Authentiek

LP achterzijde oog blogDen Haag, 4 oktober 2013

Aan de voorzitter van de Bisschoppenconferentie

Aan de voorzitter van de Konferentie Nederlandse Religieuzen

Geachte voorzitters,

Op 11 maart jl heb ik u voorgesteld een regeling te treffen voor de behandeling van klachten over geweld tegen minderjarigen. U heeft mij gevraagd een dergelijke regeling aan u voor te leggen. Hierbij ontvangt u mijn voorstel.

Reikwijdte van de regeling

De regeling heeft betrekking op alle melders (vrouwen én mannen) over – fysiek en psychisch – geweld die zich bij het Meldpunt Seksueel Misbruik Rooms-Katholieke Kerk en/of de heer Deetman hebben gemeld. Op 30 november 2013 wordt door de commissie die met de uitvoering van deze regeling wordt belast, een lijst van melders vastgesteld met het oog op de behandeling van de meldingen en de afronding daarvan.

In mijn tweede onderzoeksrapport heb ik aangegeven dat anders dan bij seksueel misbruik geen definitie van geweld voorhanden is. Voor zover een omschrijving van verschillende vormen van geweld mogelijk is, moet een dergelijke omschrijving worden gezien tegen de achtergrond van de veranderde opvattingen over de maatschappelijke acceptatie van sommige vormen van geweld. Dit betekent dat de regeling die ik aan u voorleg uitgaat van de authenticiteit van de meldingen. Met andere woorden, van een bewijslast is geen sprake.

Separaat ontvangt u een opgave van het aantal meldingen dat bij mij en bij het Meldpunt bekend is. Tevens wordt daaraan een conceptbegroting toegevoegd.

Uitvoering van de regeling

Ik stel voor dat de regeling op een onafhankelijke wijze wordt uitgevoerd. Met de uitvoering wordt een commissie belast die bestaat uit mr. P. (Pieter) Kalbfleisch, mr. G.A.M. (Wiel) Stevens, dr. R.L.N. (René) Westra. Als secretaris van de commissie treedt dr. H.P.M. (Bert) Kreemers op. De commissie wordt in voldoende mate ondersteund. Naar mijn mening is met deze samenstelling en ondersteuning het onafhankelijke functioneren van de commissie gewaarborgd.

De commissie verantwoordt zich uiterlijk 31 januari 2014 over haar werkzaamheden. Ik stel voor dat de commissie op 15 oktober met haar werkzaamheden begint.

Erkenning en genoegdoening

Het doel van de regeling is het geven van erkenning en genoegdoening aan degenen die als minderjarige fysiek en/of psychisch geweld hebben ondervonden en daarvan nog steeds de gevolgen dragen. Omdat het daarmee aangedane leed niet meer ongedaan kan worden gemaakt stel ik voor dat naast het uitspreken van spijt en het aanbieden van excuses ook een financiële tegemoetkoming wordt vastgesteld. In bijgevoegde regeling treft u hiervan een nadere uitwerking. Ik stel voor dat de Stichting CAOP zorgt voor het beheer en de uitvoering van deze tegemoetkoming. De Stichting CAOP zal uiterlijk 28 februari 2014 een financiële verantwoording opstellen.

Met vriendelijke groeten,

drs. W.J. Deetman

Regeling Hulp, erkenning en genoegdoening voor geweld tegen minderjarigen in de Rooms-Katholieke Kerk. 

1.            Inleiding

Regeling Hulp, erkenning en genoegdoening voor geweld tegen minderjarigen in de Rooms-Katholieke Kerk. 

Het op 11 maart 2013 verschenen rapport van de heer Deetman over seksueel misbruik en geweld onder meisjes in de Rooms-Katholieke Kerk bevat de aanbeveling een regeling te treffen voor de behandeling van geweldsklachten.

De regeling heeft betrekking op alle melders (vrouwen én mannen) over – fysiek en psychisch – geweld die zich bij het Meldpunt Seksueel Misbruik Rooms-Katholieke Kerk en/of de heer Deetman hebben gemeld.

Een onafhankelijke commissie voert deze regeling uit.

Deze regeling voorziet in het aanbieden van hulp, het erkennen van het aangedane leed en het bieden van genoegdoening in de vorm van een spijtbetuiging en excuses alsmede het vaststellen van een financiële tegemoetkoming.

2.            Omschrijving

  • Melding

De commissie maakt geen onderscheid tussen meldingen en klachten.

De commissie neemt in beschouwing:

–       klachten over geweld, ook al zijn die bij de Klachtencommissie van de Stichting Beheer & Toezicht en/of de Beoordelings- en Adviescommissie van Hulp & Recht niet ontvankelijk verklaard;

–       meldingen over ondervonden geweld bij andere instanties voor zover de melder aannemelijk kan maken dat deze meldingen daadwerkelijk zijn gedaan. Te denken valt hierbij aan meldingen bij Hulp & Recht in 2010 en 2011.

De commissie laat meldingen buiten beschouwing die:

–       reeds in de klacht- en mediationprocedures bij de Stichting Beheer & Toezicht of elders in behandeling zijn of zijn geweest ook als dat toen alleen ging over seksueel misbruik;

–       reeds in een civiele procedure in behandeling zijn of zijn geweest.

De commissie laat meldingen namens overleden slachtoffers buiten beschouwing. De behandeling van meldingen van melders die gedurende de procedure overlijden kan door de erfgenamen worden voortgezet.

  • Fysiek geweld

Fysiek geweld kan als volgt worden omschreven: het op een gewelddadige lichamelijke manier benaderd worden. Hierbij kan worden gedacht aan de volgende handelingen: ‘schoppen, slaan met de handen of een voorwerp of andere vormen van lichamelijke mishandeling, zoals opgesloten worden, voedsel hardhandig naar binnen geduwd krijgen, geen eten krijgen of braaksel moeten opeten en (langdurig) in de kou op een koude vloer moeten staan of  in een koud bad moeten zitten’.

  • Psychisch geweld

Psychisch geweld kan als volgt worden omschreven: het op een intimiderende manier benaderd worden. Hierbij kan worden gedacht aan handelingen als ‘uitschelden, vernederen, onterecht straffen, achterstellen bij andere kinderen en chantage, bangmakerijen en dreigementen met het geloof, moeten leven in een kille, angstige en dreigende sfeer vol pesterijen waarin weinig warmte en genegenheid werd geboden, kinderen weinig privacy hadden en contact met vrienden of ouders werd afgehouden.

Van bovenstaande vormen van fysiek en psychisch geweld dient het bovenmatig karakter aannemelijk te zijn in die zin dat:

–       het geweld ook voor de opvoedingscriteria en voor de straf- en tuchtnormen van de tijd waarin het plaatsvond als onacceptabel moet worden beschouwd;

–       het geweld niet bedoeld was om op te voeden of te corrigeren, maar om het kind leed toe te brengen;

–       het slachtoffer tot op de huidige dag fysiek en/of psychisch hinder van het geweld ervaart.

3.            Beoordelingscriteria

De commissie beoordeelt de melding op authenticiteit en stelt een financiële tegemoetkoming vast. De hoogte hiervan wordt vastgesteld aan de hand van de volgende criteria:

1)    Toetsing van de melding aan de hierboven genoemde omschrijvingen van fysiek en psychisch geweld.

2)    Het eenmalig of meermalig en/of langdurig toepassen van één of meerdere vormen van (excessief) fysiek en/of psychisch geweld door één of meer plegers.

In deze regeling gaat het niet om het aanvoeren van bewijslast. De commissie beperkt zich tot het vaststellen van de authenticiteit van de melding.

Melders waarvan wordt vastgesteld dat het ondergane zich hoogstwaarschijnlijk in de beschreven mate heeft voorgedaan, ontvangen een vaststelling van de authenticiteit van hun melding en een op naam gestelde brief van de voorzitter van de Contactgroep waarin namens de Bisschoppenconferentie en de Konferentie Nederlandse Religieuzen spijt wordt betuigd en excuses worden aangeboden. De commissie stelt tevens de hoogte van de financiële tegemoetkoming vast.

Melders waarvan de authenticiteit van hun melding op basis van de inhoud van hun melding nog niet kan worden vastgesteld krijgen een uitnodiging voor het beschikbaar stellen van aanvullende informatie die zij al dan niet in een gesprek met de commissie naar voren kunnen brengen. Dit gesprek heeft naast het vaststellen van de authenticiteit en de financiële tegemoetkoming vooral tot doel erkenning te bieden en heling te bevorderen. Van het gesprek dat vertrouwelijk is wordt een verslag gemaakt. De melder heeft de gelegenheid het conceptverslag aan te vullen en te verbeteren.

In elk geval krijgen melders een aanbod voor hulp en informatie over organisaties die hulp en ondersteuning kunnen bieden.

4.            Financieel protocol

De commissie  besluit over de hoogte van de financiële tegemoetkoming. De hoogte van de uit te keren financiële genoegdoening is gebaseerd op een aantal factoren, zoals deze in het onderzoeksrapport wordt vermeld (blz.229): de frequentie van het geweld, de duur van het geweld, het aantal plegers en de combinatie van vormen van geweld.

Bij de vaststelling van de hoogte van de financiële tegemoetkoming hanteert de commissie de volgende bedragen als uitgangspunt: 1500 euro, 2500 euro, 5000 euro. De commissie kan in uitzonderlijke gevallen mediators inschakelen.

5.            Informatie aan de melder

Elke melder zal per brief worden geïnformeerd. Bij de brief wordt een kopie van deze regeling gevoegd. De melder ontvangt ook informatie hoe en waar de melder gebruik kan maken van hulp.

6.            Te nemen stappen

Meldingen van geweld zijn binnengekomen via het Meldpunt of bij de heer Deetman. Meldingen dienen altijd op zorgvuldige wijze in behandeling te worden genomen en blijven vertrouwelijk. Hierbij wordt gestreefd naar een zo effectief mogelijke afhandeling, om langdurige procedures te vermijden en daarmee zo veel als mogelijk extra emotionele belasting bij melders te voorkomen.

De volgende stappen worden hierbij doorlopen:

  • De meldingen worden vergeleken om dubbelingen te voorkomen. Melders ontvangen een bericht waarin de authenticiteit van de melding wordt vastgesteld en waarin de mogelijkheid van financiële tegemoetkoming wordt geboden. In deze gevallen vindt geen gesprek plaats, tenzij zich hiervoor op andere wijze de noodzaak voordoet. Waar de vaststelling van de authenticiteit nog niet mogelijk is, ontvangt de melder wel een uitnodiging voor het verstrekken van aanvullende informatie en eventueel een gesprek met de commissie op verschillende locaties in Nederland.
  • Gesprekken worden ingepland en gevoerd.
  • Van elk te voeren gesprek wordt een gespreksverslag gemaakt.
  • De melder wordt de gelegenheid geboden tot het aanbrengen van verbeteringen en aanvullingen in het verslag.
  • Aan de hand van het verslag besluit de commissie over de authenticiteit van de melding. Als dit besluit positief is stuurt de commissie  de melder een bericht waarin de authenticiteit wordt bevestigd, een aanbod voor financiële genoegdoening wordt gedaan en de voorzitter van de Contactgroep een schriftelijke spijtbetuiging met excuses aanbiedt.
  • er wordt uitgegaan van finale kwijting.

7.             Tijdschema

Deze regeling start zo spoedig mogelijk (15 oktober 2013) en is uitgevoerd op uiterlijk 1 januari 2014. De secretaris van de commissie draagt zorg voor de opstelling van een verslag van de werkzaamheden dat uiterlijk 31 januari 2014 aan de Bisschoppenconferentie en aan de Konferentie Nederlandse Religieuzen wordt aangeboden. De Stichting CAOP draagt zorgt voor een financiële verantwoording die uiterlijk 28 februari 2014 wordt aangeboden aan de Bisschoppenconferentie en aan de Konferentie Nederlandse Religieuzen. De commissie wordt ontbonden nadat zij haar verslag aan de Bischoppenconferentie en aan de Konferentie Nederlandse Religieuzen heeft aangeboden.

8.             Benaming

Om verwarring met bestaande procedures te voorkomen is gekozen voor de volgende benaming: Hulp, erkenning en genoegdoening voor geweld tegen minderjarigen in de Rooms-Katholieke Kerk.

9.              Afstemming met en terugkoppeling naar organisaties van lotgenotengroepen

De commissie hecht groot belang aan afstemming met en terugkoppeling naar organisaties van lotgenoten, zoals in alfabetische volgorde KLOKK, Mea Culpa en VPKK. De commissie stelt suggesties en adviezen die haar functioneren verbeteren op prijs. De commissie belast haar secretaris met het periodiek bijeenroepen van een overleg met deze organisaties.

10.             Toezicht

De heer Deetman zal toezien op de uitvoering van deze regeling. In zijn komende  monitorrapportage zal hij rapporteren over de wijze waarop deze regeling is uitgevoerd.