Stop it Now is schijnbeweging

 

foto Ramon Smeets

Het aantal meldingen van online kinderporno en -misbruik bij de politie is fors gestegen: van ongeveer 3000 in 2014 naar bijna 18.000 vorig jaar.

Dat blijkt uit cijfers (pdf) die minister Ferd Grapperhaus naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Grapperhaus wil vanwege de stijging van het aantal meldingen de aanpak verbeteren. Zo moet er meer worden gedaan aan preventie. Het gaat dan bijvoorbeeld om voorlichting om de ”seksuele weerbaarheid van jongeren” te verbeteren.

Grapperhaus wil ook het project ‘Stop it Now!’ van het Expertisebureau Online Kindermisbruik versterken zodat meer downloaders van kinderporno bij de hulpverlening terechtkomen.

Volgens de minister is door de groei van het aantal meldingen bij de politie het risico gegroeid dat ”belangrijke zaken en dus slachtoffers worden gemist”. De politie gaat volgens hem bekijken wat nodig is om goed te kunnen blijven bepalen welke zaken in aanmerking komen voor opsporingsonderzoek.

Als Grapperhaus het zo graag wil stoppen dan laat de klacht die wij in 2014 hebben ingediend als MCU bij politie Heerlen om artikel 12 procedure op te starten onmiddellijk ingaan…NOW.

Vaticaan mag als pedo hoofdstad ook eens ernst nemen met openbaring kindermisbruik. (zie https://www.bertsmeets.nl/paus-nicht-gewusst-slangenkuil-vaticaan/).

Circus Den Haag legt haar prioriteiten en focus niet op elite / Rome / Vaticaan maffia.

Huilen niet toegestaan

beer Jo verdrietig en moe samen met Laura

Commissie jeugdzorg Micha de Winter

(vervolg: Huilen niet toegestaan).

Hier het tweede deel verschrikkelijke verhalen over hoe kinderen werden mishandelt tijdens de Tweede wereld oorlog met de kanttekening dat het daarna niet veel beter werd. Het waren immers niet de bezetters die deze kinderen mishandelden maar Nederlandse nonnen in instellingen, meestal van katholieke huize.

Rita was zo’n kind. Ze komt uit een Amsterdams gezin met drie kinderen. Rita is geboren in 1940 broertje 5 jaar en zusje 3.5 jaar. Moeder is half joods en vader draagt een kostuum, nee niet met carnaval een heus SS uniform met de daarbij horende ‘Befehlskultur’.

Omdat de moeder moest werken brengen de kinderen veel tijd op straat door, dan wordt de ‘kinderbescherming’, ingeschakeld en Rita , zus en broer worden uit huis geplaatst of beter een razzia door de Nederlandse staat met een rechter die de moeder ontzet uit de ouderlijke macht.

Rita komt terecht in een tehuis in de buurt van Utrecht alles moest daar gezamenlijk en volgens vaste regels. De Befehlskultur kende ook in dit soort tehuizen hoge prioriteit.

Bunde franciscanessen / sadisten

Gestraft werd er, opsluiten in een kast of in het donker. Het mag geen verrassing zijn maar Rita bleef nog heel lang bang in het donker, maaltijden een droge boterham met glaasje water en huilen werd niet toegestaan. De bomen luisterden mee, volgens de nonnen want wat er binnenshuis gebeurde mocht niemand weten. Vies ondergoed moest je soms op je hoofd dragen als je in je bed had geplast (wat niet zo bijzonder was want je mocht niet meer naar het toilet als je  te laat kwam). Wie overgeeft moet zijn eigen braaksel opeten, iets wat ik later in Bunde bij de Franciscanessen ook heb meegemaakt een overblijfsel uit de oorlog blijkbaar; de cultuur bleef nagenoeg onveranderd: ‘je werd nooit getroost, er werd nooit een arm om je heen geslagen en er werd niets uitgelegd’. Het waren geen mannen maar vrouwen die de bevelen naar je toe schreeuwden soms noemden ze je bij je nummer met een alles overheersend gevoel….angst.

morgen (Liefde stond niet op het programma).

De paus heeft het ‘nicht gewusst’ in slangenkuil Vaticaan

Een brief uit 2015, in handen van het Amerikaanse persbureau Associated Press, brengt paus Franciscus ernstig in verlegenheid. Hij weerspreekt namelijk alles wat de kerkvader onlangs heeft beweerd over misbruik door katholieke geestelijken.

De paus had vorige maand tijdens een reis naar Latijns-Amerika de Chileense bisschop Barros verdedigd tegen aantijgingen dat hij pedofilieschandalen van geestelijken in de doofpot had gestopt. De paus noemde het laster en zei dat er geen bewijzen tegen bisschop Barros waren. Ook zei hij dat zich nooit slachtoffers bij hem hadden gemeld.

Het tegendeel blijkt waar. In 2015 heeft de paus via kardinaal Sean O’Malley, adviseur van de paus over aanpak van kindermisbruik, een gedetailleerde brief over kindermisbruik gekregen. Slachtoffer Juan Carlos Cruz ging in de brief uitgebreid in op misbruik door de Chileense priester Fernando Karadima.

De Chileense bisschop Juan Barros was van het misbruik op de hoogte, maar weigerde er ook maar iets tegen te doen, zo staat in de brief vermeld. Nu is het natuurlijk mogelijk dat kardinaal Sean O’Malley zich niet aan zijn woord heeft gehouden en de brief nooit heeft overhandigd. De Amerikaanse kardinaal houdt vol dat hij dat wel heeft gedaan. Als hij echter liegt, wordt weer eens duidelijk dat de paus onvolledige en gebrekkige informatie krijgt, zoals de Italiaanse journalist Massimo Franco onlangs stelde.

Ook is het mogelijk dat de paus de brief wel degelijk had gekregen, maar de medeplichtigheid van bisschop Juan Barros liever in de doofpot stopt. In dat geval zou de paus dus hebben gelogen, wat nog veel kwalijker is.

De paus maakte vorige week bekend dat hij aartsbisschop Charles Scicluna, de belangrijkste expert van het Vaticaan op het gebied van seksueel misbruik, naar Chili afvaardigt om een onderzoek in te stellen.

Franciscus langzaam glijd ons vertrouwen weg…..naar verzoening…..?

Er werd niets uitgelegd

Commissie Onderzoek naar geweld in de jeugdzorg

periode 1940-1945

In het voorjaar van 2016 beloofde Micha de Winter de Tweede Kamer om ook de kinderen die slachtoffer werden van de overheid tijdens de bezetting een luisterend oor te bieden. Interessant omdat er sprake is van een ander (Duits) beleid dan wel invalshoek, blijken de verhalen niet minder schrijnend dan die van slachtoffers uit de jaren na 1945.

augustus 1935 (Twee vrouwen en een jas)

Erica van Beek wordt geboren in Amsterdam waar haar ouders in oktober 1933 in het huwelijk zijn getreden.1 Haar joodse moeder – Olga Bock – is oorspronkelijk Tsjechisch, maar opgegroeid in Wenen. Haar vader Jaap is een Nederlandse werkman. Hij maakt veel speelgoed voor zijn dochter.

zomer 1939

Sinds voorjaar 1936 woont Erica met haar moeder (‘Mutti’) in het getto van Wenen, nadat het huwelijk van haar ouders spaak is gelopen en in augustus 1938 geleid heeft tot een officiële echtscheiding. Ze wonen onder armoedige omstandigheden in bij Olga’s moeder samen met Olga’s zus Hilda en haar zoon en dochter. Na de Duitse annexatie van Oostenrijk (maart 1938) en de Kristallnacht (november 1938) is duidelijk dat joden in Oostenrijk niet veilig zijn. Erica’s vader reist naar Wenen en smeekt Olga opnieuw met hem te trouwen. Zij en Erica zullen dan in Nederland veilig zijn. Olga weigert en haalt Jaap en haar zus over om met elkaar te trouwen. Hilda heeft immers twee kleine kinderen en daardoor de bescherming die het huwelijk biedt, harder nodig dan zij. Het is waarschijnlijk in de zomer van 1939 dat Hilda en Jaap naar Amsterdam vertrekken. De twee kinderen van Hilda reizen – dankzij de bemiddeling van een vriendin – door naar Londen. Een tijd later vlucht Olga met haar dochtertje ook naar Amsterdam.

augustus 1942

Op een mooie augustusdag is Hilda met haar baby op bezoek bij Olga. Op het eind van de middag gaat Olga even alleen naar buiten, misschien om nog een boodschap te doen. Ze heeft een jas van Hilda geleend en wordt staande gehouden door een Nederlandse politieman. Die heeft gezien dat de Jodenster niet op de jas genaaid is, maar opgespeld. Een opgespelde ster kan er ook afgehaald worden waarmee de draagster van de jas zich niet houdt aan de voorschriften van de bezetter. Olga wordt opgesloten in de gevangenis aan de Amstelveenseweg. Op 8 september wordt ze naar Westerbork overgebracht en vandaar gaat ze meteen na aankomst op transport naar Auschwitz. Daar wordt ze op 14 september vergast.

Pas in 1992 komt Erica erachter wat er precies is gebeurd en dat een geleende jas van haar tante het lot van haar moeder uiteindelijk zou bezegelen. In Twee vrouwen en een jas stelt ze vast: ‘Vijftig

1 In deze tekst zijn de namen níet gefingeerd. Erica van Beek schreef eerder onder eigen naam over haar ervaringen het boek Twee vrouwen en een jas (1994) en droeg ook enkele herinneringen bij aan de site www.martha-stichting.nl In beide gevallen worden het betreffende tehuis en personen met hun echte namen aangeduid. Daarom is ervoor gekozen dat ook in deze tekst te doen. Die is, behalve op deze twee bronnen, vooral gebaseerd op een interview afgenomen in september 2017. Alle citaten zijn afkomstig uit dat gesprek, tenzij anders vermeld.

Drie jaar lang is ze doodgezwegen, heeft niemand met mij over mijn moeder willen praten, heeft iedereen gezegd het verleden met rust te laten.’

Als haar moeder plotseling verdwenen is, begint voor Erica een onzekere periode waarin ze op verschillende adressen woont onder andere bij familieleden van vaders kant. Haar vader werkt een tijdlang via de Arbeitseinsatz in Duitsland en trekt, als hij terugkomt, bij zijn vader in. Als hij ziet dat zijn schoonzus Erica een pak slaag geeft, haalt hij haar daar uit huis en neemt haar mee naar het huis van haar opa. Het halve jaar dat ze daar verblijft, noemt Erica later de ‘enige fijne tijd eigenlijk van [mijn] hele jeugd’.

december 1943

Erica wordt uit huis gehaald. Waarschijnlijk heeft haar tante Marie de Raad voor de Kinderbescherming ingeschakeld en gezegd dat het voor haar nichtje niet goed is op te groeien bij haar vader en grootvader. Erica wordt van het ene op het andere moment overgebracht naar een kindertehuis van de protestants-christelijke Martha-Stichting. Er is een – al of niet vervalst – briefje overgeleverd waarop staat dat de Duitsers daarmee instemmen. Ze is een onderduikkind geworden. Haar eerste verblijf bij de Martha-Stichting is in Nieuwersluis in een van de tijdelijke onderkomens die de organisatie in gebruik heeft genomen nadat de Duitsers in 1942 het gebouwencomplex in Alphen aan den Rijn hebben gevorderd.

Dat het oorlog is, ontgaat de kinderen niet. In haar boek schrijft Erica daarover: ‘ ’s Avonds moesten we onze kleren om onze schoenen vouwen […] zodat we indien nodig konden vluchten. […] Tijdens elk luchtalarm, bij alle inslagen op of nabij de spoorlijn Amsterdam-Utrecht, doken we

’s nachts onder de bedden. Of overdag onder de tafels of de slootkant in. En als we hout sprokkelden in het bos aan de overkant, zochten we in paniek een boom om tegenaan te staan.’ Maar de kinderen zijn niet alleen bang voor de oorlog. In het tehuis heersen orde, tucht en discipline. Veertig kinderen slapen dicht op elkaar in grote slaapzalen, ’s ochtends staan ze bloot in de rij met een handdoek en een washandje.

‘De christelijke opvoeding bestond uit bidden voor en na het eten, alle psalmen uit je hoofd leren en zingen, ’s zondags verplicht naar de kerk op het eigen terrein van de instelling.’ Wie het avondgebed niet goed bidt of zingt, in bed fluistert of in bed plast, moet het bezuren. ‘Voor je bed staan op de koude vloer, soms urenlang, omdat de leiding dat wil of omdat ze je zijn vergeten.’

Wie ziek is en overgeeft, krijgt straf. Gebeurt dat tijdens het eten, dan wordt het terug op je bord geschept, wat vers eten eroverheen. Wie het niet opeet, krijgt de volgende dag het restant voor zijn neus, net zo lang tot het op is.

eind 1945

Nederland is bevrijd. In september 1945 nemen de medewerkers en kinderen van de Martha- Stichting weer hun intrek in de gebouwen in Alphen aan den Rijn. Erica en haar vader hopen herenigd te worden. Dat gebeurt niet. Erica: ‘Ik was joods – dat wist ik toen nog niet – en mijn vader was rood. Daarom mocht ik van de Commissie voor Oorlogspleegkinderen (OPK) niet terug naar mijn familie. Die beslissing neem ik vooral de voorzitter Gezina van der Molen erg kwalijk.’ Het is Van der Molen – befaamd als verzetsstrijder die vele joden het leven redt -, die in de commissie afdwingt dat joodse kinderen bij christelijke gezinnen ondergebracht worden, ook als er nog joodse familie is.

wordt vervolgd (morgen het verhaal van Rita zat als kind in tehuis te Utrecht; moeder half joods en vader in SS uniform. Straf voor alles, bij het minste of geringste opsluiten in een donkere kast of een week op bankje met droge boterham en glas water`.

Huilen is niet toegestaan…je werd nooit getroost, er werd nooit een arm om je heen geslagen én…er werd niets uitgelegd.

 

Radicaal niet vergeven

Kreeg een boek te leen (Radicaal vergeven) en heb mijn ‘Saturday night’, aangegrepen om dit nep-wetenschappelijk boek ter hand te nemen daar wij met Mea Culpa ‘de weg naar verzoening’, al jaren geleden waren ingeslagen.

de weg naar verzoening

De weg naar verzoening’, is een kunstwerk van Pierre Habets en staat in een Roermonds park eenzaam te wachten op een geestelijk leven na de inhuldiging 21 April 2017.  Ze hebben de tijd, de eeuwigheid, de beminde gelovigen, en al hebben ze ons tot de laatste dag getraineerd want om mee te werken aan deze weg naar verzoening zijn altijd twee partijen nodig. It takes two babe. Blijkbaar vond de kerk dat ze niet zoveel fout hebben gedaan en konden met de nodige hoogmoed deze weg uiteindelijk ter zijde schuiven.

Nu dan, het boek ‘radicaal vergeven’, is nogal manipulatief, een tendentieus pamflet daar Jezus al in de inleiding op een pretentieuze, ongebruikelijke wijze wordt geïntroduceerd:

‘Jezus gaf een indrukwekkende demonstratie van het transformeren van het slachtofferarchetype’!!

Jezus is zelf het ultieme slachtoffer, want hij hangt nog altijd gebrandmerkt aan het kruis. Het lijden blijft uiteraard een menselijk gegeven. Doch het slachtoffer archetype (oerbeeld / grondvorm) wordt door het Christendom juist getransformeerd door de erfzonde. Je hebt iets gedaan of beter je erft het van je voorouders terwijl je geen schuld of blaam treft zo heb ik niet meegeholpen aan de bouw van concentratie kampen. Laat staan dat ik mensen de gaskamers heb ingestuurd. De erfzonde is, volgens de christelijke leer, de zondigheid die ieder mens door zijn geboorte aankleeft als gevolg van de zondeval van het eerste mensenpaar. Vrijwel alle christelijke kerken onderschrijven dit leerstuk.

Slachtoffer archetype? Jezus heeft werkelijk niks traumatisch meegemaakt, al zou het de kindermoord in Bethlehem zijn geweest maar we kunnen ervan uitgaan dat Maria en het voorbehoedmiddel Josef, ervoor zorgden dat kindje Jezus veilig in een grot school en dit niet bewust heeft meegemaakt. Weten we verder nog iets van Jezus? Zijn kinderjaren, zijn puberteit, zijn eerst seksueel gevoelens? Heeft Jezus zich afgetrokken tussen zijn pakweg 14 levensjaar en begin volwassenheid 22-24-25 jaar jong?

Heeft Jezus ooit seks gehad? Wij weten het niet maar alleen de schrijver van dit radicaal vergevings-boek Colin C. Tipping weet van een indrukwekkende demonstratie van het transformeren van het slachtofferarchetype door Jezus? Hoe en wat legt Tipping niet uit, hij leid ons zelfgenoegzaam rond naar de volgende fase / sprong in onze spirituele evolutie. Hoera! Zo schiet het tenminste een beetje op, met onvoorwaardelijke liefde en vrede hoeft je de dader(s) niet aan te klagen, veroorzaker van het geweld of trauma niet ter verantwoording te roepen. Ik noem dit het het vermijden van het conflict model en wat te denken van het dader-archetype is het niet uitgerust met een vreselijk negatieve, gewelddadige oer-vorm / visie op de mens? Welk type heeft zich meer laten zien in de geschiedenis: het slachtoffer-type of het dader-type of is het een eenheid, twee kanten van dezelfde medaille?

U bepaalt!