook al merk jij dat persoonlijk niet. Mijn broer is ook misbruikt, en toen ik dat laatst een 'man van de kerk' vertelde werd die kwaad, wilde het niet weten en zei dat ik respect moest hebben. Dat heb ik ook, maar dan meer voor mezelf dan voor hem.Ik heb me dus uit laten schrijven.

De afgelopen twee weken was ik op vakantie in Duitsland. Tijdens een dagje winkelen in Paderborn liep ik een boekwinkel binnen. Het was een 'Thalia' winkel, lid van een grote keten boekhandels. Alleen weet ik niet waar ze onderdeel van uitmaken. Er stond een computer die ook door klanten gebruikt mocht worden. En hoewel ik me had voorgenomen geen binnengekomen mail na te kijken deed ik het toch. So far so good. Toen klikte ik op jouw naam. Verbazing: jouw site is geblokkeerd, en wel omdat er het woord 'Hakenkreuz' in voor schijnt te komen, komt, en 'dat kan schade toebrengen'. Ík dacht dat ik iets verkeerd gedaan moest hebben, maar het apparaat bleef het herhalen. Ik snap het niet - heb het bewuste stuk niet gelezen en kon het ook nu niet zo gauw vinden. Dat ze pornosites blokkeren kan ik me voorstellen, maar alleen al om het woord Hakenkreuz? dat zou beteken dat je er ook geen algemene informatie op kunt vinden zoals ontstaan, geschiedenis ed. En dat vind ik raar. Maar het is me op die computer niet gelukt jouw site te lezen. (Later in het hotel wel.....) Je kon een berichtje schrijven waarom je vindt dat die site wel opgeroepen moet kunnen worden, maar ja, dan moet je weten waarover het gaat. Ik heb dus een algemeen bericht achtergelaten dat jij niets hebt met hakenkruizen in de nazistische zin van het woord en ik ook niet.

Hoi Bert, Dank je voor je wel heel erg snelle reactie. Nogmaals.- het wordt geblokkeerd door boekhandelketen Thalia. Hebben ze nog steeds problemen met de Aufarbeitung? Ik kreeg zelf het misschien boze vermoeden dat Thalia iets met de rk kerk te maken zou kunnen hebben, maar kan dat absoluut verder niet aantonen. Ik heb hun theologische afdeling bekeken, daar kwam Küng in voor, alsook boeken van Drewermann voor zover die langer geleden geschreven zijn. Maar op de site van Thalia zelf heb ik niets kunnen vinden. Ze willen wel de grootste keten van Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland worden en hebben flink wat filialen. In het hotel, dat was Jägerhof in Willebadessen, zo'n 25 km van Paderborn, kon ik dus jouw site wel vinden.

MeaCulpa wil vermelden dat we op Zaterdag 3 Juli berichten over ‘heim unterm Hakenkreuz’. We publiceerden een stuk opgestuurd door onze Duitse lotgenoten die onderzoek doen naar het katholieke Duitse verleden betreffende weeskinderen in de tijd van het nationaal-socialisme. Hieronder volgt de tekst zoals wij die geplaatst hebben.

Heime unterm Hakenkreuz! Geschrieben von pethens Montag, 28. Juni 2010 Eine kaum geleistete Aufarbeitung betrifft die Kinder- und Fürsorgeheime zur Zeit des Nationalsozialismus. Vieles ist hier im Dunkeln. Oft wird der Eindruck erweckt, als habe der Nationalsozialismus die Reformbestrebungen der Weimarer Zeit abgewürgt, habe die Erziehungsmethoden verschärft und sie mit rassistischem und nationalem Gedankengut angereichert. Das dieses Bild so nicht stimmt, ergibt sich allein schon aus dem Umstand, daß die Heimerziehung in Deutschland weitgehend in kirchlichen Händen blieb. Zwar wurde "ab 1933 die Forderung 'Entkonfessionalisierung der Heimerziehung'" erhoben, doch hatte sie für die Zusammenarbeit zwischen dem NS-Staat und den kirchlichen Heimträgern kaum Auswirkungen. Der Staat und die Nationalsozialisten hatten weder das Personal noch die Einrichtungen, um eigene Vorstellungen in der Erziehung von Heimzöglingen in größerem Stil umzusetzen. Wo sie es versuchten, mußten sie mangelst "nationalsozialistisch geschultem Personal" auf Kräfte der kirchlichen

Einrichtungen zurückgreifen. Der Einfluß der Nationalsozialisten, so scheint es, bezog sich vor allem auf die Heimaufsicht und die Umsetzung rassistischer und erbbiologischer Vorgaben.

Blijft de vraag, interessant of deze zelfde organisatie die ons documenten opsturen (http://www.top-medien-berlin.de/content/view/827/1/) ook geboycot wordt door Thalia. We eindigen dan ook met een citaat op hun eigen site

»Wer aufhört, besser zu werden,
hat aufgehört, gut zu sein.«
Eduard Mörike

8/8/2010 1:45:43 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Saturday, August 07, 2010

Voor homoseksuelen is geen plaats in seminaries en religieuze orden. En wie homoseksuele handelingen bedrijft, diepgewortelde homoseksuele neigingen heeft of de zogeheten homocultuur aanprijst, is bij voorbaat uitgesloten van het priesterambt. Dat is de kern van een negen pagina's lange Richtlijn van de Vaticaanse Congregatie voor de Katholieke Scholing, die het Vaticaanse dagblad Osservatore Romano heeft gepubliceerd. Het Vaticaan sluit daarmee definitief de deur voor elke dialoog met geestelijken die openlijk uit willen komen voor hun homofiele neigingen.

De paus voegde de belofte toe “al het mogelijke te doen om te verzekeren dat zulk misbruik nooit meer voorkomt”. Bij het toelaten van mannen tot het priesterschap en het toezicht op hun vorming “zullen wij alles doen wat wij kunnen om de authenticiteit van hun roeping te wegen, en iedere inspanning doen om priesters op hun reis te begeleiden, zodat de Heer hen beschermt en op hen let in zorgelijke situaties en te midden van de gevaren van het leven”.

Roggel krijgt jongste pastoor van bisdom

Met de komst van Ralf Schwillens (34) krijgen de parochies van Roggel, Neer en Heibloem de jongste pastoor van het bisdom Roermond.

Dat bevestigt een woordvoerder van het bisdom Roermond. Schwillens is momenteel kapelaan in Horst. Hij wordt zondag 26 september in Roggel geinstalleerd tot pastoor.

8/7/2010 9:10:41 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

Onderzoek Erasmus Universiteit

De Erasmus Universiteit verzoekt slachtoffer van misbruik te reageren voor hun onderzoek.

De Erasmus Universiteit Rotterdam doet een onderzoek naar slachtoffers van seksueel misbruik in de kindertijd. In dit onderzoek krijgen mensen vragenlijsten voorgelegd en een kort gesprekje, waar ze 30 euro voor krijgen. Het duurt ongeveer 2 uur en wordt op de universiteit vertrouwelijk afgenomen.

Met de resultaten hopen ze preventief te kunnen ingrijpen en therapieen te kunnen verbeteren. Men zoekt nog mensen, die het misbruik na lange tijd vergeten te zijn, weer herinneren. De mensen die al mee deden vonden het niet erg emotioneel belastend. U kunt dus zeker de, helaas, toekomstige slachtoffers met dit onderzoek helpen.

U kunt hen bereiken op het telefoon 010-4088791 of e-mailen naar: erasmusuniversiteitonderzoek@gmail.com

Onderzoek Universiteit Gent

Onderzoek Universiteit Gent naar misbruik jongens. Caroline Smets, universiteitsstudent criminologie doet een onderzoek naar seksueel misbruik van jongens. Zij heeft een vragenlijst opgesteld die speciaal bedoeld is voor jongens en mannen die voor hun 16e seksueel misbruikt zijn.

Door het invullen en deze vragenlijst hoopt zij meer informatie te verzamelen wat kan leiden tot een beter beeld over mannelijke slachtoffers en seksueel misbruik. De vragenlijst is uiteraard volledig anoniem in te vullen.

http://spreadsheets.google.com/viewform?formkey=dHRLcjRiT2xuVTg1LXZkZ0RfQ0VSamc6MA

.

8/7/2010 8:33:14 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback

DO NOT GO GENTLE INTO THAT GOOD NIGHT

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rave at close of day; Rage, rage against the dying of the light.

Though wise men at their end know dark is right,

Because their words had forked no lightning they

Do not go gentle into that good night.

Good men, the last wave by, crying how bright

Their frail deeds might have danced in a green bay,

Rage, rage against the dying of the light.

Wild men who caught and sang the sun in flight,

And learn, too late, they grieved it on its way,

Do not go gentle into that good night.

Grave men, near death, who see with blinding sight

Blind eyes could blaze like meteors and be gay,

Rage, rage against the dying of the light.

And you, my father, there on the sad height,

Curse, bless me now with your fierce tears, I pray.

Do not go gentle into that good night.

Rage, rage against the dying of the light.

Dylan Thomas

8/7/2010 12:10:19 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
MENSENRECHTEN

De grootste schending van mensenrechten geschiedt t.o.v kinderen.

Wereldwijd is er een chronisch gebrek aan gegevens over geweld tegen kinderen. Naar schatting zijn 275 miljoen kinderen getuige van huishoudelijk geweld. Op een totaal van 218 miljoen tewerkgestelde kinderen werken er 126 miljoen in gevaarlijke omstandigheden. In de prostitutie en de pornografie zijn naar schatting 1,5 miljoen kinderen werkzaam. 

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie zijn er tussen de 100 en 140 miljoen vrouwen en meisjes slachtoffer van genitale verminking en in 2002 zouden ongeveer 53.000 kinderen tussen 0 en 17 jaar zijn vermoord. Jongens lopen blijkbaar een groter risico om het slachtoffer te worden van fysiek geweld. Meisjes zijn vaker het slachtoffer van seksuele agressie, verwaarlozing en verplichting tot prostitutie. 

In landen met een lager gemiddeld inkomen lopen kinderen twee keer meer risico om te worden vermoord dan in landen met een hoog inkomen. Maatschappelijk kwetsbare groepen zoals kinderen met een handicap, etnische minderheden, straatkinderen en kinderen op de vlucht lopen een verhoogd risico op geweld. 


8/7/2010 12:06:08 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Friday, August 06, 2010

Bo was een van de uitverkorenen, een misdienaar, een rol die hij toegedicht kreeg omdat hij immers op internaat had gezeten. Al die jaren hadden van hem immers de perfecte misdienaar gemaakt. Bo was allerminst gelukkig in zijn superplie dat altijd veel te groot zat. Die hele duffe identificatie met de priester en zijn kerk of je een immense askist open maakte dat stonk naar hel en onverwerkt priesterzweet. Je moest uitkijken voor al die kut trappen rond het altaar waar de kapelaan ’s ochtends om half acht afdaalde en opklom met zijn eerste glaasje wijn achter zijn kiezen.

‘Waar kijken we naar’, vroeg Bo zich menigmaal af. ‘Dan komt de ene idioot met een wit doekje en geeft die aan zo’n andere malloot, die het doekje openvouwt en neerlegt, vervolgens een kelk op schuift, zich omdraait om de kelk omhoog te tillen en wederom een slok neemt’? Het liefst had hij de kapelaan de hele fles gebracht. ‘Hier zuipen’, had hij luid willen roepen door de kerk. ‘God doet wel of hij niets ziet’? Bo keek schichtig en zenuwachtig door de kerk die halfvol zat met aan de linkerkant de meisjes. Brave katholieke meisjes brachten Bo altijd aan het blozen gelijk iedere rechtgeaarde puber met teveel fantasie. Geen grotere erotiek dan een sluimerende kerkfantasie waar je ongebreideld je lusten kunt projecteren tussen jonge meisjes benen waar bijbel en handen elkaar krampachtig vasthielden. Van teveel wierook viel Bo flauw, dan werd hij door een kerkganger de pastorie in gedragen en met koek en thee opgekalefaterd. Voor een bespreking over de Beatmis zouden de betreffende misdienaars waaronder Jesse Hansson en Bo elkaar treffen bij de kapelaan wiens huis precies in het midden op een berg stond, de Kerkberg. Ieder moment leek het of zijn huis van de berg af kon glijden incluis zijn huishoudster met de tien geboden. Als je langs het huis liep, had je niet het idee dat er iemand woonde. Met de gordijnen dicht ademde het huis een naargeestige sfeer uit en eenmaal in het huis voelde je de dode geest van eeuwenlange opsluiting. In dat huis werden alle opties besproken van de beatmis en Bo kreeg zijn eerste, gelukzalige opdracht om een geheel eigen versie van het Onze Vader muzikaal te bewerken. Bo vroeg zich af of hij deze belofte ook wel waar kon maken, maar trots op deze Goddelijke opdracht praatte hij zichzelf moed in. ‘Ik als enige singer-songwriter in het dorp zal het onze Vader bewerken! En hoe!’ De volgende week zou de beatmisgroep elkaar, ‘same time, same place’, in het dodenhuis van de kapelaan treffen.

Bo stapte ongeduldig op de Kerkberg het desolate huis van de kapelaan binnen en legde zijn gitaar op tafel. Jesse en de andere misdienaars namen nederig plaats en hielden koffie met koek binnen handbereik. Er werden verschillende zaken rustig, haast gedwee uitgepraat daar de kapelaan al die vernieuwing met zichtbare moeite op zijn schouder nam en zo lang mogelijk probeerde uit te stellen. “Oh, we vergeten Bo bijna met zijn lied”, sprak Jesse na een uur praten over katholieke gebruiken die gerespecteerd dienden te worden ook tijdens een beatmis! Kapelaan Huhnen draaide zich moeizaam naar Bo, ‘ook dat nog’, scheen hij te zeggen. Bo pakte zenuwachtig zijn gitaar, eindelijk kon hij zijn lied ten gehore brengen. Jesse nam nog een hap van een koek en de anderen blikten vrolijk in het rond, omdat in een beatmis een beatlied absoluut niet mocht ontbreken. Hij plaatste zijn vingers een voor een op de desbetreffende posities van zijn gitaar. Het was muisstil en je hoorde de schoenen kraken van de kapelaan die onrustig heen en weer schoven. Bo’s hoofd boog zich in een ruk naar voren tegen de klankkast met nauwelijks ruimte voor zijn handen die snaar en hout beroerden zonder onderscheid des persoons. Hij hing voorover zoals een prooi zijn jager in de ogen ziet. “Onze Vader”, schreeuwde Bo plotseling. “Onze Vader die in de hemelen zij” stootte hij uit als een uitbraak van dolgedraaide psychiatrische patiënten die jarenlang vastgeklemd in een dwangbuis zaten en eindelijk bevrijd hun cel konden verlaten. Binnen een halve minuut was het lied afgelopen, 33 seconden precies! Na het slotakkoord hoorde je Bo hevig naar adem snakken. Het was een hectische pre-punk uitvoering met veel hoekige zijslagen op het hout van de gitaar. Tijd om op je knieën te vallen of om Gods genade te smeken was er niet bij zo abrupt eindigde het lied. Jesse observeerde onzeker naar kapelaan Huhnen, voorbereid op een pijnlijke opmerking die voorspeld had dat al die vernieuwingen desastreus waren. ‘Voila’, drukte het geschokte gezicht van de kapelaan uit. Niemand zei iets. Het was muisstil nadat Bo het laatste akkoord gespeeld had en iedereen, behalve Bo zelf, realiseerde zich dat dit niet kon. Bo oogde als een geil shi-tzu kefhondje dat lekker in zijn mandje had gepoept terwijl op dat moment de Kapelaan werd geroepen door zijn huishoudster. Toen de kapelaan na enkele minuten terug kwam, ging hij vastberaden voor de beatmisgroep staan. ”Het spijt me, maar ik moet onmiddellijk weg voor stervensbegeleiding”. Als echte misdienaars stonden ze gelijk op en liepen gehoorzaam achter elkaar het trapje af naar buiten. Bo draaide zich om en zei tegen Jesse; “Ik ben opgelucht dat ik het eruit heb gegooid”. 'Ja, het leek op een duel tussen de duivel en onze Vader', spotte Jesse. 'Als God eenzijdig de geest opeist, kaapt de duivel het lichaam', aldus sprak Bo.

8/6/2010 12:52:43 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Thursday, August 05, 2010

Misdienaar


Alleen ik weet nog wie je toen was,
 Blonde jongen, kleine misdienaar
 Met de blauwe ogen, zes jaar oud.


De handen gevouwen, het hoofd 
Gebogen. In zwarte toog en witte Superplie knielde je op de onderste


Altaartrede. Rinkelde met de bel.
Loofde in helder Latijn de Moeder
Gods. Bekende schuld. Sprak Credo.

Of alles Zeepwaardig Zonlicht was,
 Slikte jij met afgrijzen een in bloed
 Gedrenkt lichaam door de keel, dat


 Daarvoor als witte uitslag op de tong
Plakte. Elke hostie was sterven in
Dromen van vuur en hellebrand:


Blonde jongen, kleine misdienaar.
 Met bejaarde ogen, de handen niet
Gevouwen, kijk ik naar je terug.

Eet het gedesemd brood, lik de 
Miswijn van je vingers en vrees 
Niet meer. Je bent nog altijd zo


Nabij, dat ik soms het zout van 
Jongenstranen proef. Je blik 
Herken en jaren zich hechten.

gedicht Hans van de Waarsenburg

Erotische licht signalen onzichtbare wolk

Seinen vanuit een heel andere kant, de nergens naar toe overkant

zwijgzaam vroeg ze hoe eenzaam de nachten zijn..

Antwoord

Eenzaamheid bestaat niet voor degene die de dag ziet

Of je aangeraakt wordt

De eenzame wordt door alles aangeraakt

Vraag een hongerige naar hoe het is om te eten

Hij zal antwoorden

Ik heb geen trek

De buiken zullen het nooit weten

Ruiken aan iedere boom, juichen om de kers

Doch de geur van de wortels herkennen ze niet

De signalen ieder uur, door vlam en ogen speels vuur

‘Er zit een ster op het plafon’

Met jouw naast me zie ik alles

Vraag de blinde om de weg

Hij zal u tot inkeer brengen

Vraag de dode om een lijf

Hij zal antwoorden

Ik wil niet aangeraakt worden

Vraag de geest om een gedachte

Hij zal antwoorden

Het kan niet uitgesproken worden

Vraag de ziel om een antwoord

Het is stil

Bert Smeets

8/5/2010 12:05:36 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Wednesday, August 04, 2010

De omstandigheden in het pastoraat zijn zwaar: mensen verwachten veel van de pastor, het werk is versnipperd en (te) veel, het afnemend aantal gelovigen werkt ontmoedigend, fusies geven onrust, kerkelijke regels leiden tot spanningen enz.

Assertiviteit heeft te maken met goed omgaan met jezelf én met de ander (heb uw naaste lief gelijk u zelve). Dat dit een belangrijke vaardigheid is om burnout te voorkomen, komt uit diverse onderzoeken naar voren, zegt Dr. Anke Bisschops Zo constateert Hall (1997) dat het vermogen om in interpersoonlijke contacten overeind te blijven een centrale factor vormt bij het voorkomen van burnout. En Bijl (1997) ontdekte dat de kern bij burnout bestaat uit het ontbreken van contact met de eigen behoeften en verlangens.

Simonis en conrector Lemmens

Maar de Bisschop, kende ik niet toen ik 19 was. Voor hem was geloof zó vanzelfsprekend. Ik herinner zijn zin nog: "Als God uit stenen kinderen van Abraham kan maken, waarom zou hij dan geen roepingen kunnen wekken?" Maar indruk maakte hij niet op me, want ik snapte een heleboel zaken niet! Ik had net een paar voorzichtige stappen richting seksualiteit gezet, maar dat stelde niets voor als ik een half jaar eerder was geweest, had de spirituaal met een maagd te maken gehad. En zeker in het meer directe contact met een vrouw heeft dat tot ver in de dertig geduurd. Maar hij heeft daarover problemen zitten maken! Zelfs de onbetrouwbare Lemmens , conrector van Rolduc, verantwoordelijke voor de studenten van Rotterdam, werd ingeschakeld. Hij had nota bene seksueel contact gehad met studenten, en kwam speciaal op kamerinspectie want de Bisschop sprak en dacht zó intens zwaarmoedig over het celibaat! Voor mij was het "vrijzijn voor" die intense gave, om beschikbaar te zijn. Ik kreeg een artikel van een voormalige Bisschop van Breda, Mgr. de Vet (1917-1967), mee, en ik snapte er niets van. Ik had het toch meerdere keren gelezen! En de Bisschop had nota bene gezegd, dat "het artikel nog steeds actueel was!" Rondom het celibaat had ik in die periode veel beter kunnen worden begeleid. De Bisschop óók........dit was geen goede les!

8/4/2010 12:27:40 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback
 Tuesday, August 03, 2010

St. Augustinus heeft er op gewezen dat wij er alleen door de apostolische overlevering zeker van zijn, dat pasgeboren kinderen moeten worden gedoopt (Over het doopsel, tegen de Donatisten, IV; 23; geschreven in 400 en dit ondanks Rom. 10, 10. Wat verderop zegt hij in hetzelfde werk:

"Er zijn vele dingen die de hele Kerk aanvaardt en waarvan men daarom gelooft dat zij door de apostelen zijn voorgeschreven, ofschoon men ze niet geschreven vindt" (IV; 24). In commentaren van Vaders en Kerkleraars op 2 Thess. 2, 15, kan men hetzelfde vinden. Zo zegt Joannes Chrysostomus (354-407) bij deze plaats:

"Vandaar is het duidelijk dat zij (de apostelen) niet alles per brief hebben overgeleverd, maar veel zonder geschrift en ook dat is geloofwaardig. Zo houden wij de overlevering der Kerk voor geloofwaardig; overlevering is het, wil niet verder vragen."

8/3/2010 12:17:55 AM (GMT Daylight Time, UTC+01:00)  #    Disclaimer  |  Comments [0]  |  Trackback