Misbruyck in de kerck

2013-05-09 13.59.07Onlangs kreeg ik deze foto opgestuurd van Jody en Ramon (Ramon is mijn zoon, Jody zijn verloofde) die zij spotte bij de foto tentoonstelling in de oude kerk, te Amsterdam. Misbruyck een oud probleem of het is niemand opgevallen dat het daar stond??? of paste het niet in het  mainstream nieuws van pakweg de veertiger / vijftiger jaren toen er nog geen Deetman onderzoek tot de democratische keuzemogelijkheden bestond. Wat er nog achter het zinnetje, en daarvoor staat, heb ik Ramon en Jody nog gemaild maar dat wisten ze niet meer maar dit zinnetje…MISBRUYCK in Gods kerck????

Paus Paulus VI wist van misbruik (blog MCU THURSDAY, APRIL 01, 2010)

Uit een brief uit 1963 aan de toenmalige paus Paulus VI blijkt dat het Vaticaan op de hoogte was van seksueel misbruik door geestelijken in de Verenigde Staten. De brief werd woensdag in Los Angeles vrijgegeven door advocaten van slachtoffers van misbruik in Californië. Ondertussen liet een Oostenrijkse kardinaal woensdag weten dat de kerk schuld draagt in het seksschandaal. In het epistel stelt het hoofd van de katholieke orde die de behandeling van pedofiele priesters overzag aan de paus voor om pedofiele priesters uit actieve dienst te halen. De brief is een samenvatting van de visie van de geestelijke Gerald Fitzgerald op probleempriesters. Het lijkt erop dat de paus zelf om de brief heeft verzocht.

Seksueel gewelddadig

De Oostenrijkse kardinaal Christoph Schönborn, een vertrouweling van paus Benedictus XVI, zei woensdag dat sommigen binnen de kerk misbruik maakten van het vertrouwen van kinderen, seksueel gewelddadig waren en het imago van kerk het belangrijkst achten. Hij sprak zijn dank uit jegens slachtoffers die hun stilzwijgen hebben verbroken en zei dat er nog veel moet gebeuren om goed te maken wat fout is gegaan.

Wij schreven begin 2010

actie MEA CULPA

De bisschoppen stellen een onafhankelijk onderzoek in onder leiding van protestant Dhr. Deetman nav misbruik in de rooms-katholieke kerk. Wij, de actiegroep MEA CULPA (mijn schuld??) roept alle slachtoffers van misbruik en geweld op niet mee te doen aan dit door de kerk zelf geïnitieerde onderzoek. Het is grotesk dat de kerk dit onderzoek instelt en vervolgens, wanneer naar archieven moet worden gevraagd, de afzonderlijke bisdommen zeggenschap hebben over het verlenen van medewerking, dit zal de transparantie op geen enkele wijze bevorderen. Ook is het onduidelijk of bij het onderzoeksplan de doofpot affaires uit de afgelopen decennia betrokken worden en / of de slachtoffers die zich al gemeld hebben bij ‘Hulp en Recht’ openbaar worden? Van een breed onderzoek kan alleen sprake zijn als alle betrokkenen, mede verantwoordelijken, daders en slachtoffers, dossiers worden gezien en gehoord. De kerk houdt bij een eigen onderzoek de agenda, de tijdslimiet en alle andere verwikkelingen in eigen hand. ‘MEA CULPA’ wil af van deze biechtstoel methode waarin de fluisterwand weliswaar wordt weggenomen maar de onderzoekers zelf alle informatie binnenskamers kunnen houden. Wij stellen een maatschappelijk tegenonderzoek voor met een vrouwelijke tegenkandidaat, een seksuologe, onafhankelijk van het mannenbolwerk van de katholieke kerk.

De TOP v.d. KVP was op de hoogte van het seksueel misbruik in de jaren 50 en 60

Oud premier Victor Marijsen wist van alle schandalen van div. internaten en instellingen

Heleboel KVPérs zaten in het Bestuur van het Katholieke Verbond voor Kinderbescherming.

Er werden zo´n 112 internaten – instellingen met een circulaire op de hoogte gebracht i.v.m. seksueel misbruik. (dus ook Bleijerheide!!!)13121950 Pancratius

Broeder betrapt in Maastricht, werd veroordeeld, na veroordeling pastoor in Sittard en daarna als beloning een onderscheiding!!

Vergeten we dan voor het gemak de abortusmeisjes van meneer pastoor te Maastricht. Er werden heel veel abortussen gedaan bij jonge meisjes, die door meneer Pastoor waren ´voorgelicht´ en de facto gedefloreerd. Dat betekent zoveel als: ´Ontmaagd´. Natuurlijk wisten mensen dit, de meisjes die zwanger raakten, de familie en de lievelingetjes die meneer pastoor zo had. Maar de meisjes uit arme gezinnen durfden niks te zeggen, maar wisten in die tijd dat zij bij de directeur van het ziekenhuis terecht konden, zijn broer was ook minister-president bij de KVP, of heten ze toen al CDA. Nooit over gesproken in katholieke huize?

Op 30 November 2011 deze oproep!

Nog steeds komen er nieuwe feiten naar buiten van seksueel misbruik, manipulatie van kerkelijke autoriteiten tot in de hoogste politieke top. Zwarte lijsten als een rondschrijven aan 112 internaten geven de aanwezigheid van een doofpot cultuur, extra gewicht. Deze voor ons belangrijke informatie krijgen we noch van de bisschoppen / KNR, noch van Deetman, en als we wachten tot 17 december kunnen wij geen eisen meer stellen aan de commissie, de Lindenbergh categorieën die ondertussen hun werk doen, zoals in de tussenrapportage is aangegeven.

Mea Culpa heeft vanaf het begin bij de aanstelling van de Cie. Deetman er sterk op aangedrongen dat het geestelijke, fysieke geweld wordt meegenomen in het onderzoek. Voor ons is dan ook de eindrapportage, niet het einde van het streven naar waarheid, genoegdoening en erkenning.

Tuesday, November 29, 2011

Achter slot en grendel

De rooms-katholieke kerk wist al in de eerste helft van de jaren vijftig van kindermisbruik in internaten.

In 1954 schreef Canisius, de algemeen overste van de fraters van Tilburg, in een nieuwsbrief: “Mannen wees toch voorzichtig in de omgang met kinderen en maak jezelf niet voor een heel leven ongelukkig. Houd je handen thuis.” De brief (pdf) is in het bezit van RTL Nieuws. De kerk heeft altijd beweerd niet op de hoogte te zijn van het misbruik. Canisius spreekt expliciet over seksueel misbruik. “De laatste jaren komt ontucht met kinderen frequenter voor dan vroeger”, stelt hij in de brief.

In de aanhef staat dat de brief moest worden voorgelezen door de leidinggevenden van de internaten. Daarna moest hij achter slot en grendel worden opgeborgen.

 Tuesday, November 22, 2011

Douchen met de broeders van liefde

Oproep wegens seksueel misbruik in pensionaat Jonkerbosch, de broeders van liefde, te Nijmegen. In de jaren 1955 -1961 speelde dit misbruik zich af door dader, broeder Ignatius. Het begon in de douches, later in de linnenkamer, het regelmatiger aanraken en kleine betastingen. Broeder Ignatius ging steeds een stukje verder tot ik van bed moest verwisselen naar een bed naast zijn kamer, zodat hij me kon zien liggen!

Broeder Ignatius had een kamertje midden in de slaapzaal met kijkluikjes Ik moest mijn broekje uitdoen en de deken omhoog dat hij ‘het’ kon bekijken. Later die nacht moest ik naar zijn kamer komen en lag broeder Ignatius naakt op bed en moest ik bij hem in bed komen. Half versuft probeerde hij mijn piemeltje stijf te krijgen met zijn hand en zijn mond. Ik moest dat ook bij broeder Ignatius doen tot hij klaar kwam, dit gebeurde voor een langere periode. In een telefoongesprek met het voormalige Hulp en Recht bevestigden zij dat broeder Ignatius bij hun bekend was. Toch roep ik mensen op om zich via Mea Culpa te melden.

Sunday, November 20, 2011

De katholieke oplossing

Door het krantenbericht over een pedoseksuele priester kwam bij mij weer alles naar boven. Destijds werkte ik als katholiek geestelijk verzorger in Seedorf. Toen een priestercollega wegging werd ons gezegd dat we niet meer op een priester hoefden te rekenen. Een paar maanden later meldde het Hoofd van Dienst dat we een priestercollega zouden krijgen, werkzaam in Amersfoort. Vreemd, gezien het priestertekort in Nederland. Bij navraag in Amersfoort kwam het verhaal van het seksueel misbruik. Ik heb dat aan mijn directe chef gemeld. Die zei dat het bij de legerbisschop (mgr.Punt) en de vicaris bekend was en dat ik mij er vooral niet mee moest bemoeien. Ik vond het destijds merkwaardig dat iemand met zo’n verleden uitgerekend benoemd werd op een plaats (een van de weinigen) met ook veel gezinnen met kinderen. Het is niet terecht dat alleen de aandacht valt op kardinaal Simonis. Ook de legerbisschop en de vicaris hebben meegewerkt aan de ‘katholieke oplossing’; dat is: iemand verplaatsen en het probleem ongemoeid laten.

______________________________________________

J S, aalmoezenier b.d. Amersfoort.

Anyway, ik ben blij dat je mailde. Ik zag ook dat je mijn brief naar bisschop Punt van Haarlem weer publiceerde op je weblog. Goed zo, dat verhoogt de kans dat anderen die zoeken (googelen) naar misbruik op Hageveld, ook zullen gaan reageren. Ja, ik las over een melding aangaande bisschop Gijsen te Rolduc, als voyeur. Ik weet dat bisschop Punt daar ook heeft gezeten als zg. ‘late roeping’ nadat hij economie in Nijmegen had gestudeerd (vandaar zijn titel Dr.). Punt heeft later ook les gegeven op Rolduc voordat hij benoemd werd tot hulp bisschop in Haarlem. De toenmalige vicaris-generaal Geukers in Haarlem trad boos af, omdat hij vond dat hijzelf bisschop had moeten worden. Hij werd zelfs de ongemijterde bisschop van Haarlem genoemd. Geukers was voorheen Regent op College Haveld en is door mij aangeklaagd. Punt is op de hoogte hiervan omdat ik 3 namen van daders heb genoemd. Dit is een hele interesssante connectie. In hoeverre Punt weet wat er zich op Rolduc afspeelde, weet ik niet. Maar ik neem aan dat de zwijg cultuur ook daar stand hield.

Omdat de pastoor ook bij de diakenwijding was had hij voor de dorpsmis assistentie van het bisdom gevraag. Dat was onze Punt, nu bisschop in Haarlem. Die had helemaal de moeite genomen uit Roermond naar het zuiden af te zakken om te collecteren voor de ‘missie’. Welke missie vraag ik me nog steeds af. Hij zat, naar zeggen van de vriendin van mijn broer, in een zijden toga wel zeer intiem met wie ik gemakshalve altijd ‘Renetje’ noem, de hulpbisschop van Maastricht. Mijn broer is het daar nooit echt goed gegaan. Ik zou het omschrijven als een selectiefout van Rolduc. Hij heeft daar nooit kunnen aarden en op carnavalsmaandag in ‘95 is hij door de politie in zijn flatje dood aangetroffen. Hij bleek vrijdag’s ervoor te zijn overleden. Dat is wat ik je over mijn ervaring met Rolduc kan vertellen.

Dan nog een oproep voor internaat St. Joseph aan de Lindanusstraat te Roermond. Rond 1959 en 1960 is broeder Paulus veroordeeld tot 2 1/2 jaar gevangenisstraf wegens misbruiken van jongens en een andere collega. A, R en I waren jongens die misbruik hebben meegemaakt en dhr L zoekt anderen om hierover een klacht in te dienen.franc consparicy

 

 

Nao Assinado

Valentinus tussen de kindjes

Vandaag publiceren we wederom twee oude artikelen waar honderden spam reacties afgelopen dagen waren binnen gekomen; over Bulletje en Valentino, wij willen ze niet vergeten de Franciscus volgelingen tot de armen in alle eerlijkheid zijn bedeeld.

Wij publiceren de bekentenissen brief van broeder Valentinus aan A T met de Portugese vertaling die tot doel heeft mensen in Brazillie te informeren over het reilen en zeilen van deze broeder Franciscaan. Wij weten dat mensen in Brazilië het Mea Culpa blog / site lezen en hopen op hun medewerking deze brief te verspreiden in Potim dat op een afstand van 162 km van de stad São Paulo ligt. Potim heeft 17.000 inwoners waarvan meer dan de helft (56,95 %) in de grootste armoede leeft en moet zien rond te komen met een minimum loon. Het maandelijks inkomen van een gezin is 300,00 Reis dat is 150,00 euro. MCU heeft al een half jaar geleden in de Engelse taal naar Potim geschreven maar ontvingen geen antwoord. We hopen nu wel op een antwoord / signalen uit Zuid-Amerika.

Geachte (heer A T)

Het is nu goed 50 jaar geleden wat er is gebeurd. Ik wil niet in details treden , dit v.w. de lange tijd die er is omgegaan. Wel kan ik laten weten dat ik al die tijd mijn gedachte hierover heb laten gaan, en 50 jaar rond loop met een gevoel van spijt. Ik wist niet meer wie u bent geweest anders had ik denkelijk eerder met deze brief gekomen. Ik kan me alles nog licht herinneren. Mijn leeftijd zal daarmee een rol spelen, ik ben intussen 75 jaar. Nogmaals ik heb een ontzettende spijt wat er is gebeurd en ik bied hiervoor duizend maal excuses aan. Ik hoop dat u dit kunt aannemen zo zal u rust krijgen en ik ook. Mijn grote wens is deze laten we nu de tijd nemen en er een punt achter te zetten zodat we met opgeheven hoofd verder kunnen gaan. (Niet ondertekend )

broeder Valentinus

Caro

Foi há 50 anos o que aconteceu. Eu não vou entrar em detalhes, este v.w. o tempo tratou. Welkan, eu digo que eu pensei todo este tempo todo, e 50 anos andando com um sentimento de arrependimento. Eu não sei quem você é, ou então eu provavelmente teria escrito mais cedo esta carta. Lembro-me de tudo um pouco. A minha idade, desempenha um papel, eu tenho agora 75 anos. Mais uma vez tenho uma terrível pena do o que aconteceu, mil vezes eu peço desculpas. Espero que você possa ter o seu descanso e eu tambem. Meu maior desejo é que agora tomamos o tempo e um ponto final, com a cabeça ergida para que possamos avançar.

(não assinado)

broeder Valentinus

Ook heeft broeder Valentinus de foto’s weggehaald van de RK Sint Joseph site waarmee hij geld inzamelt voor het kindertehuis.(http://www.rksintjoseph.nl/Valentinusbrief.htm) Nergens voor nodig en als je niets te verbergen hebt waarom dan dit Bleijerheide gedrag. Hieronder zijn oproep om geld in te zamelen, maar eerst een quote:

‘En bij ons bezoek kwam er bij mij de gedachte in mij op “voor deze kinderen moet ik iets doen.”. Het was of een stem mij dit ingaf. (citaat broeder Valentinus)

Deze stem mag gehoord worden,  bisschop Wiertz doet niets,  pastoor Schafraad verwisselt twee personen (broeder Eymard), Alphons blijft zijn hele leven onderdanig maar daarmee is het pedo internaat niet van de wereldkaart. Zie hoe de broeders naar de arme kindekes in Brazilië reizen om daar aan hun liefdevolle trekken te komen!

Het missiewerk van broeder Valentinus.

Deel 1.

In het jaar 1991 werd ik gekozen om met de broeders mee te gaan naar een vergadering in Brazilië. Het was de eerste keer dat ik in mijn leven in Brazilië zou komen. Na de eerste dagen wat rond gereden te hebben en wat van het land gezien te hebben voordat de besprekingen zouden beginnen, kwam ik ook in een stad terecht met name Potim.(zie foto hieronder) Ten noord oosten van São Paulo. In deze stad hebben onze broeders een tehuis voor arme en verwaarloosde kinderen van af 3 t/m 6 jaar. In de jaren 1991 waren er ook grotere kinderen bij, jongens en meisjes van 6 tot 12 jaar. En bij ons bezoek kwam er bij mij de gedachte in mij op “voor deze kinderen moet ik iets doen.”. Het was of een stem mij dit ingaf. Dit zou mij naast mijn werk als koster in de parochie en godsdienstleraar op de Openbare basisschool in Landgraaf mijn tweede taak zijn. Na mijn terugkeer in Nederland heb ik het idee laten rusten totdat ik in 1993 terug ging naar het kindertehuis in Potim om het werk wat de broeders daar deden eens goed van nabij te bekijken. Al na enige dagen was het me al duidelijk dat het probleem financieel van aard was. Er moest geld op tafel komen om de zaak draaiende te houden. Maar hoe dit aangepakt? Ik kreeg de steun van de school in Landgraaf waar ieder kind iedere week een dubbeltje meebracht en dit in een potje deed bij de juf of meester van de klas. En al gauw werd er een bankrekening bij de Rabobank geopend door het hoofd van de school. onder de naam Potim-Harlekijn. Dit was voor mij het moment dat de Aktie van start zou gaan. Een Aktie die nu al jaren 15 jaren duurt.
Door geld gebrek moest enige jaren geleden de dagschool voor de jongens en meisjes in Potim gesloten worden wat voor veel huisgezinnen een ramp was. Weer liep de jeugd doelloos over straat en vermaakte zich met dingen die niet door de beugel gingen zoals het vernielen van andermans zaken. Maar wat erger was ook zij gingen over in de drugs, wat voor vele in Potim tot op de dag van vandaag een groot probleem is. Nu na 15 keer het kinderhuis in Potim bezocht te hebben is de nood nog erg groot. Wel hebben we het goede bericht dat volgend jaar februari de nieuwe dagschool voor jongens en meisjes zal geopend worden. En dit komt voort uit de bijdragen die zo regelmatig binnen komen op de bankrekening. De volgende keer zal ik u meer vertellen over de stad Potim en het kindertehuis. wordt vervolgd.!!!

Dit laatste zijn we het helemaal mee eens: wordt vervolgd!

Grens sferen

Bleijerheide 8 meiGisteren door Bleijerheide lopen rechercheren, mensen op straat aangesproken, je moet maar durven! Nu ben ik er al vaker geweest, soms vluchtig om tegen het internaatshek te urine’lozen als ik in Herzogenrath de MM (media markt) had bezocht, en het is sinds mijn ontmoetingen met broeder bakker Lebuinus in 1985 nogal wat verandert. Gebouwen zijn verdwenen, lappen grond verkocht, Ignatius vandoor met geld, tonnen verdwenen in een stichting! Haffmans, you’re not the only one!

Daar sta je dan‘ ging het door mij heen, de omerta van de arme franciscaner orde heeft gewerkt. Ik voelde me bedroefd, teleurgesteld in mijn rondgang langs lege, uitgestorven straten waar achter menig raam hond en kat hongerig naar buiten staarden. In deze ‘grens sferen’ die de overgang van het ene land naar het andere land onherkenbaar moeten maken, lag een sluier van triestheid over Bleijerheide waar vele straten aan elkaar zijn gebreid als een trui die niemand hoeft te passen. Een wirwar aan halve straten, gangen, oudere en nieuwe wijken die totaal niet bij elkaar aansluiten, kleine pleinen waar je eindeloos in kon rond (door)draaien. Er stonden veel panden te koop, wie wilde er ook wonen in deze verlaten diaspora, van die plekken waar je niet meer wegkomt. Het regende bovendien, niet te vergelijken met de trieste lente regen van Vivaldi waar nog altijd iets verkwikkendst vanuit gaat, waar nog een uitnodiging in schuilt om je kop in de lente regen te douwen. In deze regen was iedere druppel een vuile bom, een emmer smerig sop dat over je heen werd gekieperd zoals wij jongens op dit soort dagen terug van het sporten de kleedlokalen opzochten en door geschreeuw van de broeders in de discipline van het kloosterleven werden teruggeworpen. Wij waren vuil, bezweet, het heimwee glee van ons af, en voelden ons voor even goed.

Terug in het nu, ik sprak een vrouw aan die meer Duits dan Kerkraads dialect sprak, af en toe klonk een Nederlands woord door haar ruime keuze in een zelf gecreëerd klankbord, haar ene oog zat een beetje dichtgeplakt en met het andere oog keek ze me helder aan. Iemand sprak met haar, zomaar op straat, exact voor het internaat waar ze hoofdschuddend even voor had stil gestaan. Ze had haar lange grijze haren in slierten langs haar magere gezicht getrokken, vrouwen die uit verveling hun haren bewerken daar ze nooit tevreden zijn over hun uiterlijk. Haar haren waren dan ook vettig van het vele kleven, net als haar kleren leken ze niet vaak te luchten in open vensterramen of andere glans middelen dan roos en rook te moeten ondergaan. De panden rond het oude internaat zagen verwaarloosd uit en ik stelde me voor dat ze in een van die panden woonde. Toen ik haar vriendelijk had aangesproken bleek al snel dat ze de broeders kende, en zij er vanaf 1961 woonde.

‘Wie kende u dan’ vroeg ik, waarop ze antwoordde ‘broeder Lodewienus’? Broeder Lodewienus ken ik niet, zei ik maar ik ken wel broeder Lebuinus die is in 2006 gestorven. ‘Ja, der genau’! ‘Ziet u nu wel, ik weet waarover ik praat maar kent u ook de verhalen over dit internaat’, vroeg ik haar beleefd?

‘Kent u die uit Kerkrade die nog leeft’, vroeg ze vertrouwd alsof ze iemand getroffen had die een vergeten familie lid betrof. ‘Oh Valentinus meinen Sie, er liebt schöne jungs’, sprak ik vloeiend in haar taal. Geleidelijk begon de vrouw door te krijgen dat ze niet een metgezel getroffen had, en hoe slordig en afwezend ze mij in eerste instantie ook leek, ze wist meteen te pareren ‘dat iemand gelogen had over die pastoor’!

‘Oh die pastoor uit Maastricht, bedoelt u. Hij is een van de vele martelaren die anderen nodig heeft om zich zaken te herinneren. Alles wat hem uitkomt omarmt die en al het andere is niet waar, ja als je dit wijsheid noemt, dan ga ik met alle plezier terug naar de kleuterschool’!

De vrouw riep: ‘het gaat ze om het geld’!! ‘Geld’? Weet u voor hoeveel geld dit, en ik wees naar het gebouw, allemaal verkocht, verhandelt, en verdwenen is in de zakken van de arme broeders! Ik begreep dat het geloof, de waarheidsvinding, nu op deze plek, voor dit deels dicht getimmerde gebouw waar ik menige jaren van mijn leven tegen mijn wil (zonder amber alert) heb gezeten, gewijd, dat deze opmerking van deze vrouw de hardnekkige ontkenning vertegenwoordigt van onze (zwijg) cultuur. Ik heb meer mensen aangesproken, en niemand die iets wist. Sommige vrouwen zie je trillen wanneer God en de broeders ter sprake komen, over hen zeg je niets verkeerd, het leek mij ook beter om in het Duits te praten want in het abn moet je geen conversatie beginnen. Een man had het over daarginds, hij wees naar de horizon, Kaalheide terwijl nog geen tweehonderd meter verder ons liefdevol internaat lag. En daar stond ik dan…Kaal, ja kaler kan een land niet zijn.

Bleijerheide 8 mei 2

 

 

Spam

Er zaten honderden spam reacties bij de artikelen over Bulletje en Valentinus…een cyber war attack van een congregatie uit een vreemde sterrenstelsel of gewoon de angst voor de beerput arme franciscanen Bleijerheide…onze cyber tegenaanval binnenkort op dit blog!Bert nieuwe paus

Hoe het ook kan, beste daders / getuigen / misbruik / geweld kinderen

Beste,
Op de website van vzw Sporen, het tehuis dat vroeger de naam Jeugdoase had (kwam onlangs in DS en op TV), schrijft de huidige directeur onderstaande brief.
Dit is bij mijn weten de eerste keer dat een organisatie dit op deze wijze doet.
Bisschoppen, parochies, instellingen en katholieke scholen waar het kindermisbruik bestond kunnen hier een voorbeeld aan nemen.
Het is wel ruim laat, maar beter laat dan nooit.
groeten,
Rik
—————————————-
 mea culpa conscience
Op zaterdag 26 april kwamen getuigen op TV aan het woord die
die in de jaren 1960 tot 1985 in Jeugdoase in Heverlee verbleven.
Jeugdoase is nu een deel van Sporen vzw.
Deze verhalen zijn erg schokkend; de mensen die vertelden over wat ze in Jeugdoase hebben
meegemaakt, vertelden over zweepslagen, vernederingen in groep, braaksel opnieuw moeten
opeten, het moeten leven in lokalen zonder daglicht, de invloed van de sekte van Theunis, en andere
zeer erge dingen.
We weten dat deze verhalen waar zijn; in 1985 is er een rapport geweest van een Werkgroep
Bijzondere Jeugdzorg, een Panoramareportage op televisie, er zijn toen artikels in de krant
verschenen, er is een gerechtelijk onderzoek geweest naar sexueel misbruik (wij denken dat er toen
ook mensen veroordeeld zijn, maar dat moeten we nog verder uitzoeken).
We vinden het heel erg wat er toen gebeurd is.
En we vinden het ook heel erg dat de tekst “40 jaar Sporen” , die we in 2004 over de geschiedenis
van Jeugdoase schreven op onze website, mevrouw Lafosse vermeldde als de “drijvende kracht
achter Jeugdoase” en niets vertelde over de mishandeling en terreur die er toen was.
Nochtans was er minstens 1 slachtoffer dat in 2004 met ons contact heeft gezocht, en verteld heeft
over wat er gebeurd is, en waar we niet goed naar geluisterd hebben.
We vinden het ook heel erg dat we al die jaren niets gedaan hebben voor de slachtoffers; we hebben
er niet bij stilgestaan dat kinderen die mishandeld en geterroriseerd zijn, jaren, tientallen jaren
kunnen nodig hebben om te durven spreken over wat er met hen gebeurd is, en dat we hen hierbij
hadden moeten helpen.
Voor deze dingen excuseren wij ons bij de slachtoffers en hun families.
In de volgende dagen, weken vragen wij raad aan het Centrum voor Slachtofferhulp, en aan andere
organisaties en diensten, hoe we het best de slachtoffers – die dat willen – kunnen helpen, hoe we
hen erkenning kunnen geven voor wat er gebeurd is.Daarnaast zoeken wij zoveel mogelijk informatie over wat er juist in de kranten, het rapport van
1985, in de getuigenissen van toen, staat, om op een eerlijke en juiste manier deze geschiedenis te
vertellen, onder andere op onze website.
Sinds 1985 hebben we een hele evolutie doorgemaakt: het samenwerken met kinderen, jongeren,
ouders en families, het flexibel werken (en thuis en in de leefgroep), het decreet Rechtspositie van de
Minderjarige, de kwaliteitsprocedures, de klachtendiensten, de tevredenheidsmetingen, de
Zorginspecties, … dit alles maakt dat we veel meer open spreken en schrijven over wat we doen, en
dat we meer open staan voor opmerkingen en vragen over hoe we werken, voor inspraak in hoe we
werken.
Nochtans, zoals de kinderrechtencommissaris vorige week nog terecht opmerkte, misbruik en
geweld behoren niet alleen tot het “duistere” verleden; ook nu zijn er situaties waar volwassenen
met kinderen en jongeren in kwetsbare situaties omgaan, bijvoorbeeld gescheiden van hun families
en ouders in de residentiële jeugdzorg, in zulke situaties is het risico op machts- en ander misbruik
steeds aanwezig. In de praktijk gaat het hier in de helft van de situaties om misbruik tussen
leeftijdsgenoten, maar is het ons (professionelen) niet gelukt om de kinderen veilig te houden.
Ook na 1985 hebben we nog “misbruik”situaties meegemaakt – minder ernstig en zeer ernstig – we
hopen, – en denken na over -, dat we daar toen goed mee zijn omgegaan.
Indien je hierover met vragen of opmerkingen zit, of een melding wil doen, kan je altijd contact
opnemen met het Meldpunt Geweld op telefoonnummer 1712, of met het Centrum voor
Slachtofferhulp (bij het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk).
Indien jullie hierover rechtstreeks met ons willen spreken, wil ik graag tijd voor jullie maken.
Ook bij de context- en leefgroepbegeleiders, de teamcoördinatoren, onze ombudsdienst, kan je
terecht om hier over te spreken.
Met vriendelijke groeten,
Namens de medewerkers van Sporen vzw,