Fake news is everywhere it shouts its pour message all around the world. You got it right and the other got it wrong, based on….
thin air
Om met een narcist te breken moet je eerst even op kracht komen want het is doodvermoeiend, met de nadruk op dood want de narcist verhult zijn innerlijke leegte, zijn onvermoeibare neiging om andere in zijn schaduw te laten excelleren want uiteindelijk…het ware licht valt alleen en altijd op hem / haar. Het duurt dan ook even voordat Trump zijn biezen pakt want hij ‘voelt’ zich nog steeds de baas!!!???
Nou ja, je heb ze in allerlei soorten en maten en de narcist verandert zeer snel van gedaante maar kruipt voor je het weet tussen de spelonken van het onderbewuste, opzoek naar inferieure kenmerken. Zijn superieure identiteit trekt zich op aan deze zelf gecreëerde wereld / gezelschap dat hij / zij om zich heen verzamelt. (H)erkend alles wat daar buiten valt niet, en zeker niet jouw positieve eigenschappen, of het moet weer op hem / haar afstralen.
Gisteravond keek ik naar CNN en de ingelaste persconferentie van Trump, de narcist, opeens presenteerde hij zichzelf als media slachtoffer? Terwijl hij dezelfde media gebruikte om zijn jarenlange gif en leugens te kunnen verspreiden want maak gebruik, lees misbruik) van het feit dat je de president bent. The New York Times had al in 2016 met koeienletters moeten schrijven ‘STOP’, stop de idioot. Geef hem niet zoveel aandacht.
Hoe gaat het met ons, de lezers, de volgers van het nieuws, de complotdenkers kwamen massaal uit hun hok de afgelopen jaren om hun ongefundeerde kritiek uit te schreeuwen, onder aanvoering van….narcisten want alleen hun mening doet er toe, vandaar mijn sympathie voor Black Lives Matter want het betekent een ommekeer in de mind-set van onze, blanke op onszelf gerichte cultuur. Een heel oude machtsstrijd met Afrika, nu ‘koloniale’ profiteurs uit de ‘outside suburbs’, zij, die op afstand in de buitenwijken bij de wereld horen, hun zaakjes (in de suburbanisatie) geregeld hebben en denken nog steeds te kunnen domineren.
Het is nu wachten dat de stemmen uit Pennsylvania, Georgia snel binnen komen want het einde lijkt in zicht. Op dit moment ik dit schrijf gaat het met name om Georgia, Clayton County, liggen de mail votes te wachten om hun stemmen te tellen en te laten horen maar wat duurt het lang….voordat de verlossende mededeling komt…’our next president of the USA’, dan ben ik niet zo’n Biden man (eerder Bernie Sanders) maar ben wel heel erg voor Kamala Harris, een vrouw als vice-president en mogelijk Mrs. President. Langzaam gaat de wereld erop vooruit net zo aarzelend als alle schaduweigenaren van de narcist.
YOU’RE FIRED
De reden dat ik Antoinetta een paar weken niet had gezien, was haar verhuizing.
Terwijl ik bezig ben aan het bereiden van haar kindertjeskoffie “veel melk” , vertelt ze me dat haar appartement gelegen op de begane grond,met rondom tuin, haar goed bevalt. Alleen de buurt is erg wennen. Begrijpelijk, als je jarenlang midden in de stad hebt gewoond, is Amsterdam- Noord daarbij vergeleken een dorp, zeg ik.
Als ze tevreden haar eerste slok heeft genomen, begint ze met haar o zo specifieke openingszin, “moet je horen, Els” het appartement boven me wordt bewoond door een hoer ,
Hoe ben je daar achter gekomen, vraag ik lachend.
Nou!, ik kwam er achter door een vent die voor de gemeente het huisvuil ophaalt, tijdens zijn lunchtijd wipt hij bij haar langs. Als hij weer bij haar weggaat zie ik ze vaak naar elkaar zwaaien.
Zullen het niet gewoon vrienden of geliefden van elkaar zijn, Antoinetta, in je vuile werkkleding bezoek je toch geen prostituee, lijkt me. De gedachte alleen al.
Nee, ‘Els, geloof me nou maar, het oudere echtpaar naast me vertelde me dat ze een vaste klantenkring heeft die haar wekelijks bezoekt. Ze loopt er trouwens niet bij als een hoer, meer als een bekakt wijf.
Ordinair sjiek, noem ik die dames, Antoinetta .Je ziet ze ook nog wel eens in de sjieke P.C Hoofdstraat lopen”.
Heb je je al aan haar voorgesteld.
Ja hoor. Ze heet Maria.
Vermoedelijk is ze katholiek, ze draagt een kettinkje met een kruisje om haar nek.
Maria, !! Interessant zeg : in de bijbel staat dat Maria Magdalena het hoerenliefje van Jezus was.
Dat mens volgt gewoon haar roeping.
Inmiddels is de tijd ruim een kwart eeuw verstreken.
Antoinetta drinkt bij haar bezoek nog steeds haar kindertjeskoffie .
Haar specifieke openingszin met ,” moet je horen Els,” met daarbij haar humoristische belevenissen zijn me in de loop der jaren steeds dierbaarder geworden.
De bovenbuurvrouw Maria Maria oefend nog steeds haar beroep uit, ondanks haar vergevorderde leeftijd niet alleen als aanvulling op haar AOW, krijg ik bij haar laatste bezoek te horen.
Die oude doos is gewoon manziek.
Laatst liepen we samen naar het centrum, ze loopt naar iedere vent op straat te lonken. Dat is toch niet normaal, hoor ik haar verontwaardigd zeggen.
Ze doet me aan het kostelijke liedje van Wim Sonneveld, ” ze kon het lonken niet laten, ze lonkte naar iedere man,” denken.
In gedachte zie ik Antoinetta met een tamboerijn achter haar aanlopen.
Nog een kopje koffie, Antoinetta vraag ik lachend.
Els MULKENS
Juni. 2017
Een gedicht van Ed Hoornik op verzoek van Els Mulkens
HEBBEN EN ZIJN..Op school stonden ze op het bord geschreven.Het werkwoord hebben en het werkwoord zijn.Hiermee was tijd, was eeuwigheid gegeven.De ene werkelijkheid, de andere schijn...Hebben is niets. Is oorlog. Is niet leven.Is van de wereld en haar goden zijn.Zijn is, boven de dingen uitgeheven.Vervuld worden van goddelijke pijn..Hebben is hard. Is lichaam, Is twee borsten.Is naar de aarde hongeren en dorsten.Is enkel zinnen, enkel botte plicht..Zijn is de ziel, is luisteren, is wijken.En daarheen langzaam worden opgelicht.Ed . Hoornik .( 1910 – 1970)
SJAAN UIT DE JORDAAN
Als ik op vrijdag mijn wekelijks werkbriefje voor de komende week ophaal op het kantoor van de thuiszorg, zie ik er een nieuwe client op staan. Om 9 uur die maandagochtend druk ik op de huisbel van de aanleunwoning. In de gang hoor ik kwieke voetstappen.
Een kleine fragiele vrouw in een gebloemde jurk en met een stevige permanent in haar grijze haren, doet de deur open. “Kom binnen, ‘kind’,” zegt ze en loopt vooruit naar het kleine huiskamertje, annex keukentje.
“Ga zitten, kind, de koffie is al gezet.” Even later zet ze twee kopjes neer.
“Woont u hier alleen, mevrouw Janssen?” vraag ik, om het gesprek een beetje op gang te brengen.
“Nee hoor, kind, ik woon hier samen met mijn Pietje.”
“O! Uw man slaapt zeker nog.?”
“Man!” herhaalt ze, me verbaasd aankijkend. “Ik heb geen man, kind.”
“Noemt u mij maar Els, mevrouw Janssen.” Waarop zij antwoordt: “Ik heet Sjaan.”
“En kom uit de Jordaan,” vul ik aan. Als we uitgelachen zijn, zegt ze: ”Het klopt ook nog, kind, ik ben geboren en getogen in de Jordaan.”
Aan haar plat Amsterdams is dat duidelijk te horen.
Mijn ochtend met Sjaan kan nu al niet meer stuk.
“Uw vaste wijkhulp is nog steeds ziek, mevrouw Janssen, daarom kom ik vandaag, om samen de boodschappen te doen. “Gezellig kind. Maar eerst nog een lekker bakkie.” Uit haar koektrommel mag ik alvast een koekje uitzoeken.
“Heeft u een boodschappenlijstje gemaakt, mevrouw Janssen?” vraag ik. “Nee hoor, kind, dat doe ik nooit, ik weet wat ik nodig heb en mijn geheugen is nog steeds prima.”
Ik merk dat we elkaar nu aan het observeren zijn.
Eenmaal buiten voel ik dat het inmiddels behoorlijk hard is gaan waaien, ik moet er niet aan denken dat ze door de harde wind wordt opgetild, er zou geen botje van haar fragiele lichaam meer heel zijn.
Alsof we elkaar al jaren kennen, geeft ze me een stevige arm tijdens de wandeling naar de supermarkt.
Eenmaal terug, zet ik de boodschappen voor haar op het aanrecht.
“Zullen we nog even een bakkie doen, kind,” vraagt ze zo vriendelijk dat ik het niet over mijn hart kan krijgen haar te weigeren .
Op mijn horloge zie ik dat het nog wel kan, voor ik naar de volgende cliënt ga.
Terwijl ik de koffie in het filterzakje doe, hoor ik haar in een geanimeerd gesprek met een kanarie.
“Dag Pietje, dag lieverd, ik ben er weer.”
Haar huisgenoot is Piet de kanarie! Geamuseerd draai ik me om, om naar het gekeuvel te kijken en wordt getroffen als deelgenoot van dit ‘paradijselijke tafereel’ in dit piepkleine kamertje.
Onder het zoveelste kopje koffie kan ik het niet laten haar te vragen of ze nog meer ‘familie’ heeft, naast Piet.
“Ja hoor, kind, op de Ouderkerkerlaan woont mijn tweelingzus.
Iedere woensdagavond gaan we samen met een taxi bij haar op bezoek. Met alleen mijn AOW kan ik het best betalen, hoor! De Ouderkerkerlaan is nog geen drie straten verderop.”
“Neemt U Piet mee in een doosje,” vraag ik? In gedachten zie ik het tafereel al voor me.
“Nee hoor, de taxichauffeur zet Pietje eerst in zijn kooi op de achterbank en help mij dan met instappen.”
Ik zit hier op deze maandagochtend in het domein van het meest ‘goddelijke wezen’ dat ik ben tegen gekomen. Sjaan heeft op deze aardkloot haar eigen paradijsje gecreëerd.
Bij het weggaan geef ik haar op beide wangen een dikke zoen, waarmee ik de protocollen van de thuiszorg zoals gewoonlijk aan mijn laars lap.
Onbewust sla ik deze ochtend op in mijn hoofd, in het laatje ‘bijzondere gebeurtenissen’.
Els Mulkens, oktober 2014
Tijdens het schrijven van deze ervaring van zo’n twintig jaar geleden, voelde het of ik weer plaatsnam in hun ‘paradijselijk domein’.