Pastoor Jan S. op non-actief

PERSBERICHT

Afgelopen weken heeft stichting Mea Culpa de druk opgevoerd om duidelijkheid te krijgen over de door Deetman / Bandell ingevoerde procedures om van seksueel misbruik beschuldigde geestelijken op non-actief te stellen.

Al ruim acht maanden geleden zijn beschuldigingen bekend bij Deetman (25 mei, Lange Voorhout notulen Den Haag), en bij meldpunt RKK, over pastoor Jan S, Koepelkerk te Maastricht. Ook in het Engelen dossier, Bleijerheide Franciscanen internaat staan sinds 2010 de canonieke namen van personen die kinderen seksueel dan wel fysiek / psychisch hebben misbruikt. Nergens konden wij recht halen, wie geloofde ons, daar de pastoor in kwestie veelal in de media heeft herhaald van ‘niets te weten’. Door hem op non-actief te stellen is geen kwestie van voortvarend beleid geweest van bisdom Roermond, noch van aartsbisschop Wim Eijk, maar van onvermoeibaar aandringen van MCU leden, de Engelen jongens.

Wij ervaren de doofpot affaire, zowel voor als na het verschijnen van het Deetman rapport, als een mogelijke weg naar waarheid en recht. Niet alleen via de door de kerk zelf ingestelde procedures, het zou van moed getuigen om geen dubbele agenda’s te creëren, en een helder beleid te voeren ten opzichte van strafbare feiten, de 10.000 tot 20.000 kinderen die misbruik binnen de RKK muren hebben meegemaakt.