Stasi

Bij ons zijn verhalen binnen gekomen waar de kennis die priesters in de biechtstoel opdeden, gebruikten om hun macht te vergroten. Vervolgens werd  misbruik van deze kennis / persoonlijke informatie gemaakt. Soms ging het verder dan een reprimande, soms werden kinderen gechanteerd en later zelfs seksueel misbruikt. U denkt in Amerika? Nee, hoor in onze warme provincie gebeurde het regelmatig, en lang geleden op ons Bleijeheide internaat wist de minder-broeder / pater ofm2 in het Deetman boek, door de biecht van misbruik door andere broeders maar hij ondernam niets. Waarom niet, omdat hij zelf deel uitmaakte van deze omerta, dit zijn zelf gemaakte regels om dingen te verzwijgen: kortom de biecht was het perfecte ‘Stasi’ instrument om mensen te compromiteren.

De mechanismen die ontstaan in zo’n organisatie, zijn heel zichtbaar in het kloosterleven. Ik heb zowel bij nonnen als broeders gezeten. Ik heb er niet om gevraagd om dit kloosterleven te ondergaan, te belijden of te bezingen. Maar geleidelijk word je ondergedompeld in deze schimmige, mystieke wereld waar mannen in bruine rokken paraderen die ze met moeite mee torsen. Ze zingen prachtige Gregoriaanse stukken en kijken strak vooruit, maar werpen speelse blikken op jongetjes en misdienaars. Je voelt en ruikt deze mannen en het klopt niet met de geest van zuiverheid die ze jouw als kind voorspiegelen. Het begint al bij de geboorte waar de erfzonde op je kale hoofd, je prille hersens werd gesprankeld. Deze brainwash was bereid je iedere dag onder te dompelen in een ontketende onechtheid en levenswaan op het internaat. Als je probeerde in verzet te komen is het erop of eronder, de erfzonde als eeuwige oerlast. Je wordt overgoten met angst, met een list en suggestie dat er ‘iets’ fout met je is. De biecht kende dit aangeboorde schuldcomplex, en oh wee als je niets stouts kon bedenken dan voelde je je helemaal schuldig. Soms zat ik achter dat gordijntje en dan zweeg ik. De pater der minder-broeders keek dan onderzoekend of er nog iets uit mijn pril tiener mondje kwam. ‘Ik weet niks’, stamelde ik dan gespannen. ‘Niet dat ik altijd braaf ben, maar nu schiet me niks te binnen’! Dan riep de pater: ‘je kunt je toch wel iets herinneren’! ‘Nee, pater nu niet’ en je verzon wat om zo snel mogelijk dat vreselijke hok uit te sprinten. ‘Ik haat uw dreigementen pater’, ach had ik dat toen maar kunnen zeggen. En…….

‘En is het wel goed dat de ziekenbroeder altijd je ballen wilt testen voor een mogelijke liesbreuk…pater’? 

Klooster komt van claustrum (afgesloten ruimte) claustrofobie komt van claudere, en dat betekent sluiten. Bekend verschijnsel bij bisschoppen en priesters.